De markt en de nieuwe daalder

Marco van Popering gaat weg. In januari neemt hij vier weken vrij om pas in februari terug te keren naar zijn marktkraam met truien op het Hobbemaplein in de Haagse Schilderswijk....

Van onze verslaggeefsters Sheila Sitalsing Wil Thijssen

'Er lopen hier mensen rond die nauwelijks kunnen lezen. Geen woord Nederlands verstaan. Nu al kijken ze glazig als ik zeg: doet u er 1,25 bij, dan geef ik u een tientje terug. En die moeten straks omrekenen naar de euro! Dat wordt een vreselijk drama.' Sterker, Van Popering gelooft dat voor een deel van zijn klandizie de euro een complete verrassing zal zijn.

Verderop, tussen de verse kouseband, tajerblad, sopropo en andere Surinaamse groentes, staat handelaar J. Rajapakshe sip te kijken. Vier weken weg in januari lijkt hem wel wat, 'maar dat kan niet iedereen zich veroorloven'. Bovendien: 'Ik kan de mensen toch niet een maand zonder Surinaamse groente laten zitten!'

Dat er in januari vier weken lang zowel in guldens als in euro's betaald wordt, vindt Rajapakshe 'wel een beetje erg'. Maar erger vindt hij het voor zijn klanten. 'Sommigen kunnen niet zo goed lezen en snappen het niet echt. Ik zal ze veel moeten helpen.'

De marktkoopman als sociaal werker die zijn klandizie aan de euro moet helpen: op het Haagse Hobbemaplein is het straks realiteit. De Schilderswijk, waar de Haagse markt middenin ligt, behoort tot de armste wijken van Nederland. De bewoners - afkomstig uit alle windstreken en vaak laag opgeleid - zijn extra kwetsbaar voor een ingewikkelde operatie als de overgang van gulden naar euro.

Ook in de Utrechtse achterstandswijk Lombok zijn middenstanders en marktkooplui eventjes euro-onderwijzer. André Nieuwendijk van Best Buy Bazaar, een winkel met cadeaus en huishoudelijke artikelen, zal zijn klanten uitleggen dat ze hun guldens het beste meteen wegdoen. 'Meer dan de helft van mijn klanten is buitenlands, en heeft al moeite met het omrekenen van de eigen valuta naar guldens. Van gulden naar euro is een stap te ver.'

Onzin, meent buurman Abarchan Benaissa. In zijn islamitische slagerij heeft hij nog geen seconde stilgestaan bij de euro. Sterker, hij weet niet precies wanneer die komt. Januari al? Oeps, dat is snel. Maar zich drukmaken? Ach. 'Ik accepteer hier Marokkaanse dirham, Spaanse peseta's, Franse francs. Daar heb ik aparte potjes voor. Ik geef klanten terug in guldens. Gaat altijd goed.'

Niet iedereen is zorgeloos. Op de Haagse markt gaan wilde geruchten rond. Over marktlui die guldens zullen weigeren. Of guldens-wisselgeld zullen teruggeven.

Eigenlijk mag dat niet. Tussen 1 en 28 januari 2001 moeten winkeliers zowel guldens als euro's aannemen. Wisselgeld moet in euro's zijn. Dit om de guldens snel uit roulatie te nemen. Tegen winkeliers die geen guldens willen aannemen, of gulden-wisselgeld teruggeven, zal echter niemand optreden, zegt woordvoerder B. Duijvestein van De Nederlandsche Bank. 'Net zoals winkeliers duizendjes mogen weigeren, moeten ze het straks zelf weten als ze guldens weigeren. Het lijkt me alleen dom; ze zullen omzet missen.' Bovendien krijgen winkeliers voor elke zak guldens die ze inleveren bij de bank een bonus van elf euro. Dit om ze aan te sporen guldens snel uit omloop te halen.

En massaal dichtgaan, zoals Van Popering? Wie de euro-ellende volledig wil vermijden, moet vier weken sluiten. Een weekje dicht, bijvoorbeeld tussen 1 en 8 januari, helpt maar half. Massaal dichtgaan gebeurt niet, zegt voorzitter A. Esselink van de Centrale Vereniging voor de Ambulante Handel, de koepelorganisatie van 23 duizend marktlui. 'Men blijft open, en is goed voorbereid.'

Of toch niet? In een walm van wierook, terwijl een Indiase hit uit de luidsprekers schettert, zet de Haagse ondernemer B. Rihal uit India grote ogen op. Geen seconde bij stilgestaan, dat hij vier weken lang een dubbele kas moet aanhouden. 'O jee. Ik kan natuurlijk dicht gaan in januari. Dan is de handel toch dood.'

Meer over