De nieuwe bevrijder van het geweten

Vladimir Zjirinovski mocht wegens 'emotionele labiliteit' nooit lid worden van de Communistische Partij. Des te meer indruk maakte zijn doorbraak na het einde van de Sovjet-Unie....

ERIK VAN REE

OP 25 april 1993, de zevenenveertigste verjaardag van president van Rusland in spe Vladimir Wolfovitsj Zjirinovski, zat de sfeer er meteen goed in. Het feest werd opgeluisterd door de aanwezigheid van een kozak, een Duitse nazi en de ambassadeur van Irak. Nadat de jarige een toast had uitgebracht op 'Duits Oost-Pruisen en Russisch Alaska', zette de kozak het lied 'Mama, lieve mama, ik houd van jou' in, hierin krachtig ondersteund door de gastheer. Zjirinovski heeft altijd een sterke, alhoewel getroubleerde, band met zijn moeder gehad. De leider werd geboren in 1946 in Alma Ata, hoofdstad van wat toen de Sovjet-republiek Kazachstan was. Omdat zowel ambulance als vroedvrouw te laat kwam, sneed een toevallig aanwezige oom de navelstreng door met een roestig keukenmes.

Voor de zich in antisemitisch milieu bewegende Zjirinovski is zijn afkomst altijd een teer punt geweest. Zijn vermoedelijke vader, Wolf Ejdelsjtejn, was uit een Polen afkomstige jood, die kort na de geboorte van zijn zoon overleed. In zijn deels autobiografische De laatste sprong naar het zuiden (1993) gaat hij aan de kwestie voorbij. In het boekje schetst Zjirinovski een inktzwart beeld van zijn jeugd. Moeder Aleksandra Zjirinovskaja en haar zes kinderen leefden opeengepakt in één kamer. Voor het altijd stinkende gezamenlijke toilet stond permanent een lange rij wachtenden. Een goede woning was voor de Zjirinovski's beslist niet weggelegd, want 'die gaven ze aan de Kazachen'.

De kleine had boeken noch speelgoed, 'ik leefde als in een grot'. Mama ontvreemdde eten voor haar kroost uit het restaurant waar zij werkte, maar toch had Volodja altijd honger. Het ventje moest blootvoets naar school, en wanneer hij thuiskwam, 'wachtte er niemand mij op'. Tot overmaat van ramp nam moeder ook nog een vijftien jaar jongere minnaar in huis. 'Voor de keus gesteld tussen ons en hem, koos zij hem.' En ook op school werd hij gepest. Een schoolgenootje herinnerde zich onlangs dat zijn medescholieren Vladimir een opdondertje vonden die het nog niet waard was 'hun schoenen te poetsen'. 'Vanaf het moment van mijn geboorte', zo vat Zjirinovski zijn jeugd op larmoyante wijze samen, 'was ik alleen. Altijd was ik bitter en onbevredigd. Mijn hele leven was één en al vernedering....'

In de zomer van 1964 leken echter betere tijden aan te breken. Gewapend met een mand tomaten en aardbeien, vertrok deze achttienjarige Calimero naar Moskou, waar hij zich inschreef aan de Turkse faculteit van het Instituut voor Oosterse Talen. Maar het bleef tobben. Zelfs de liefde bleek voor hem niet weggelegd. Geen meisje beroerde hij in zijn studentenjaren, iets wat hij zelf wijt aan het feit dat 'mijn liefde voor moeder mij absorbeerde. Het was een dubbele, driedubbele liefde'. Ondertussen was hij echter, zoals vrijwel alle Sovjet-jongeren in die tijd, actief lid van de Komsomol (de communistische jeugd) geworden.

In deze jaren kort na de val van de hervormingsgezinde leider Chroesjtsjov was de discussie onder jongeren over nieuwe socialistische wegen nog niet geluwd. Zjirinovski speelde een rol in de debatten in de Moskouse Komsomol. In april 1967 schreef hij een brief aan de partijleiding met enkele hervormingsvoorstellen, en kort daarop verdedigde hij zelfs in het openbaar de voordelen van de westerse democratie. Dit werd hem uiteraard niet in dank afgenomen, maar in 1969 verbruide de jongeman het pas goed. Als tolk naar Turkije uitgezonden, veroorzaakte hij een klein schandaal door badges van Tolstoj aan Turkse kennissen uit te delen. De alerte politie meende echter de beeltenis van Marx te herkennen, en nam de boosdoener in hechtenis. Na zijn uitwijzing werd Zjirinovski definitief op de lijst der 'politiek onbetrouwbaren' geplaatst. Buitenlandse reizen waren hem voortaan verboden. Na zijn afstuderen in 1970 vervulde hij zijn dienstplicht als luitenant in het politieke directoraat van het Transkaukasische Militaire District.

In 1977 aanvaardde Zjirinovski, die inmiddels een tweede academische graad (als jurist) had behaald, een baan bij het ministerie van Justitie. Ondanks herhaalde verzoeken zijnerzijds bleef het partijlidmaatschap hem echter onthouden, onder meer wegens 'emotionele labiliteit'. En in 1983 sloeg het noodlot opnieuw toe, toen hij wegens een kleine steekpenningenaffaire werd ontslagen. Na het aan de macht komen van Gorbatsjov in 1985 vatte Zjirinovski echter weer moed. Hij werkte inmiddels als juridisch adviseur bij uitgeverij Mir, en begon zich opnieuw politiek te roeren. Aanvankelijk wierp hij zich nog op als kampioen van de perestrojka. In 1987 haalde hij zelfs het nieuws door ondemocratische verkiezingsprocedures aan de kaak te stellen. Spoedig brak hij echter definitief met het communisme. In 1990 richtte hij zijn fascistoïde Liberaal-Democratische Partij op, die bij de parlementsverkiezingen van 1993 een schrikbarende 25 procent van de stemmen vergaarde.

Het is mode om Vladimir Wolfovitsj aan te wrijven dat hij in het geheel geen ideeën heeft. Dat is helaas niet juist. Onder de barokke wirwar van tegenspraken schuilt een tamelijk coherent programma. Zijn voornaamste uitgangspunt vormt de zogenaamde 'geopolitiek', gegrondvest door de Brit Mackinder en de Duitser Haushofer. Daarbij wordt de macht van staten bepaald door de omvang van hun grondgebied, en alleen zeeën vormen werkelijk veilige grenzen.

De 'liberaal-democratische' voorman wil daarom het oude Russische rijk herstellen (inclusief Polen, Finland en Alaska), en vervolgens oprukken naar de Indische Oceaan en de Middellandse Zee. De wereld wordt langs een noord-zuid as in vier grote invloedssferen verdeeld. De Verenigde Staten en Europa krijgen respectievelijk Latijns Amerika en Afrika, en China en Japan mogen zich te goed doen aan Zuidoost-Azië. Maar dan moet men wel zo sportief zijn Rusland de vrije hand in het Midden-Oosten en Zuid-Azië te laten. Vreemd genoeg houdt Zjirinovski niet van Rusland. Het is een barre, ellendige 'toendra', herhaalt hij telkens. Zonder het warme zuiden, 'waar alles aan de bomen groeit', zal het Russische volk van ontbering sterven. Hij streeft ernaar 'het hele zuiden tot één grote strook van vakantieparken te maken'. Turkije, dat ooit het Orthodoxe Byzantium vernietigde en Rusland daarna nog eeuwen dwars zat, beschouwt hij als het grote obstakel in de realisering van dit gedroomde Zuid-Utopia. Net als Iran en Afghanistan moet het worden vernietigd.

Zjirinovski is beïnvloed door het zogenaamde 'Eurazianisme', een uit de jaren twintig stammende gedachte volgens welke Ruslands bestemming in Azië ligt, maar de optie van een bondgenootschap met de moslimwereld deelt hij niet. Wel wenst hij de Arabische kaart te spelen, en met name Irak heeft zijn warme belangstelling. Ook een derde stroming, die van het Panslavisme, spreekt de Russische leider aan. Zijn solidariteit met het 'dappere Servië' kent geen grenzen. Desalniettemin is de vereniging van de Slaven onder Russische leiding slechts een ondergeschikt punt in vergelijk met de mars naar het zuiden.

Wellicht het meest schokkende van Zjirinovski's programma is dat voor hem de soevereiniteit van andere staten eenvoudig niet lijkt te bestaan. Zijn denken straalt een negentiende-eeuwse koloniale onbekommerdheid uit, maar dan aangedikt door een geest van twintigste-eeuwse terreur. 'Ik ga jullie vernietigen', houdt hij de Balten voor, 'Ik ga kernafval aan jullie grenzen storten, en jullie zullen sterven aan de stralingsziekte. Ik zal jullie verzuipen in je eigen champagne.' En wie hem de voet dwars zet laat hij weinig hoop: 'We gaan nog een paar Hiroshima's veroorzaken. Voor een kernoorlog draai ik mijn hand niet om.'

Zjirinovski slaat een toon aan die geen enkele op het wereldtoneel opererende politicus zich de afgelopen vijftig jaar heeft durven permitteren. Verrassend genoeg verzet de aankomend leider zich tegen de leuze 'Rusland voor de Russen'. Weliswaar moet de Russische taal domineren, maar 'Rusland' is geen etnisch doch een geografisch concept. Het is een continent, een reusachtige ruimte die wordt bijeengehouden door een traditioneel gemilitariseerde staat. Al te uitdrukkelijk voortrekken van de etnische Russen zal verdeeldheid zaaien onder de burgers, en zodoende het vermogen van de staat om te expanderen ondermijnen.

De 'liberaal-democraten' eisen herinvoering van de oude tsaristische 'gouvernementen', provincies op zuiver territoriale en niet op etnisch-nationale basis. Ondanks talloze racistische uithalen, is Zjirinovski's concept van een multinationale eenheidsstaat in essentie niet-racistisch, waarmee tevens het belangrijke verschil met Hitler is aangegeven. Over wat er na zijn eventuele machtsovername volgt laat hij echter geen misverstand bestaan: 'Ik zal onmiddellijk de dictatuur uitroepen - een democratie kunnen we ons momenteel niet permitteren.' Als zijn voorbeelden noemt hij afwisselend Bismarck, Pinochet en de Chinese leiders. De humanistische geest van zijn komend bewind wordt wel duidelijk uit zijn mening over de doodstraf. Zjirinovski is daar tegen: 'Executies hebben geen nut. We stoppen ze in een uranium-mijn, daar gaan ze ook dood, en dan hebben we er nog wat aan.' Elders heeft hij overigens honderdduizend executies in zijn eerste maanden aangekondigd. Politici als Gorbatsjov en Kozyrev is reeds deportatie per getraliede treinwagon in het vooruitzicht gesteld.

Zjirinovski is extravagantie, hij erkent rem noch grens. Hij bespuugt joodse demonstranten, smijt water in het gezicht van een gesprekspartner, en trekt vrouwen aan hun haren onder de kreet 'Geef die teef er van langs' In een debat in de Doema schreeuwt hij zijn medeparlementariërs toe: 'Smoel houden en zitten als ik praat, stelletje gekken.... Ach, meneer Tsjoebais kijkt op zijn horloge. Binnenkort kunt u dat in de gevangenis doen om te kijken of de lunch al komt.'

Zijn optreden is ronduit bizar te noemen. Een Italiaanse journalist ontvangt hij naakt, liggend onder een laken waar zijn voeten onder uitkomen. Op vakantie in Slovenië laat hij de pers toe op een door hem georganiseerd feestje. Na het gastland te hebben beledigd als 'dwergstaatje', roept hij vervolgens op tot de terugtrekking van Rusland uit de Verenigde Naties. Daarna danst hij een wals met een bezemsteel, terwijl een van zijn bodyguards zijn glas staat op te eten.

In zijn boek over het fenomeen Zjirinovski hanteert Vladimir Kartsev de Russische slang-term 'bespredel' om diens mentaliteit te kenschetsen. Hij vertaalt het kortweg als 'alles mag'. En zowel Zjirinovski's politieke programma als zijn persoonlijke optreden wordt inderdaad gekenmerkt door het simpelweg ontbreken van normatieve grenzen. Schelden, slaan, beledigen, moorden - alles mag. Achter de 'patriottische' doctrine gaat een moreel vacuüm schuil, een gapende leegte - huiveringwekkend en fascinerend. Adolf Hitlers observatie, 'Ik bevrijd u van het spookbeeld van het geweten', is opnieuw actueel.

En zijn politieke boodschap weet Zjirinovski ook nog te verpakken in een bizar erotisch jasje, dat vagelijk aan Mussolini herinnert. Hij laat zich fotograferen in een Finse striptease-club, of in een sauna in Slovenië, een naakte man op de mond kussend. Hij pocht over zijn seksuele vermogens: neuken houdt hij 'twaalf uur' vol, 'tienduizend maal' kwam hij al klaar. In een recent interview met Playboy vertelt hij onomwonden over zijn voorkeur voor voyeurisme en 'groepsorgieën'. Terwijl hij de interviewster zwaar en aanhoudend onder druk zet ter plekke het bed in te duiken met een van zijn adjudanten ('het is een gezonde man, je schendt zijn rechten'), doorspekt hij zijn ontboezemingen met onsamenhangende zinnetjes zoals: 'Jennifer, deze nacht krijg je mij en de bijbel - en yoghurt toe'.

Het is allemaal show, maar doelbewust en weloverwogen uitgevoerd. Zijn intenties blijken wanneer hij achtereenvolgens de Oktober-revolutie met een verkrachting, en het bewind van Chroesjtsjov en Brezjnev met masturbatie en impotentie identificeert, om vervolgens zijn kiezerspubliek voor te houden: 'En als ik win krijgen jullie eindelijk je orgasme' Zjirinovski belooft, kortom, instant vervulling van ieders diepste fantasieën. Hij presenteert zijn toekomstige bewind als een libidineuze explosie, en boetseert zichzelf hij als een tegelijk demonische en orgastische gestalte, een dansende Sjiva, die de wereld vertrapt en in zijn beeld zal herscheppen.

Maakt Zjirinovski een kans bij de presidentsverkiezingen van 1996? Een ding is zeker: als hij aan de macht komt zal de Russische buitenlandse politiek vanaf het eerste moment een dans op de rand van de vulkaan zijn. Van de ene dag op de andere zullen we voor de vraag komen staan Tsjechië of Turkije daadwerkelijk te verdedigen, of niet. Het gevaar van een Derde Wereldoorlog zal volkomen reëel en zelfs acuut worden. En de rustgevende gedachte dat Zjirinovski een showman is, die we niet serieus hoeven nemen is volkomen misplaatst. Voorzover hij een kans maakt is dat niet ondanks maar dankzij zijn clowneske optreden. Eenmaal aan de macht zal hij zijn show voortzetten, maar dan met de middelen die de Russische staat hem ter beschikking stelt.

Meer over