De Gouden Hakklakker van 2004

EEN VRIEND van mij gooit zo, zonder te slikken, een liter bier naar binnen. Jarenlang vond ik dat tamelijk overbodige uitsloverij die bovendien het avondje uit nodeloos duur maakte....

Mijn zwager springt als hij in vorm is een halve meter de lucht in en klakt dan op artistieke wijze met de hakken tegen elkaar. Wij zagen in onze familie het nut van dat gespring en geklak nooit zo in, maar nu wel. Als het hakklakken olympisch wordt erkend - en dat mag niet worden uitgesloten - is mijn zwager in één klap een topsporter en over vier jaar de hoofdpersoon in een diepgravende NOS-documentaire (De Gouden Hakklakker).

Ik kijk tegenwoordig ook heel anders tegen mijn dochter Hannah (9) aan, die op het strand een groot talent voor vliegeren aan de dag legt. Olympisch potentieel!

Zelf lig ik sinds kort steevast met een wasknijper op de neus in bad om eelt te kweken op de neusvleugels. In Athene wordt het synchroonzwemmen voor mannen aan het programma toegevoegd en ik zie dat als een kans om alsnog mijn droom (olympisch goud) te realiseren.

Het IOC zegt wel dat het programma moet worden ingeperkt, maar dat zijn loze woorden. Iedereen die wat kan wat niet iederéén kan (urenlang op één been staan, honderd frikandellen binnen een uur opeten, de vlinderslag achteruit) doet er maar beter aan dat talent te onderhouden en uit te bouwen, want voor je het weet is daar de heilsboodschap van Samaranch: olympisch!

De prolongatie van het beachvolleybal in het olympisch programma heeft me de ogen geopend. Beachvolleybal! Vier jaar geleden dacht ik nog dat het hier een practical joke van de organisatie in Atlanta betrof. Of dat wat oude geilaards in een IOC-subcommissie er in een onbewaakt ogenblik hun natte droom doorheen hadden gedrukt, een faux pas die in Sydney ongetwijfeld zou worden gecorrigeerd.

Niks ervan. Deze week zag ik volleybalbaas Acosta trots door een stadion op een strand stappen. Het was het beachvolleystadion. Als ik me goed herinner speelde de sportieve softporno zich in 1996 nog af op een strand met noodtribunes, maar nu gebeurt het in een echt stadion.

En daar waren ook de zusjes Kadijk. De zusjes Kadijk!

Mijn vriend, mijn zwager, mijn dochter en ikzelf zien in de zusjes Kadijk onze eigen hoop weerspiegeld. De zusjes Kadijk stonden vroeger geregeld op het strand wat doelloos tegen een bal te rammen. Absoluut niet de geringste notie dat ze met topsport bezig waren, laat staan dat ze op de rand van olympische roem stonden en dat ze zich in september 2000 in Sydney zouden bevinden met een NOS-verslaggever voor hun neus die serieus vroeg naar hun olympische kansen.

Zo snel kan het gaan. Wie zegt mij dat de FIFA momenteel niet met een lobby bezig is om ook het strandvoetbal op de olympische kalender te krijgen, samen met het voetvolley en het balletje hooghouden individueel en voor paren? Als schaken, dammen en bridge straks olympisch worden, waarom stratego, monopolie en kat-en-muis dan niet? En wat betekent dat voor iemand als ikzelf, die in die laatste discipline onverslaanbaar is?

Juist, keihard trainen. Klaar zijn om in Athene 2004 die verantwoordelijkheid te pakken en die prestatie neer te zetten. Die droom waarmaken. Go for gold. Just do it. Die muis. Kill.

Hannah! Pak je vlieger!

Meer over