De leider die oogt als een staatsman: profiel Cohen

Job Cohen (62) heeft zijn zege te danken aan de strategische kiezer, die koste wat kost geen liberale premier wilde.

Van onze verslaggever Yvonne Doorduyn

Hij zegde er het burgemeesterschap van Amsterdam voor op. Hij kwam om het land te leiden, en wie weet gaat hij dat daadwerkelijk doen: PvdA-leider Job Cohen (62) wordt de nieuwe premier van Nederland. Als underdog stak hij in het slotakkoord van een moeizame campagne op het nippertje de VVD van Mark Rutte voorbij.

Het leek een soepele operatie te worden, half maart. Cohen had als opvolger van Wouter Bos nog geen woord gezegd of Nederland sloot hem in de armen. Er brak een ware Cohenmania los, met T-shirts (‘Yes we Cohen’), tassen, petten, mokken. Het was de staatsman – zo oogt hij althans – waar Nederland na de vechtersbazen Bos en Balkenende zo hard aan toe was. Hij was het antwoord van de PvdA op Geert Wilders.

Het ging mis

Maar het ging mis, al direct. Cohens entourage stapelde fout op fout in het verkiezingsprogramma – zodanig dat de PvdA-leider tot drie keer toe door de knieën moest om het programma aan te passen. Zelfs nog na het goedkeuringsstempel van het Centraal Planbureau (CPB): een doodzonde op het Binnenhof. Het bevestigde in de ogen van de kiezer het beeld dat Cohen geen verstand heeft van economie.

Hij moest in de verdediging en begon de reeks verkiezingsdebatten op achterstand. Cohen moest zich verantwoorden, had cijfers om zijn verhaal te onderbouwen niet paraat, hakkelde van de zenuwen en was een makkelijke prooi voor zijn tegenstanders. Het debattempo en de straatvechtersmentaliteit van de andere (ervaren) lijsttrekkers, het onophoudelijke interrumperen – de PvdA-leider had er geen antwoord op. Hij voerde nooit eerder campagne, was altijd benoemd bestuurder.

Pas in de laatste debatten groeide Cohen, mede doordat de tv-zenders de debatten ordentelijker presenteerden: minder mogelijkheden om door elkaar te praten, meer ruimte om het eigen verhaal te vertellen. De strategische kiezer, die het doemscenario van een liberale premier koste wat kost wil voorkomen (dan maar geen SP, D66 of GroenLinks), bracht Cohen uiteindelijk de overwinning.

Wat kan Nederland verwachten?

Wat kan Nederland van een eventuele minister-president Cohen verwachten? In elk geval dat hij premier van alle Nederlanders wil zijn. Cohen maakte van ‘binden’ zijn levensmotto. Hij wil ‘de boel’ – dat is arm en rijk, laag- en hoogopgeleid, nieuwe en oude Nederlanders, gelovig of niet – bij elkaar houden. Allochtonen moeten zich, als ze eenmaal Nederlander zijn, in al hun verscheidenheid welkom voelen. Géén wij/zij-gevoelens, iedereen dezelfde rechten.

‘Binden’ zal vermoedelijk Cohens sterke kant zijn als leider van een nieuw kabinet. In debatten viel op dat hij eerst de ander gelijk geeft, vóór hij zijn eigen punt maakt. Niet handig in een debat, maar wel noodzakelijk als nieuwe premier die in de Trêveszaal met alle aangeschoven partijen de grote gemene deler moet zien te vinden. De PvdA moet eerder vrezen voor het eigen geluid, dan dat de leider niet boven de partijen zou staan.

De negen jaar dat Cohen burgemeester van Amsterdam was, werd hij gelauwerd om diezelfde eigenschap. In 2006 werd hij uitgeroepen tot de op één na beste burgemeester ter wereld, door zijn diplomatieke omgang met de islamitische gemeenschap na de aanslagen in de VS en de moord op Theo van Gogh. Om hun zorgen te polsen ging Cohen thee drinken in moskeeën en buurthuizen; hij bracht Joodse en moslimgroepen bij elkaar toen islamitische jongens op 4 mei met kransen voetbalden.

Man van de dialoog

Cohen is de man van de dialoog, en daarmee volgens zijn critici van de softe aanpak – pappen en nathouden. Iemand die de gevolgen onderschat van islamitisch extremisme en niet doorpakt als de veiligheid in het geding is. Cohen is bedachtzaam en slaat niet gauw met zijn vuist op tafel – een eigenschap die hij als premier nog wel eens nodig kan hebben.

Feit is dat Cohen zijn carrière tot nu toe zonder noemenswaardige kleerscheuren heeft doorlopen. Hij is handig: problemen zoals die met de Noord-Zuidlijn en de grote musea in Amsterdam kleven hem niet aan. Cohens manier van werken – altijd op zoek naar het compromis – levert hem bovendien weinig vijanden op. Geen man met een groot visionair plan, maar een bruggenbouwer. En economisch inzicht? Wie de juiste mensen om zich heen organiseert, kan een heel eind komen.

(Martijn Beekman) Beeld Martijn Beekman
(Martijn Beekman)Beeld Martijn Beekman
Meer over