De la Croix smaakt naar meer

Cabaret..

Merijn Henfling

Amsterdam Nina de la Croix: wie zo heet, heeft geen artiestennaam meer nodig. De cabaretière maakte tijdens het Amsterdams Kleinkunst Festival in 2007 indruk met haar lied Poldervrouw, een pittige bewerking van Brels Les Flamandes, over uit de klei getrokken Noord-Hollandse vrouwen. Het nummer heeft een plek gekregen in haar debuutprogramma als ze over haar jeugd in Edam praat.

Al met haar festivaloptreden bewees ze muzikaal sterk te zijn: De la Croix heeft een mooie, volle stem, waarmee ze gemakkelijk van licht naar zwaarder repertoire schakelt. Opnieuw zitten de liedjes goed.

Inhoudelijk is haar show consequent, met een enkele uitschieter. Ze haalt herinneringen op uit haar leven: over het zangduo dat ze met haar zus vormde, het kinderkoor waarmee ze met Michael Jackson mocht zingen, haar verblijf in Parijs, haar dates en haar auditie voor Deal or No Deal.

De la Croix’ verhalen zijn omwille van de theatraliteit sterk aangezet, waardoor ze goed bij de rode draad van het programma passen: haar schreeuw om aandacht en wens om beroemd te worden. Nina gaat over lijken om door te breken, maar strandt telkens voor de finish.

Over haar thematiek is goed nagedacht, maar niet alle geschiedenissen zijn even sterk uitgewerkt. Haar verhaal over Michael Jackson is ontroerend tragisch en dat over Deal or No Deal lekker absurd, maar haar bezoek aan Parijs blijft steken op een gehaspel met de Franse taal, en ook met het zangduo met haar zus doet ze te weinig.

Wel maakt haar programma nieuwsgierig naar de toekomst, omdat ze een rond verhaal kan vertellen en intussen haar thematiek weet te verbreden naar meer maatschappelijke thema’s, zoals loverboyslachtoffers, internetexhibitionisten en zelfmoordterroristen die een daad stellen.

Daar komt bij dat De la Croix een prettige podiumuitstraling heeft en dat ze haar publiek gemakkelijk voor zich wint.

Meer over