De marges van de Volkskrant in Golfoorlog II

Vrijwel dagelijks krijgt de lezer nieuws over de Amerikaanse troepenconcentraties rond Irak. Maar aanzienlijk minder wordt geschreven dat ook de journalistiek druk bezig is posities in te nemen om Golfoorlog II te verslaan....

Intussen heeft het Pentagon, het Amerikaanse ministerie van Defensie, deze week bekendgemaakt dat zo'n vijfhonderd journalisten mee mogen in het kielzog van het Amerikaanse leger, wanneer dat Irak zal binnenrukken. De kranten in de Verenigde Staten hebben bovendien te horen gekregen hoeveel plaatsen hun zijn toegekend.

Sinds de oorlog in Vietnam lag er een taboe op de aanwezigheid van journalisten op het slagveld. Nu worden de verslaggevers 'ingebed' in het leger. Zij hebben daarvoor een speciale training gekregen. Maar geheel vrij zullen zij niet mogen rondstruinen in Irak. Het Pentagon heeft namelijk een aantal basisregels opgesteld voor de pers. Enerzijds wordt het recht van vrije verslaggeving erkend. Anderzijds geldt een serie van negentien verboden, met name waar de veiligheid van de Amerikaanse troepen in gevaar zou komen. Bovendien kunnen commandanten tijdelijk activiteiten van de pers verbieden.

In de Amerikaanse pers heerst enige scepsis over de herwonnen vrijheden. Editor & Publisher, toegankelijk via het internet, heeft wat kritische geluiden bijeen geharkt. Zo constateert David Halberstam, die de Vietnamoorlog versloeg voor The New York Times, dat de verslaggeving van het voorspel van Golfoorlog II al buitengewoon moeilijk is. 'De neiging om alles onder controle te hebben, is groter', vindt hij. En columnist Bill Keller van dezelfde krant waarschuwt: 'Maak je niet al te zeer afhankelijk van de militairen.' Zijn collega Richard Reeves van het Universal Press Syndicate koestert evenmin hoge verwachtingen van de speelruimte die de pers tijdens de nieuwe Golfoorlog zou krijgen: 'We kunnen alleen maar schrijven over wat ze ons willen laten zien.'

Al voordat deze geluiden opborrelden, ontspon zich in de VS een discussie hoe onafhankelijk de 'ingebedde' journalisten zijn, wanneer zij met het leger optrekken. Zo zullen zij voor allerlei faciliteiten afhankelijk zijn van de legercommandanten. Is objectieve verslaggeving dan wel mogelijk? Sommigen betwijfelen dat. Anderen vinden deze regeling een hele verbetering ten opzichte van de persshows die generaal Norman Schwarzkopf ten tijde van Golfoorlog I opvoerde.

De Volkskrant zit in elk geval goed met een eigen correspondent in Bagdad - Kim Ghattas. Maar of een extra verslaggever van dag tot dag een eventuele Golfoorlog II kan verslaan, is niet erg waarschijnlijk. Want dat is een peperduur avontuur, onder meer vanwege de hoge verzekeringspremies. Bovendien staat deze krant niet op het Pentagonlijstje van 'ingebedde' verslaggevers. Noch heeft het Pentagon verslaggevers van de Volkskrant uitgenodigd voor de speciale oorlogstraining, die nodig is om mee op te rukken naar de Iraakse hoofdstad Bagdad.

Dat maakt de vraag zinloos of de krant een verslaggever moet meesturen met een leger, dat aan de journalistieke onafhankelijkheid vrijwel zeker paal en perk stelt. Maar adjunct-hoofdredacteur Arie Elshout zal geen nee zeggen als het Pentagon tijdens Golfoorlog II buitenlandse journalisten uitnodigt voor een korte excursies in Irak. 'Dat biedt ons de kans om die oorlog - tenminste als hij uitbreekt - nog enigszins via eigen verslaggeving te belichten', vindt hij. Daarnaast wil de Volkskrant proberen een eigen journalist naar Noord-Irak te sturen.

Hoe interessant zo'n kans ook is om ter plekke een vleugje Golfoorlog II op te snuiven, het blijft een vrij marginale aangelegenheid. De lezers zullen het toch vooral moeten hebben van een kritische afweging die de krant maakt bij het selecteren en vergelijken van nieuwsfeiten die de redactie langs allerlei wegen bereiken. De Amerikaanse columnist Norman Solomon waarschuwt tegen goedgelovigheid: 'Als de raketten van het Pentagon beginnen te vliegen, verliest de Amerikaanse pers vliegensvlug haar ruimte voor een kritische houding.'

Meer over