PostuumAbdul Qadeer Khan

De Pakistaanse atoomspion Abdul Khan, de ‘Dr. Strangelove’ van Almelo, is overleden

De Pakistaanse atoomgeleerde Abdul Qadeer Khan is zondag overleden, melden media in Pakistan. De ‘vader van Pakistan's kernbom’ is 85 jaar geworden.

Abdul Qadeer Khan in Islamabad, in 2013. Beeld AP
Abdul Qadeer Khan in Islamabad, in 2013.Beeld AP

Het was tijdens een cricketwedstrijd tussen India en Pakistan op 22 februari 1987 dat de Pakistaanse dictator Zia-ul-Haq zich volgens de legende opzij boog naar de naast hem op de tribune gezeten Indiase premier Rajiv Gandhi en een ondubbelzinnig dreigement aan de haag van zijn tanden liet ontsnappen: ‘Als jouw troepen onze grens ook maar een inch overschrijden, zullen we je steden vernietigen.’

Dat Zia zijn Indiase evenknie zo kon intimideren, net toen de spanningen tussen beide landen hoog waren opgelopen door een militaire oefening van honderdduizenden Indiase soldaten nabij de grens met Pakistan, had alles te maken met het nieuws dat de besnorde viersterrengeneraal kort daarvoor van atoomgeleerde Abdul Qadeer Khan had gekregen: Pakistan was in staat om op korte termijn een kernbom te maken. En dat nieuws, dat Gandhi al snel zou nopen tot het terugtrekken van zijn troepen, had door een van de vreemde kronkels waarin de geschiedenis soms loopt weer alles te maken met het ruim zesduizend kilometer verderop gelegen Almelo.

Tijdens de herfst van 1974 had Khan namelijk zestien dagen lang met een aantekenboekje rondgelopen ten burele van de Almelose uraniumverrijkingsfabriek Urenco. De Duits en Nederlands sprekende metallurg was door zijn werkgever, het Fysisch Dynamisch Onderzoekslaboratorium (FDO) in Amsterdam, in Almelo gedetacheerd om geheime Duitse plannen voor een ultracentrifuge naar het Nederlands te vertalen. Urenco, een in 1970 opgericht Brits-Duits-Nederlands consortium, verrijkt ook vandaag de dag nog uranium door zijn duizenden centrifuges zo snel te laten ronddraaien dat ze de niet-splijtbare isotoop uranium-238 scheiden van het lichtere en wel splijtbare uranium-235, vergelijkbaar met hoe een sapcentrifuge het vruchtvlees van het vocht kan scheiden.

Vlaggen halfstok

Gewapend met de fijnste kneepjes van het nucleaire vak vertrok Khan in december 1975 met zijn twee dochters en zijn Nederlandse vrouw Hennie voor een vakantie naar Pakistan, om nooit meer terug te keren. Terwijl Khan zijn collega’s bij FDO aan het lijntje hield met de smoes dat hij gele koorts had opgelopen en daardoor helaas nog niet naar Amsterdam kon terugkeren, was de atoomspion met dank aan de gestolen Urenco-ontwerpen begonnen aan de opmars die hem uiteindelijk tot ‘de vader van Pakistans kernbom’ zou laten uitgroeien.

Zondagmorgen stierf Abdul Qadeer Khan in de Pakistaanse hoofdstad Islamabad, waar de 85-jarige TU Delft-alumnus door Covid-19 in een naar hemzelf vernoemd ziekenhuis was beland. Nog dezelfde dag kreeg de bij leven met eredoctoraten, gouden kronen en andere insignes overladen Khan een staatsbegrafenis in de Faisal-moskee in Islamabad. Op gezag van de Pakistaanse minister van Binnenlandse Zaken hingen de nationale vlaggen zondag halfstok.

Het contrast met Khans voormalige vriend en latere vijand Frits Veerman is groot. De technisch fotograaf trok midden jaren zeventig aan de bel bij Urenco en FDO omdat hij vermoedde dat zijn collega Abdul aan het spioneren was geslagen. Het was Veerman bij zijn bezoekjes aan huize-Khan opgevallen dat Khans bureau vollag met geheime Urenco-documenten. Khan probeerde Veerman, met wie hij graag gegrilde kip at of ’s zomers in Amsterdam het vrouwelijk schoon bewonderde, later zelfs onder valse voorwendselen naar Pakistan te lokken. Ook stuurde Khan hem begin 1976 vanuit Islamabad een uitgebreid boodschappenlijstje met centrifuge-onderdelen die hij voor zijn ‘onderzoeksprogramma’ in Pakistan nodig had. Veermans waarschuwingen werden echter weggehoond door zijn bazen, en kwamen hem eind jaren zeventig zelfs op ontslag te staan. Vorig jaar kreeg Veerman na onderzoek van het Huis voor de Klokkenluiders eindelijk enige erkenning, vlak voordat de Huizenaar op 23 februari van dit jaar op 76-jarige leeftijd overleed.

Heldenstatus

Khan kwam in 1936 ter wereld in een islamitisch gezin van zeven in het Indiase Bhopal. Zijn moeder troonde hem vlak na zijn geboorte mee naar een waarzegger, die voorspelde dat haar spruit ‘zeer belangrijk en nuttig werk voor zijn volk’ zou verrichten. Op 24-jarige leeftijd werd Khan inspecteur maten en gewichten in Karachi, maar zijn ambities voerden de metallurgie-student al snel naar Europa, waar hij in Berlijn, Delft en Leuven in de collegebanken belandde. Tijdens een vakantie in Den Haag begin jaren zestig ontmoette hij zijn vrouw Hennie – hij vroeg haar naar de prijs van een postzegel voor op een ansichtkaart naar Pakistan.

Na zijn atoomspionage kwam Khan in het Westen te boek te staan als een Dr. Strangelove-achtige schurk, terwijl hij in Pakistan als leider van het kernwapenprogramma een heldenstatus verwierf. Die status kreeg een knauw toen hij in 2004 bekende atoomgeheimen te hebben verkocht aan Iran, Libië en Noord-Korea, geheimen die weer grotendeels bestonden uit de ontwerpen die hij ooit bij Urenco had buitgemaakt.

‘Mijn geliefde broeders en zusters, ik heb ervoor gekozen om voor jullie te verschijnen om mijn diepste spijtbetuigingen en onvoorwaardelijke verontschuldigingen aan te bieden’, zei Khan in een toespraak op televisie. President Musharraf verleende hem gratie, al kreeg Khan wel vijf jaar lang huisarrest. De Pakistaanse premier Imran Khan (geen familie) roemde de overledene zondag als een ‘nationaal icoon’: ‘hij was geliefd bij het volk vanwege zijn cruciale bijdrage om van ons een nucleaire staat te maken.’

Driemaal Abdul Khan

Veel scholen, ziekenhuizen en instituten zijn vernoemd naar Abdul Qadeer Khan, tot een cricketploeg aan toe. In de Malinese stad Timboektoe, de legendarische West-Afrikaanse stad waar Khan graag vertoefde, is een klein hotel vernoemd naar zijn eega, het ‘Hotel Hendrina Khan’, waarvan Khan zelf de bouw hielp financieren.

Khan was na zijn vertrek naar West-Europa in de jaren zestig vermoedelijk niet meteen van zins om met atoomgeheimen aan de haal te gaan. Een sleutelmoment in zijn metamorfose tot spion was ‘Operatie Glimlachende Boeddha’ in de Tharwoestijn, de eerste geslaagde kernproef van India op 18 mei 1974.

Aanvankelijk wilde Pakistan een kernbom bouwen met behulp van plutonium, naar het voorbeeld van India. Na zijn vlucht uit Nederland overtuigde Khan toenmalig premier Zulfikar Ali Bhutto van de zegeningen van uranium. Binnen enkele jaren stond Khan aan het hoofd van een 10 duizend centrifuges tellende atoomwapenfabriek in Kahuta.

Meer over