De revoluties van De Volharding

Bijna de helft van het orkest De Volharding vertrekt – veelal niet vrijwillig. Van een coöperatie met ‘medezeggenschap’ werd het orkest een stichting ‘met kwaliteitsnormen’....

Roland de Beer

Mei 1972

Mei 1972
Zo klinkt de revolutie in Theater Carré: geschreeuw, gefluit en geklap begeleiden De Volharding bij haar eerste presentatie. De Volharding is dan nog de titel van een stuk, gecomponeerd door Louis Andriessen. Hij brengt het aan de piano in première met negen ‘blazende medewerkers’: trompettisten, trombonisten, en de saxofonisten Willem Breuker, Theo Loevendie en Herman de Wit. Het volgepakte Carré vertolkt, lang voor Andriessens hamerende en toeterende synthese van minimal music en jazz is afgelopen, de rol van medestander en boeroeper.

Mei 1972
Inklusief Konsert is het motto van de nacht, een marathon van de ‘alternatieve muziekpraktijk’ vol Stockhausen en Schat, pop van Supersister, improvisatie van Misja Mengelberg en Han Bennink, muziektheatrale anarchie (Het leven van Rosa Luxemburg), vedels en blokfluiten – alles wat zich niet laat associëren met dat ‘burgerlijke symbool dat elke vernieuwing belemmert’: het symfonieorkest.

Mei 1972
‘Orkest De Volharding’, heet het ensemble dat een maand of wat later een straatpodium beklimt in de Amsterdamse Dapperbuurt, uitgenodigd door aksiegroep De Sterke Arm (‘voor betaalbare woningen’). In de RAI wacht al snel een Waarheidfestival van de Communistische Partij Nederland, klaar voor het Solidariteitslied van Hanns Eisler en de Internationale.

Mei 1972
Een klankideaal (‘niet truttig, zweverig, onecht, pietepeuterig of esthetiserend-mooi’) werd een stuk. Het stuk werd een ‘orkest’: De Volharding, parel van een linkse beweging die in 1968 door een verrekijker de barricaden zag in Parijs, en in Nederland haar eigen muzikale verzet cultiveerde in grachtenjazz, Vietnamconcerten en een ‘Notenkraker’-actie.

Mei 1972
Er kwam een bassist bij, met onmiddellijk tegenwicht van een hoornist (Jan Wolff), een fluitiste (Dil Engelhard) en een nieuwe saxofonist (Bob Driessen), die Loevendie opvolgde. Immers: ‘Blazen staat dichtbij een volk dat is opgegroeid met optochten en met harmonie- en fanfareorkesten’, zoals destijds met ijzeren nadruk werd betoogd in een documentaire van de VPRO-tv over een ‘orkest dat zelf zijn uitvoeringen selecteert op mensen en maatschappelijke relevantie van de bijeenkomst’.

Mei 1972
Al spelend en discussiërend, ‘zoekend naar een verband tussen productie en consumptie van muziek’ eiste De Volharding ‘macht en medezeggenschap’ op, om te beginnen maar binnen het eigen orkest zelf. Wat er gespeeld werd, en voor wie, daarover beslisten de leden via ‘onderzoek’ en ‘leerprocessen’.

Mei 1972
Zoals de dialectisch begaafde trombonist Willem van Manen in de VPRO-documentaire van Pieter Verhoeff aangaf: ‘De Volharding is erop gericht mensen aan het denken te zetten over sociale structuren, en dat zelf toe te passen door een bepaalde politiek binnen de muzieksituatie.’

Mei 1972
Bij de revolutie hoorde een woordkeus en een omgangsvorm.

Mei 1972
Na drie jaar spelen pro en contra de stadssanering, Chili, kraken, kernwapens, collegegelden en seksuele hervorming, tekenden zich breuklijnen af. Het Solidariteitslied, de jazz- en klassiekmix van Darius Milhaud (La création du monde), de Vietcongmars Bevrijd het Zuiden, volgens de saxofonist Willem Breuker was het ‘iedere keer hetzelfde grapje’. ‘We moeten ons niet laten afneuken door wat liedjes te spelen. De beuk erin.’

Mei 1972
Verhoeffs documentaire De Volharding, een muziek-politiek eksperiment – uit 1975, en onder nostalgici nog altijd circulerend op video – liet zien hoe dezelfde Breuker in een plenaire Volhardingvergadering met pils, Bols en shagtabak werd beschuldigd van ‘traineren’. ‘Hij wil niet componeren, niet improviseren, en vindt inleidingen houden waardeloos.’

Mei 1972
De hoornist Jan Wolff zag een impasse in de twee tradities die in het orkest samenkomen. Jazz en klassiek. ‘Dat schijnt dus niet te lukken.’ Breuker: ‘Elkaar solidariteit opdringen, daar krijg je mij niet voor.’

Mei 1972
De trompettist Cees Klaver raakte een open zenuw: hij vond De Volharding ‘geen groep’. ‘Het wordt al moeilijk als ik kraaievalse noten hoor, dan kan ik niet lekker meer spelen.’ Conclusie van Verhoeff, met dank aan Louis Andriessen: ‘De Volharding gaat door, ondanks discussies, dankzij discussies.’

September 1997

September 1997
Zo klinkt een 25-jarig Volhardingjubileum in Carré: met de geboortehymne De Volharding, beluisterd in nette concertambiance. Ditmaal zonder Andriessen aan de piano. Hij is net als Breuker en Wolff al een jaar of 22 niet meer van de partij, en de pianist heet sindsdien Jaap Dercksen.

September 1997
Ook klinkt er ensemblewerk van Cornelis de Bondt en de Amerikaan Michael Torke. Voor hun complexe repertoire heeft De Volharding inmiddels het contrarevolutionaire fenomeen ter beschikking van een dirigent.

September 1997
De acteur Peer Mascini vraagt zich in een jubileumconference af waar De Volharding in hemelsnaam was, toen werknemers uit de haven eerder dat jaar de Coentunnel blokkeerden. Het orkest is deel geworden van een Nederlands ensemble-bestel voor nieuwe concertmuziek. Het laat zijn repertoire (anno 1997 al honderden opdrachtstukken, van Torstensson tot Klaas de Vries) niet meer met voorrang componeren op basis van ‘thema’s en gegevens van wat de lagere muziekcultuur heet’. Van de 13-koppige bezetting uit de begintijd zijn naast Van Manen alleen de saxofonist Bob Driessen en de fluitiste Dil Engelhard nog van de partij. Gebleven is het energieke cultuurmixgeluid, waarin anno 1997 niet al te moeilijk wordt gedaan over onderlinge afwijkingen in de tettertoonhoogte.

September 1997
De Volharding was in ’97 nog steeds een ‘coöperatieve vereniging’ met zelfbestuur.

Mei 2008

Mei 2008
Zo klinkt gisting in de huidige Volharding, en opnieuw blijkt met de muziek ook de omgangsesthetiek onderhevig aan verandering: ‘Het meest linkse orkest van Nederland is het meest rechtse geworden.’ Dat zegt de bastrombonist Hans Visser. Daarmee doelt hij niet op de gearrangeerde liederen van Thé Lau, met wie het orkest momenteel door het land trekt – zonder Hans Visser. Met zijn pianocollega Jaap Dercksen is Visser op een onfatsoenlijke manier uit De Volharding gezet, vindt hij.

Mei 2008
En bovendien: ‘De trompettisten Louis Lanzing en Bob Koertshuis zal het publiek óók niet meer zien in De Volharding. De fluitiste Dil Engelhardt zit op de wip. De saxofonist Bob Driessen mag alleen nog baritonsax spelen, wat in de praktijk zal betekenen dat je hem nog maar sporadisch tegenkomt, zolang het duurt. ’

Mei 2008
Volgens Visser (59) kan De Volharding worden omgedoopt tot De Verharding. Zijn trompetcollega Louis Lanzing ziet meer in De Misleiding. Een verloop van bijna de halve Volharding, dat lijkt ook geen klein percentage, zeker voor een vereniging die zelf haar boontjes dopt.

Mei 2008
Maar daar zit volgens Visser de adder onder het gras: ‘De coöperatie is omgezet in een stichting. Ons werd voorgehouden dat de subsidiegever hierom zou hebben verzocht. Nu blijkt dat de omzetting bedoeld is om oudere musici eruit te werken. Van een stichting zijn we immers geen lid meer.’

Mei 2008
‘Er is gemanipuleerd’, meent pianist Jaap Dercksen (53). Zijn steen des aanstoots is een onlangs gehouden anonieme enquête waarin Volhardingmusici gevraagd werd te oordelen welke medemusici niet voldeden. Dercksen heeft er niet aan meegedaan. Een commissie van twee, bestaande uit Volhardingdirigent Jussi Jaatinen en artistiek leider Anthony Fiumara, trok conclusies uit de formulieren, waarna zakelijk leider Els Wijmans de musici Visser, Dercksen, Engelhard en Driessen opriep voor een ‘gesprek’. Visser (‘elke discussie over vernieuwing moet natuurlijk mogelijk zijn’) spreekt van een ‘fraudegevoelige methode’. Trompettist Louis Lanzing van een ‘onsmakelijke procedure’.

Mei 2008
‘Ik hoefde niet op te draven’, zegt Lanzing (49). Hij zegt inmiddels wel een aangetekende brief te hebben gekregen met de boodschap dat hij niet meer wordt uitgenodigd. Hij heeft een advocaat ingeschakeld. ‘Ik had me kritisch uitgelaten in brieven en mails.’ Lanzing heeft ‘drammerigheid’ geproefd in de wens een stichting te worden. ‘Els Wijmans wil gewoon directeur spelen zonder door musici lastig te worden gevallen.’

Mei 2008
‘Het lijkt wel dictatuur’, zegt Bob Koertshuis (39), sinds drie jaar Volhardingblazer en daarnaast eerste trompettist van het Gelders Orkest. Volgens Koertshuis was de omstreden enquête ‘niet bedoeld voor liquidaties, maar om in kaart te brengen wat we kunnen verbeteren’. Hij stuurde een ‘aangetekend schrijven’ (‘Ik ben beschikbaar mits Visser en Lanzing meedoen’), en vernam niets meer. ‘Ik ben geëxcommuniceerd.’

Mei 2008
Koertshuis: ‘Lanzing is iemand die zich direct uit. Ik heb in de ondernemingsraad van het Gelders Orkest óók wel eens verhitte discussies gehad. Dat kan toch nooit reden zijn voor ontslag?’

Mei 2008
Els Wijmans werd zes jaar geleden zakelijk leider. Haar bazen waren de Volhardingmusici. In datzelfde jaar trad de componist en muziekjournalist Anthony Fiumara aan als artistiek leider op freelance-basis. Het beeld van een bloedbad in De Volharding anno 2008 is ‘overtrokken’, stellen ze, ten kantore van De Volharding in het Muziekgebouw aan ’t IJ.

Mei 2008
Fiumara: ‘Wat zo geweldig is aan De Volharding, is dat dat hele nadenken over hoe we verder moeten vanuit De Volharding zelf is gekomen.’ Wijmans: ‘Voor een omzetting naar een stichting moet je als vereniging naar een rechtbank. Daar kan niemand ander iets over zeggen. Ik moet zeggen, ik heb het met bewondering gadegeslagen.’

Mei 2008
Wijmans: ‘En wat leuk is, ze hebben daar een traject voor gevolgd bij Kunst en Zaken, een OCW-organisatie met expertise uit het bedrijfsleven. Niet alle subsidiënten dwingen cultural governance af, maar een VSB Fonds weigert aanvragen te honoreren voor projecten waarbij de uitvoerders dezelfden zijn als de aanvragers.’ Fiumara: ‘Het is ook raar als een trompettist die penningmeester is, en de directeur controleert op geld, dat de directeur diezelfde trompettist weer een contractje moet geven om hem aan te nemen.’

Mei 2008
Fiumara: ‘De tweede poot, die liep al veel langer: wat doen we nou met de doorstroming en met de speelkwaliteit? Daar zat achterstallig onderhoud op. Ik vind het knap hoe de musici daar uit zijn gekomen.’

Mei 2008
Wijmans: ‘Er zijn gesprekken geweest met de heer Visser, en in die gesprekken is het ons niet gelukt het met elkaar eens te zijn over hoe we moesten omgaan met de kritiek op zijn functioneren en met de kwaliteitsnormen die je in De Volharding zou moeten hebben. Daar zijn we helaas niet uitgekomen. Dat noemen we dan een vaststellingsovereenkomst.’ Fiumara: ‘Met Dercksen op dezelfde manier.’

Mei 2008
Wijmans: ‘En met de heer Driessen en mevrouw Engelhard op een wél bevredigende manier. Niet dat ik wil zeggen dat het zonder pijn is. Ik zeg niet dat die mensen geen verdriet hebben. Met Dil zijn we in gesprek, gisteren nog een hele middag.’

Mei 2008
Fiumara: ‘En dan heb je nog het simpele feit dat Louis Lanzing een arbeidsconflict heeft met het bestuur. Wijmans: ‘Dat staat daar buiten. Helaas zijn we er nog steeds niet uit met de heer Lanzing.’

Mei 2008
Fiumara: ‘Wat ik mooi vind, het was revolutie toen het orkest werd opgericht in ’72. Maar dit is ook revolutie, wat er uit die spelers is gekomen. Prachtig, dat het ensemble zo’n veerkracht heeft en zo naar zichzelf durft kijken.’ Wijmans: ‘Aan de enquête hebben twaalf mensen meegedaan. En al heeft niet iedereen over iedereen ingevuld, ook de vragen zijn goedgekeurd door de musici’.

Mei 2008
Fiumara: ‘En vervolgens manipuleren? Kom op hé, in De Volharding wordt sinds jaar en dag gepraat over de klankkleur en de kwaliteit. Het moest echt een keer uit die wandelgangen. Het moest bespreekbaar worden.’

Mei 2008
Marian van Dijk, voormalig directeur van de muziekuitgeverij Donemus en sinds kort voorzitter van De Volharding, bestrijdt dat ze kansen heeft laten liggen om ‘rotzooi’ en het verwijt van ‘manipulatie’ te voorkomen. ‘Het bestuur is niet verantwoordelijk voor de uitvoering van het personeelsbeleid. Het is er slechts verantwoordelijk voor dat het volgens de juiste procedure verloopt.’

Mei 2008
Michiel van Dijk (45), Volhardingsaxofonist: ‘De ellende was afgrijselijk. Het orkest is jaren gegijzeld geweest door een manier van denken en doen uit voorbije jaren. Die puist is opengesprongen.’ Bob Driessen (61), voortaan alleen baritonsax: ‘Ik wilde zelf al minderen.’

Mei 2008
Hoornist uit de oertijd Jan Wolff, nu directeur van het Amsterdamse Muziekgebouw: ‘Veel ensembles uit de jaren zeventig, tachtig zitten momenteel in een fase waarin knopen moeten worden doorgehakt over doorstroming. Je krijgt er altijd gesodemieter mee. Zeker als ze het laten doorsudderen. De Volharding heeft een eigen klank en moet daar mee doorgaan. Ik ben pas nog eens gaan luisteren en vond ze al gegroeid, van een zes min naar een zeven en een half.’

Mei 2008
Louis Andriessen (69) onthoudt zich van commentaar. ‘Ik weet weinig van de huidige Volharding.’

Meer over