De Robin Hood van Algerije

Bijgestaan door drie acteurs en het witte doek voert Hakim - die van Sesamstraat - de kijker mee naar zijn geboortedorp in Algerije....

Bart Deuss

Na op aanstekelijke wijze verteld te hebben over zijn jeugd in Algerije, laat Hakim zijn publiek meekijken naar die film van vroeger, over de edelmoedige struikrover Jaha. Al snel valt hem op dat zijn held niet meer zo doortastend is als vroeger. Hij is oud geworden. Hakim maant zijn 'oude' idool tot spoed want die prinses moet nu echt uit de klauwen van de boeven gered. Er ontstaat een dialoog tussen filmheld en bewonderaar. Behalve dat de film niet meer beantwoordt aan de herinneringen zoals Hakim die koestert blijkt ook dat slechts het begin en het einde op de spoel zitten. De rest is verdwenen. Dus moeten Hakim en zijn spelers het ontbrekende deel er zelf bij spelen.

Daarop volgt een aaneenschakeling van verkleedpartijen, schimmenspel achter het doek, verwisselingen van personages en wat dies meer zij. Menig kritische theaterkijker zal zuchten van de John Lanting-achtige fratsen die het viertal opvoert en echt tempo wil het spel niet krijgen. Of toch, als er een stevig raï-nummer wordt ingezet, met het volume op tien.

Uiteindelijk is het allemaal spel, illusie van het witte doek en is Hakim een mimespeler, een goochelaar die uitblinkt in de verstilling, in de ontwapenende blik. En komt hij op ingetogen wijze aan het einde met een bevredigend antwoord op de vraag waarheen het sprookje leidt. Op film wandelt de Algerijn zijn geboortedorp in om afgeleid te worden door een heel bekende geur. Die van het brood dat zijn oma vroeger bakte. Het lekkerste brood van de wereld. In de film kan oma haar kleinzoon niet horen, zij is immers alleen een herinnering, een geur. En natuurlijk staat het brood voor de basisbehoefte van de gewone man, waarvoor de Robin Hood van Algerije het steeds weer opneemt.

Meer over