De kleine Zalm

Gerrit Zalm presenteerde vorige week de Rijksbegroting een uur na de geboorte van zijn eerste kleinkind. Dat is het leuke van grootouderschap - lusten zonder lasten en het leven gaat gewoon door....

De eerste pakweg tien weken zijn er nog weinig problemen. Vader heeft recht op betaald verlof voor het doen van aangifte, en vervolgens op twee dagen betaald kraamverlof. Moeder heeft een betaald verlof voor zwangerschap en bevalling van zestien weken. Maar daarna moeten keuzes worden gemaakt. Hoe regelen we de opvang van de kleine? Op opa Zalm valt waarschijnlijk niet te rekenen.

Wel heeft het kabinet in de begroting voor 2004 tienduizend extra kinderopvangplaatsen ingeroosterd, en krijgen werkgevers die hieraan bijdragen extra fiscale aftrek.

Ouderschapsverlof is voor jonge ouders een mogelijkheid. En ook daar doet het kabinet een duit in het zakje, in de vorm van een extra fiscale tegemoetkoming voor werknemers. Ouderschapsverlof is namelijk onbetaald. Omdat één op de drie gezinnen nu al niet kan rondkomen van het gezinsbudget, is dat een forse drempel.

Het verlof bedraagt maximaal dertien maal de arbeidsduur per week en omvat in beginsel de helft van de wekelijkse werktijd. Op verzoek van de werknemer kan verlof voor een langere periode of voor meer uren worden toegestaan. De werkgever kan een dergelijk verzoek slechts weigeren bij zwaarwegende bedrijfsbelangen.

Ouderschapsverlof bestaat al sinds januari 1991. Toen moesten werkgevers er nog aan wennen. In april 1991 werd een werknemer wegens ongeoorloofd verzuim op staande voet ontslagen op de eerste dag van het door hem verzochte ouderschapsverlof. Hij voldeed aan alle vereisten, maar had zich laten ontvallen dat hij ook wat aan zijn huis wilde klussen. De werkgever vond dat daar het verlof niet voor bedoeld was.

De rechter stelde vast dat een werkgever aan het verlof niet de voorwaarde mag verbinden dat de werknemer zich daadwerkelijk met kinderverzorging bezighoudt. Het recht op verlof is, mits voldaan aan de vereisten, onvoorwaardelijk.

Sindsdien zijn de uitspraken schaars. Net als bij de Wet Aanpassing Arbeidsduur (WAA) die het recht op minder werken regelt, gaat een geschil doorgaans niet over de vermindering van de te werken uren, maar over de spreiding daarvan over de werkweek. Bij toepassing van de WAA lijken rechters de werkgevers wat betreft de urenspreiding nogal eens tegemoet te komen.

Bij de spreiding van het ouderschapsverlof moet de werkgever echter met een zwaarwegend bedrijfsbelang komen om de te werken uren anders te verdelen dan door de werknemer verzocht. Bij een voortdurend tekort aan kinderopvang is soepelheid pure noodzaak.

Meer over