De profeet Mohammed en zijn geloof

DE LAATSTE jaren is de belangstelling voor de islam en het Midden-Oosten stormachtig gegroeid. In Nederland zijn inmiddels genoeg boeken verschenen over de 'probleemgevallen': het fundamentalisme, terrorisme, Israël/Palestina....

Om deze leemte te vullen is er nu de bundel In het huis van de islam onder redactie van Henk Driessen. Samen met 24 andere Nederlandse wetenschappers presenteert hij vanuit een veelheid van disciplines een overzicht van de islam in verleden en heden. Zo ongeveer alle denkbare facetten komen aan bod: geografie, geschiedenis, geloofsleer, cultuur, economie en politiek.

Het is verleidelijk In het huis van de islam te vergelijken met de enige andere Nederlandse bundel die op dit gebied in de boekhandel te verkrijgen is: de onlangs verschenen vierde druk van Islam - Norm, ideaal en werkelijkheid onder redactie van Jacques Waardenburg. Daarbij valt op dat de laatste bundel veel meer traditioneel van opzet is en zich bijna geheel beperkt tot een godsdienstgeschiedenis.

In het huis van de islam is daarentegen veel breder opgezet, mooi vormgegeven met veel foto's en handige kaders waarin voorbeelden en toelichtingen worden gegeven. De auteurs stammen voor een groot deel uit de sociaal-wetenschappelijke hoek, wat zijn weerslag heeft gehad op de aanpak. De meesten beperken zich niet tot een droge opsomming van de feiten, maar plaatsen hun onderwerp in zijn context.

Volgens Driessen zijn allen 'niet-gelovige onderzoekers', die 'wel degelijk aandacht en respect voor visies van gelovigen' hebben. Een beetje rare verontschuldiging, alsof van tevoren alvast mogelijke critici de wind uit de zeilen genomen moet worden. Gelukkig trekken de meeste schrijvers zich hier niet veel van aan en doen zij gewoon hun werk als wetenschapper.

In het eerste deel wordt een historisch en geografisch overzicht van het ontstaan, de verbreiding en hedendaagse verspreiding van de islam gegeven. Vooral het hoofdstuk van Wim Raven over ontstaan en verbreiding van de islam springt eruit. Niet wars van het geven van een paar leuke anekdotes schetst hij helder het leven van de profeet Mohammed en het ontstaan van de nieuwe godsdienst. Daarbij geeft hij ook aan hoe in de loop der jaren onderzoek is gedaan naar deze periode, waarvan geen schriftelijke bronnen bewaard zijn gebleven. De oudste, bewaard gebleven verhalen over Mohammed dateren pas van omstreeks het jaar 700 en zijn de producten van beroepsvertellers die in de moskee na de preek de Schrift mochten uitleggen.

Vervolgens is een deel gewijd aan diverse facetten van het geloof zelf. De belangrijkste geloofsvoorstellingen in de islam, de vijf basisplichten van de islam en de rituelen die hier omheen ontstaan zijn, komen allereerst aan bod. Vervolgens gaat de Nijmeegse hoogleraar Willy Jansen in op het onderwerp islam en seksualiteit. Soms lijkt het alsof vrouwen en seksualiteit de belangrijkste problemen zijn waarover een hedendaagse fundamentalist zich zorgen maakt.

Helder zet Jansen uiteen waarom de islam zoveel aandacht besteed aan seksualiteit, hoe deze regels verwerkt zijn in de familiewetten van de meeste islamitische landen en waarom ze in het middelpunt van de belangstelling staan. Interessant is daarbij hoe soms sprake kan zijn van een monsterverbond tussen sommige fundamentalisten en feministen waar het gaat om geboortebeperking, seksuele rechten voor vrouwen en een gezamenlijke afkeer van vrouwenbesnijdenis en een overdreven hoge huwelijksgave.

De volgende hoofdstukken behandelen de verschillende richtingen en stromingen in de islam, de mystiek en het moderne denken over vernieuwing en islam. Hierbij vormt de shi'itische variant van de islam de hoofdmoot en wordt veel aandacht geschonken aan de mystiek van de soefi's, thans erg populair onder de esoterisch ingestelde westerse mens.

Jammer is dat het debat tussen vernieuwers en fundamentalisten over de positie van de islam in de moderne tijd slechts een tiental pagina's heeft gekregen. Natuurlijk komt het onderwerp in verschillende andere hoofdstukken eveneens ter sprake en worden de belangrijkste thema's wel behandeld. Maar een zo belangrijk onderwerp dat bij tijd en wijle de gehele islamitische wereld beroert, verdient toch wat meer dan een plichtmatige schets.

Het derde deel, 'Islam in context', is het minst geslaagd. Een aantal auteurs heeft een niet al te vlotte pen en beperkt zich tot een taaie opsomming van feiten en wetenswaardigheden. Anderen, zoals Harald Motzki en Ruud Peters in hun hoofdstukken over het islamitisch recht, gaan uitputtend in op de stof en vergeten dat deze bundel bedoeld is voor studenten of geïnteresseerden. Andere onderwerpen worden echter weer niet behandeld. In de eerste hoofdstukken over de verspreiding van de islam wordt steeds vermeld dat bijvoorbeeld de meeste moslims op de Balkan aanhangers zijn van de hanafitische rechtsschool en dat we in West-Afrika vooral de malikitische rechtsschool vinden. Pas zo'n tweehonderd pagina's verder wordt de lezer verteld dat er vier sunnitische en drie shi'itische rechtsscholen bestaan, maar een uitleg over ontstaan en verschillen tussen deze rechtsscholen ontbreekt. Wie het glossarium achter in de bundel erop naleest, wordt ook niet veel wijzer; de rechtsscholen worden er niet eens genoemd.

Er zijn dus wel een paar minpunten aan te wijzen, maar voor het overige is In het huis van de islam zonder meer het beste boek dat tot nog toe in het Nederlandse taalgebied verschenen is over de islam. De opbouw en indeling leiden ertoe dat de lezer zich snel kan inlezen in een bepaald onderwerp, waarbij steeds naar verdere literatuur wordt doorverwezen.

Charles Schoenmaeckers

Henk Driessen (redactie): In het huis van de islam.

SUN; 447 pagina's; ¿ 49,50.

ISBN 90 6168 606 7.

Meer over