ANALYSE

De rauwe bewegingen van de amateurdanser

Het is een trend: choreografen die met 'gewone mensen' werken. Niet tussen de schuifdeuren, maar op de grote podia en festivals. Waarom, wat levert het hun op?

Amateurdansers in Guerrilla van het Spaanse danscollectief El Conde de Torrefiel Beeld Titanne Bregentzer
Amateurdansers in Guerrilla van het Spaanse danscollectief El Conde de TorrefielBeeld Titanne Bregentzer

Steeds meer choreografen maken voorstellingen met 'gewone mensen'. Ongetrainde lichamen, zo van de straat geplukt, in alle maten, kleuren en leeftijden. Het zijn bloedserieuze kunstprojecten, geen sociale ondernemingen. De ontwikkeling is al langer gaande, maar lijkt nu een trend geworden. Dit seizoen zagen we 'ervaring niet vereist'-projecten op het Theaterfestival, bij Rotterdam Danst, Spring, Holland Festival en Julidans. Vanavond op Noorderzon doen zo'n tachtig Groningse vrijwilligers hun stinkende best in Guerrilla van het Spaanse collectief El Conde de Torrefiel.

Wat bezielt choreografen de verfijnde lichaamsbeheersing van de professional links te laten liggen? Hoog genoteerd staat: de 'directheid' van de amateur. De Vlaamse choreograaf Ives Thuwis maakte met de Zwitserse regisseur Sebastian Nübling Melancholia, een stuk voor twintig jongeren en een barokorkest. Thuwis: 'Ongeschoolde performers kunnen zich niet verbergen achter techniek en reageren vaak intuïtief, omdat ze niet, zoals beroeps, bezig zijn met de consequenties voor het stuk als geheel. Er zit niks tussen wie ze zijn en wat ze doen. Bij dansers ben ik snel verveeld, wil ik hun bewegingen rauwer maken. Bij jongeren is de start rauw, die moet ik daarna polijsten. Toen ik ze vroeg naar hun lievelingsbeweging schoot een meisje meteen in een galopje. Ontroerend.'

De, ook Vlaamse, choreograaf Jan Martens geeft een extreme invulling aan zijn verlangen naar 'authenticiteit'. In The common people ontmoeten mensen elkaar op het toneel voor het eerst. Ze gaan, aanvankelijk met gesloten ogen, een duet aan met een onbekende. Hun houvast is een A4'tje met een scenario met bewegingsaanwijzingen dat Martens ze vlak voor aanvang laat lezen. Martens: 'Het stuk gaat over aarzeling in relatie tot intimiteit en dan zijn mensen met een niet-evident danslichaam beter: hun aarzeling is kwetsbaarder dan die van de professional. Daarom heb ik maar drie voorbereidende workshops gegeven, ze moeten niet te zeker worden. Het werk zit 'm in de scenario's en de montage van de 24 duetten.'

Meestal choreografeert Martens met 'echte' dansers. Ook dan zoekt hij authenticiteit. 'Door gecontroleerd en fysiek uitputtend te choreograferen, verdwijnt alle schone schijn net zo goed. Voor mij is er dus weinig verschil. Wel hebben niet-professionals mij geleerd vrijer te zijn en oog te hebben voor het soms grootse effect van subtiliteiten.'

Massaal

Sommige choreografen maken van het waarom een filosofisch punt. 'Bij mij gaat het om de mens. Ik kan in tal van mensen en bewegingen schoonheid zien', stelt de Duitse Nicole Beutler, die hoge ogen gooide met de jongerenproductie Liefdesverklaring, een bewerking van Peter Handkes Publikumsbeschimpfung. Haar Franse collega Olivier Dubois, die bij Productiehuis Rotterdam met veertig Rotterdamse mannen en één danser werkte, riep altijd al: 'Ik werk met mannen en vrouwen die dansen. Met mensen, niet met dansers of danseressen. Amateur of niet: ik laat ieders talent komen waar ík wil dat het moet zijn. Dat verandert mijn aanpak niet.'

Ook om praktische redenen zijn amateurs populair: ze zijn goedkoop en maken omvangrijke groepsstukken mogelijk, zeker nu de overheidsbijdragen voor kunst afnemen. En op het toneel is opvallend veel behoefte aan massa. Zo wilde Dubois de eenzaamheid van een keizer laten zien, en deed dat door hem tegenover een menigte te zetten. De mensenmassa op zich en de rol en verantwoordelijkheid van het individu daarbinnen, zijn vaker het onderwerp, zoals in Multitud, waarmee de Uruguayaanse Tamara Cubas in het Amsterdamse Erasmuspark neerstreek.

De cynicus denkt wellicht: zet je amateurs in voor imposante groepsbeelden, dan zie je hun beperkingen minder. Slim. Maar volgens theatermaker Tanya Beyerler van El Conde de Torrefiel is het werken met veel performers een teken van deze tijd en inhoudelijk gemotiveerd. 'Alles is nu massaal. Kennelijk willen we daarvan in het theater getuige zijn. Amateurs zijn een betaalbare manier om iets met de grandeur van opera te maken.'

Beyerler zet in Guerrilla 'stillevens' neer. Drie scènes: mensen luisterend op een conferentie, de juf volgend in een tai-chiles en losgaand in de disco. Geprojecteerde teksten tonen de gedachten van de performers, twintigers en dertigers. Het zijn herinneringen aan hun grootouders. Beyerler: 'Vroeger kwam iedereen die je kende uit hetzelfde dorp. Dat gemeenschapsidee bestaat niet meer. Mijn generatie reist, is digitaal verbonden. In één persoon komen veel verhalen samen, we delen minder eenzelfde set regels en normen. Toch is er behoefte aan delen. Hoe dat moet, daarover wil ik het publiek laten nadenken.'

Meer op Noorderzon

Behalve de voorstelling Guerrilla, gespeeld door tachtig Groningse vrijwilligers, biedt het festival Noorderzon de komende dagen een bonte staalkaart aan producties, performances en concerten. Er zijn optredens van bekende festivalgangers als Club Guy & Roni (The jungle is our house), Eefje de Visser, Edit Kaldor (Web of Trust) en de groep Berlin (Zvizdal /Chernobyl, so far so close). T/m 28/8 in Groningen.

Hoogtepunt of broodroof

Het werken met mensen van de straat is ook een reactie op politiek-maatschappelijke veranderingen. Subsidies voor kunst en het belang van kunst liggen onder vuur. Theaters en theatermakers moeten het nut van hun werk aantonen. Door producties te maken over maatschappelijke onderwerpen, en nu ook met mensen uit die maatschappij, hopen ze het publiek voor zich te winnen.

Dubois verwerpt een dergelijke motivatie als 'populisme', Martens stelt: 'We zijn publiek kwijtgeraakt, dat is blijkt uit de cijfers. De eerste reactie van toeschouwers op The common people is vaak: ik had daar zelf kunnen staan. Dat slaat een brug.' Volgens Beyerler is het publiek 'door de extreem gespecialiseerde lichamen van dansers op afstand gezet'. Een wat boude opmerking die voorbijgaat aan de communicatieve kracht en schoonheid van dansers.

Feit is dat de definitie van dans al decennia wordt opgerekt. De voorstellingen met amateurs draaien niet om techniek, maar zijn gebouwd op regels en structuren, op 'organisatie-parameters', aldus Cubas. Een voorbeeldscène uit Multitud: 'De groep moet rennen, maar daarbinnen moet je altijd met z'n tweeën rennen. Hoe je van partner wisselt en hoe lang dat duurt, moet je onderling, intuïtief, met je lichaam, bepalen.'

Is de trend te dansen zonder dansers hiermee het hoogtepunt van een emancipatiebeweging of het einde van de dans en broodroof van de jarenlang geschoolde professional? De conclusie voor de fans is helder: gecontroleerd of onbewust bewegen, beide kwaliteiten zijn waardevol. Thuwis: 'De twee kunnen elkaar niet bijten, ze zijn te verschillend. En vergis je niet: het merendeel van de dans is nog steeds virtuoos.'

Guerrilla: 23 t/m 25/8, Noorderzon, Groningen. Liefdesverklaring nog op 17/9 in Corrosia, Almere en op 19/9 tijdens Musica Sacra, Maastricht. The common people wordt hernomen in 2017.

Meer over