De Rode Hen was genadeloos precies

De Brabantse bestuurder Joep Baartmans-van den Boogaart zette zich schrap tegen het Randstad-denken.

Peter de Waard
null Beeld
Beeld

'De noordelijke lobby heeft in Den Haag beter gewerkt dan de onze. Vooral het Brabants Orkest wordt nu getroffen', stelde ze een keer vast.

De Brabantse politicus Joep Baartmans-van den Boogaart streed nogal eens tegen wat ze het Randstad-denken noemde. Cultuurgeld werd uit Brabant weggehaald ten behoeve van de Randstad en de noordelijke provincies.

Baartmans-Van den Boogaart, gedeputeerde van de provincie en waarnemend burgemeester in vier Brabantse gemeenten, overleed 29 september op 77-jarige leeftijd aan de gevolgen van kanker. Ze werd 6 oktober herdacht op een bijeenkomst in het provinciehuis in Den Bosch. Liefst 450 belangstellenden waren daarbij aanwezig, onder wie vier (voormalige) commissarissen van de koning. Frank Houben en Wim van der Donk spraken daar.

Joep Baartmans-van den Boogaart was een groot pleitbezorger voor de podiumkunsten. In 1995 werd zelfs een tweejaarlijkse popprijs naar haar vernoemd: de Joepie. Haar zoon Bart-Jan 'BJ' Baartmans is een bekende zanger-gitarist geworden.

Ze werd als Joep van den Boogaart geboren in een arbeidersgezin van zeven kinderen in Eindhoven. Dat ze na het het gymnasium Nederlands in Nijmegen mocht gaan studeren, was vooral te danken aan Nol van Roessel die op de lokale omroep het programma De Contente Mens had en een huisvriend was. Vóór Joeps eindexamen ging Van Roessel naar haar vader om te pleiten voor een studie aan de universiteit: 'Iedere katholieke intellectueel is er één, meneer Van den Boogaart.'

Op de universiteit leerde ze haar man Jacques Baartmans kennen. Omdat hij na zijn studie een baan als leraar kreeg op het Elzendaal College in Boxmeer gingen ze daar wonen. Ook zij werd begin jaren zeventig leraar aan dezelfde school. Ze waren allebei actief voor de PvdA. In 1974 werd Joep Baartmans lid van de gemeenteraad. Ze kreeg hier de bijnaam van De Rode Hen omdat ze zo precies en gedegen was in haar werk en dat heel direct uitte.

In 1982 werd ze lid van de Provinciale Staten en in 1987 gedeputeerde voor Cultuur, Onderwijs en Welzijn. 'Ze was eerder een bestuurder dan een politieke tijger. Ze kon bijna intimiderend zijn doordat ze zo genadeloos precies was in haar formuleringen dat er geen speld meer tussen de krijgen was', zegt haar zoon. Nadat ze in 1995 was teruggetreden werd ze waarnemend burgemeester van Heusden, Schijndel en in 1999 Son en Breugel. 'Dat was in die tijd een slangenkuil omdat de gemeente een herindeling wachtte waar iedereen tegen was. Zij zei in het sollicitatiegesprek voor te zijn, maar streed later met de mensen mee. Haar laatste post was Vught.

Haar man Jacques Baartmans zette zich in voor alfabetisering en de wereldwinkel, terwijl meestal in dergelijke situaties de mannen de bestuurders zijn en de vrouwen de sociale taken doen. 'Maar emancipatie was bij mijn ouders vanzelfsprekend', aldus Bart-Jan. Ze hadden vaak pleegkinderen in huis: kinderen die thuis waren vastgelopen of afkomstig waren uit de Derde Wereld.

Ze had veel nevenfuncties, zoals die bij het Brabants Landschap en het Nationaal Monument Kamp Vught. Twee jaar geleden zette ze daar een punt achter. 'Toen ze hoorde dat ze ziek was, had ze daar in zoverre vrede mee dat ze vond dat ze met name bij die functies echt een stap had kunnen maken en iets blijvends had achtergelaten. Ze had een rijk en warm leven gehad en iets bereikt. Het enige jammere vond ze dat ze haar archief niet had kunnen schonen.'

Meer over