De saaie akker is straks 'doe-natuur'

Het laagste punt van Flevoland wordt mogelijk het mooiste natuurgebied van Nederland: het Oostvaardersland...

Lelystad Hogelijk verbaasd lijken ze, de paarden van de kudde die in het meest uitgestrekte maar minst bezochte loofbos van Nederland aan het grazen zijn. Er gaan dagen voorbij dat niemand in deze ‘stille kern’ van het Horsterwold in Flevoland de rust verstoort, nu staan er opeens twee bezoekers op een dijkje en alle paardenhoofden draaien in hun richting.

Een van de bezoekers, Rob van der Werff, zegt: ‘Als inwoners van Almere de natuur in willen, gaan ze naar het Amsterdamse Bos of naar de duinen. Dat is overbelast gebied. Terwijl het hier, naast de deur, stil is.’

Maar dat gaat veranderen, weet Van der Werff. Over een jaar of tien zal het Horsterwold een veel drukker bezocht natuur- en recreatiegebied zijn. Met veel ‘doe-natuur’. Dat weet Van der Werff omdat hij in Flevoland leider is van het meest ambitieuze natuurproject van Nederland, het Oostvaarders Wold.

Met de aanleg van deze ‘ecologische verbindingszone’ tussen de Oostvaardersplassen en het Horsterwold moet een van de grootste aaneengesloten natuurgebieden (15.000 ha) van Nederland ontstaan. Werktitel voor dat gebied: Oostvaardersland.

In de auto gaat het nu over de Gruttoweg, door eentonig en rechtlijnig akkerland, met hier een daar een grote, moderne boerderij. Dit moet in 2014 een groene corridor zijn van 10 kilometer lengte en maximaal 2 kilometer breedte.

Met behulp van ecoducten en groene tunnels kunnen herten, konikpaarden, heckrunderen, otters, bevers, spitsmuizen en salamanders bewegen tussen het Horsterwold en de Oostvaardersplassen. En de Veluwe is dan ook niet ver meer. Uiteindelijk kunnen de edelhertpopulaties uit Duitsland, van de Veluwe en van de Oostvaardersplassen zich vermengen in een veel groter leefgebied.

Maar dat duurt nog even. Rob van der Werff hoopt vooral dat volgende week de ecologische verbindingszone van 1650 hectaren definitief wordt vastgesteld door de provincie, al of niet met een paar honderd extra hectaren voor kiekendieven die moeten wijken voor woningbouw in Almere.

Zo blijft de vaart in het project en kan wellicht over een jaar of twee – de procedures nemen hun tijd – de spade in de grond. Flevoland ligt daarmee voor op andere provincies die worstelen met de verbindingszones in het kader van de ecologische hoofdstructuur (EHS), het grote natuurplan dat in 2018 af moet zijn.

Het Horsterwold is nu nog wat eentonig bos, moet Rob van der Werff toegeven. ‘Het is nog jong en er zitten grote delen rechttoe rechtaan productiebos bij. Maar Staatsbosbeheer laat het nu deels verwilderen. En door de vruchtbare grond groeit het bos snel volwassen.’

In het Horsterwold zal straks de recreatie worden geconcentreerd. Nu al zijn er campings, een Center Parcs-terrein en een golfbaan aan de randen. De robuuste verbindingszone zal, op de rust- en leefgebieden voor edelherten na, ook toegankelijk zijn voor recreanten. Volgens Van der Werff blijven de Oostvaardersplassen ‘specialistisch natuurgebied’ en deels gesloten voor publiek. ‘Straks is overal de bronst van de herten te zien. Nu moet je in mei inschrijven voor een groepsexcursie in het najaar.’

Van der Werff parkeert zijn auto bij het uitzichtpunt aan de Praamweg. Alsof het niets is, zie je vanaf hier tientallen, nee honderden edelherten, heckrunderen en konikspaarden in het wat kale winterlandschap.

Een paar weken eerder had terreinbeheerder Hans Breeveld het bronstgeweld van dichtbij laten zien. Hij pareerde de kritiek dat edelherten toch wel veel begroeiing hadden weggevreten: ‘Het is deels oude vegetatie, er komt nieuwe voor in de plaats.’ Ook gaf hij hoog op van de toekomstige uitbreiding van het gebied met veel bos. ‘Het is een droomproject.’

Voor boeren is daarin geen plaats. Rond de dertig agrarische bedrijven moeten wijken. ‘Moeilijk te begrijpen,’ zegt Marc Geling, die namens LTO-Noord lange tijd in de ‘klankbordgroep’ van het project zat, totdat hij eruit stapte. ‘Dit is de beste landbouwgrond van Nederland. Veel boeren zijn hier tien, vijftien jaar geleden naartoe verhuisd omdat ze elders weg moesten vanwege de natuur. En nu moeten ze weer weg. Dat is emotioneel zwaar. En zulke goede grond krijg je nooit terug.’

Dat laatste relativeert Rob van der Werff. ‘De landbouwgrond is nu wel goed, maar over twintig jaar ligt dat anders. Want dit is ook het laagste punt van Flevoland. Hoe langer je hier het water blijft wegpompen, hoe meer de bodem inklinkt. Je pompt jezelf hier omlaag. Terwijl dit gebied juist vanwege die lage ligging heel geschikt is voor wateropvang. Ook dat wordt een functie van Oostvaarderswold.’

Veel boeren zijn inmiddels met de provincie in gesprek over verhuizing. ‘Het wrange is,’ vindt Van der Werff, ‘dat projectontwikkelaars bedrijven die net buiten het groene gebied liggen, voor veel geld hebben uitgekocht. Ze speculeren op woningbouw van Almere. Sommige boeren worden dus in een klap miljonair. Hun collega’s, een paar honderd meter verderop, krijgen slechts de kans om elders door te boeren.’

Meer over