ANALYSELIJSTTREKKERSVERKIEZINGEN CDA

De Jonge verslaat Omtzigt en gaat het CDA leiden, de blik gericht op het Torentje

Hugo de Jonge (links) en Pieter Omtzigt met hun partners na afloop van de bekendmaking van de uitslag van de tweede stemronde.Beeld ANP

De partijtop haalt opgelucht adem: Hugo de Jonge is in de tweede ronde dan toch gekozen tot nieuwe leider van het CDA. Hij kreeg 50,7 procent van de stemmen. De minister van Volksgezondheid heeft grote ambities, maar zelfs binnen zijn eigen partij heeft hij nog niet alle twijfels kunnen wegnemen.

Het is doorgaans geen goed teken als politieke rivalen opgelucht ademhalen als er ergens een nieuwe partijleider aantreedt. Toch gebeurt dat nu bij de winst van Hugo de Jonge. Alleen al het idee dat Kamerlid Pieter Omtzigt voortaan het CDA zou aansturen, leidde tot bezorgde gezichten rondom het Binnenhof. Nieuwe coalitieonderhandelingen straks met een ‘pitbull’ als CDA-leider: niemand keek er naar uit.

Met De Jonge valt beter zaken te doen, maar dat betekent nog niet dat de CDA’er ook een makkelijkere tegenstander is. Uit een recente peiling van I&O Research blijkt dat de protegé van de CDA-top meer stemmen kan weghalen bij VVD, ChristenUnie en GroenLinks dan zijn voormalige concurrent Pieter Omtzigt. Na Mark Rutte zien de meeste kiezers De Jonge nu ook als betrouwbaarste premierskandidaat.

Van leraar tot politieke fixer

Overtuigend is de winst van De Jonge niet tot stand gekomen. In eerste instantie leek hij er vooral op gespitst om de lijsttrekkersverkiezing – waar hij geen voorstander van was – zo klein mogelijk te houden. De vicepremier weigerde in de eerste ronde bijvoorbeeld in te gaan op debatuitnodigingen van televisieprogramma’s. Het bleef daardoor bij één debatje dat door de partij was georganiseerd. 

De Jonge volgde zo de geijkte strategie van de front runner: onbekendere concurrenten als Mona Keijzer en Omtzigt moesten geen kans krijgen om te groeien in de race. Het bleek een inschattingsfout. De Jonge haalde net geen absolute meerderheid en moest in de tweede ronde alsnog aan de bak om Omtzigt van het lijf te houden. 

Het is een zeldzame tegenslag in de tot dusver soepele loopbaan van De Jonge. Hij heeft een klassieke leerschool doorlopen. Eerst was de ex-pabostudent onderwijsmedewerker van de Tweede Kamerfractie. Daarna groeide hij door tot politiek assistent van de CDA-ministers Maria van der Hoeven en Marja van Bijsterveldt, twee doorgewinterde bestuurders en leermeesters. De Jonge was in die jaren de politieke fixer, de verbindingsman tussen veeleisende Kamerleden en de soms steile ambtenaren op het ministerie. Zo leerde de domineeszoon beide werelden kennen.

Hij droeg in die tijd de tassen van zijn bazen, maar wel met een branie die niemand kon ontgaan. Binnen de partij gold de ex-leraar – als twintiger stond hij vijf jaar voor de klas – als een man voor de toekomst. In 2010 werd hij wethouder van Onderwijs, Jeugd en Gezin in zijn woonplaats Rotterdam. Daar moest hij bestuurlijke ervaring opdoen.

De contacten met de Haagse top bleven hecht. In 2010 stemde De Jonge keurig voor de omstreden samenwerking met de PVV in het kabinet-Rutte II. Pas later kreeg hij spijt, net als de rest van de partij. Een dissident is hij nooit geweest.

Minister van Volksgezondheid

Het was niet de vraag óf De Jonge terug zou keren naar het Binnenhof, maar wanneer. Journalisten kregen telkens te horen dat er in Rotterdam een wethouder zat die het weleens ver kon schoppen. Toen het CDA in 2017 weer in een kabinet stapte, kwam De Jonge meteen in beeld. Hij was de uitverkorene, samen met die andere kroonprins, Wopke Hoekstra.

Toenmalig partijleider Sybrand Buma, die in 2017 al nadacht over zijn opvolging, bezorgde het CDA-talent een perfecte uitgangspositie. De Jonge werd vicepremier en minister van Volksgezondheid, een post met een gering afbreukrisico. Anders dan in voorgaande jaren was in het regeerakkoord van Rutte III afgesproken dat er dit keer niet bezuinigd zou worden op zorg. Sterker nog: De Jonge mocht miljarden extra uitgeven aan ouderenzorg. Een ideale manier om populair te worden.

De afgelopen jaren is de CDA’er, een praktiserend christen, amper in de problemen gekomen. De Jonge kent de spelregels van het Binnenhof. In debatten wist hij Kamerleden te paaien met complimenten of toegeeflijkheid. Anders verdoofde hij ze met een niet te stoppen woordenbrij waar zijn verre voorganger Ruud Lubbers, de koning van het ‘belubberen’, jaloers op zou zijn geweest. Kamerdebatten met de CDA-minister mondden niet zelden uit in uitputtingsslagen.

Ook in publieke optredens toonde De Jonge zich behendig. Bij het eerste debat van de interne CDA-lijsttrekkersverkiezing kwam opeens zijn passie voor zingen aan bod. Toen het er even op leek dat De Jonge moest gaan voorzingen, zei hij snel dat een minister van Volksgezondheid natuurlijk niet het risico kan lopen via gezang ‘een superspreader’ te worden.

Eerder beschreef NRC Handelsblad hoe De Jonge tijdens een gezamenlijk optreden minister Sander Dekker te snel af was. Een man in de zaal stond op en vroeg of hij misschien een lastige vraag mocht stellen. ‘Maar natuurlijk’, zei De Jonge en duwde meteen de microfoon in de hand van Dekker. Op het Binnenhof wordt dat gezien als vakmanschap.

Het lef van Hoekstra

Op zijn eigen beleidsterrein acteerde De Jonge vaak omzichtig. Zo liet hij achter de schermen wel doorschemeren dat de huidige zorgkosten op den duur niet houdbaar zijn, maar dat betekende nog niet dat hij daar zelf iets aan ging doen. Waarom zou hij? In de Tweede Kamer zit geen partij daar op te wachten. Het zou alleen maar kritiek opleveren. Nu laat hij een rapport schrijven voor het volgende kabinet.

Een ander dossier waar De Jonge zijn vingers niet aan brandde, zijn de persoonsgebonden budgetten (pgb’s). De invoering van een nieuw stelsel, pgb 2.0, liep keer op keer vertraging op. De Jonge benadrukte voortdurend dat ‘zorgvuldigheid boven snelheid’ gaat, maar iedereen weet ook dat een stelselwijziging politieke risico’s met zich meebrengt. De Jonge gaat daar geen last van krijgen. Inmiddels zal de volledige invoering van pgb 2.0 waarschijnlijk pas na de verkiezingen plaatsvinden.

Lang bleef het profiel van De Jonge vlak: handig, maar ook niet meer dan dat. Zijn rivaal voor het partijleiderschap, minister van Financiën Wopke Hoekstra, kwam juist bekend te staan als een man van actie. Hij overviel de Fransen bij de aandelenkoop van Air France KLM en wist te verrassen met zijn plan voor een groot investeringsfonds.

Hugo de Jonge is de nieuwe leider van het CDA. Zijn controledrift is minstens zo groot als van Mark Rutte.Beeld ANP

Het lef van Hoekstra wakkerde ook de twijfels aan over De Jonge. Wat had die nou eigenlijk precies laten zien? Zelfs binnen zijn eigen partij waren dat soort geluiden te horen. Veel CDA’ers hoopten lang op Hoekstra, niet op De Jonge. Het afhaken van de minister van Financiën was een desillusie.

In de strijd met Omtzigt, die zich onverwacht kandidaat stelde, kwamen de twijfels over De Jonge opnieuw naar boven. Vergeleken met het ongepolijste Kamerlid oogde De Jonge als een klassiek politicus. Zijn verhaal was weinig verrassend – een aloude lofzang op het politieke midden – en Omtzigt prikte tijdens een debat bij het televisieprogramma Op1 feilloos door zijn voorstel om een migratiequotum in te voeren. Binnen de huidige EU-regelgeving is dat onuitvoerbaar, oordeelde het CDA-Kamerlid. 

De Jonge hamerde er daarnaast op dat hij kloven wil overbruggen, maar tijdens de lijsttrekkersverkiezing lukte dat juist niet. Tegenstanders als Martijn van Helvert en Mona Keijzer sloten zich uiteindelijk aan bij Omtzigt en ook Hoekstra weigerde zijn steun voor hem uit te spreken.

Chef corona

Dat De Jonge uiteindelijk toch won, lijkt vooral te danken aan zijn bestuurlijke ervaring en het gebrek daaraan bij Omtzigt. Door zijn optreden tijdens de coronacrisis heeft de vicepremier krediet opgebouwd bij het grote publiek. Zijn naamsbekendheid is sinds het uitbreken van de pandemie enorm gestegen, net als zijn waarderingscijfers.

Of dat effect standhoudt tot de verkiezingen van maart is nog ongewis. Tijdens de coronacrisis heeft De Jonge wél risico’s genomen. Zo kondigde hij aan dat er binnen een paar weken een app zou zijn om mensen te waarschuwen die in contact waren geweest met geïnfecteerde personen. Zijn ministerie was daar amper op voorbereid. Het liep fout, maar De Jonge slaagde er wel in om druk op de ketel te zetten. Nu lopen alsnog de eerste proeven met de app.

Ook bij het testbeleid zette hij de GGD’s voor het blok tijdens persconferenties. Hij kondigde zonder veel vooroverleg aan dat het aantal testen drastisch uitgebreid zou worden. Met kunst- en vliegwerk lukte het. De minister had het aangekondigd, dus moest het ook gebeuren.

Fouten zijn er zeker gemaakt, erkent ook De Jonge, maar vooralsnog blijven ze niet aan hem kleven. Er bestaan in de Tweede Kamer wel grote twijfels over de aanpak van de coronacrisis in de verpleeghuizen, maar een onderzoek daarnaar zal waarschijnlijk pas na de verkiezingen duidelijkheid verschaffen. De tussentijdse evaluatie die de Kamer afdwong, dreigt weinig om het lijf te hebben. De uitvoering ligt bij De Jonge zelf.

De nieuwe CDA-leider moet nu eerst zijn verdeelde en deels teleurgestelde partij achter zich zien te verenigen. Veel leden hadden liever Hoekstra gezien, een ander deel ging voor Omtzigt. De laatste zal hoe dan ook een hoge plek op de lijst krijgen. De toekomstige rol van Hoekstra is minder duidelijk. 

Als het aan De Jonge ligt, zal de komende verkiezingscampagne hoe dan ook een strak georganiseerde operatie worden. Zijn controledrift is minstens zo groot als die van Mark Rutte, ook al zijn beide politici naar buiten toe permanent joviaal. Nauwgezet waakt De Jonge over zijn imago. Geen enkel artikel of tweet lijkt aan zijn oog te ontspringen.

Verschuiving naar links

Inhoudelijk is de nieuwe CDA-leider wendbaar, een andere overeenkomst met Rutte. In het verleden werkte hij nog goed samen met Leefbaar Rotterdam, nu presenteert hij zich juist als man van het gematigde midden. In de zorg wil hij de marktwerking terugdringen en bij sociaal-economische thema’s schuift hij op naar links. Ondertussen blijft De Jonge waarschuwen voor een te grote instroom van migranten. 

De CDA-leider volgt zo de laatste politieke inzichten: een rechtse partij kan op economisch vlak ongestraft naar links opschuiven, zolang de sociaal-culturele boodschap maar conservatief blijft. De echte linkse partijen komen zo steeds meer in de verdrukking.

Het zal voor De Jonge desondanks een hele kluif worden om Rutte te verslaan. Aan zijn ambities gaat het niet liggen. Ooit zal de premier vertrekken en dan moet er iemand klaar staan om zijn plek in te nemen. Hoekstra wilde niet wachten op dat moment, De Jonge wel.

De ex-leraar heeft al een hele klim achter de rug: fractiemedewerker, politiek assistent, wethouder, minister, partijleider. De blik is nog altijd omhoog gericht.

Naar het Torentje.

LEES OOK

Bij een interne verkiezingsstrijd zijn de risico’s groot, maar de opbrengsten vaak ook
Bij het CDA breekt een intern gevecht los om het partijleiderschap. D66 maakt zich juist op voor een georganiseerde machtsoverdracht. Twee scholen staan tegenover elkaar. Wat werkt beter: controledrift of strijd?

Hugo de Jonge: ‘Regeren met Forum? Dat gaat niet gebeuren’
Hij wil het CDA in de steden groot maken, stelt vragen bij de gerichtheid van de landbouwsector op export en sluit regeren met Forum voor Democratie uit. Hugo de Jonge: ‘We hebben als CDA een verhaal voor de grote stad, juist omdat we tegenover polarisatie staan.’

Meer over