De goddeloosheid van linialen

Er stond een marimbaspeler op mijn antwoordapparaat. Iemand had een bericht ingesproken vanuit Frankfurt en op de achtergrond hoorde ik Alex Jacobowitz marimba spelen....

Marjolein Februari

Een bezoek aan Weimar is een wonderlijk soort cakewalk. Je hebt de hoogten van het stadspark en het tuinhuisje van Goethe. En pal daarnaast de peilloze diepten van de oude DDR-architectuur. Je kunt in Weimar opstijgen tot de toppen van de cultuur, maar het volgende moment stort je in de afgrond van een ideologie.

In een van de allerafschuwelijkste gebouwen van de stad ging ik indertijd kijken naar een tentoonstelling van schilderijen uit de privé-collectie van Hitler. De collectie bleek niet onaardig, een lange stoet van jachthonden en naakte nimfen, maar de sfeer op de omstreden expositie was grimmig, en in de discussies bereikte de beschaving definitief haar dieptepunt. Nog duizelig van het snelle dalen steeg ik weer op naar het oude centrum van Weimar - en daar stond Alex Jacobowitz, gekleed in de traditie van het orthodoxe jodendom, en speelde Bach, de Kunst der Fuge op marimba.

Hoewel ik steeds de zware plicht op mijn schouders voel rusten op deze plaats mee te werken aan de conflicten in de wereld, werd ik deze week zoals u ziet opnieuw afgeleid, door de marimba op mijn antwoordapparaat. Denkend aan Jacobowitz te Weimar raakte ik geïnteresseerd in de vraag hoe we de brokstukken van een samenleving weer aan elkaar kunnen lijmen, na afloop van een conflict. Ik raakte geïnteresseerd in het akelig sentimentele begrip verzoening; een onuitstaanbaar begrip als het niet zo vaak zulke overrompelende kunst opleverde.

De Weense kunstenaar Friedrich Stowasser verloor in de Tweede Wereldoorlog meer dan zestig familieleden en besloot een paar jaar later zijn naam te veranderen in Friedensreich Hundertwasser. Die nieuwe naam, hoorde ik hem ooit vertellen in een documentaire, was een verzoenend gebaar, een geschenk aan de mensheid. En tegelijk met de schoonheid van zijn naam gaf hij de mensheid ook nog de uitbundige vrolijkheid van zijn kunst cadeau; hij veranderde vuilstortplaatsen in paleizen en maakte een bezienswaardigheid van openbare toiletten. Zijn woede reserveerde hij voor de goddeloosheid van linialen en rechte lijnen: 'Alleen al het bij-zich-dragen van een rechte lijn zou, op zijn minst moreel, verboden moeten worden.' Kortom, de reactie van Friedensreich op de oorlog was een schoolvoorbeeld van disproportionele aardigheid.

Deze dagen is het woord proportionaliteit plotseling in de mode gekomen. Een woord dat in eerste instantie doet denken aan rechte lijnen, aan passen en meten, aan de redelijke rechtvaardigheid van linialen. Vorige week las ik in een krant de serieuze bewering dat Wim Kok het begrip proportionaliteit heeft uitgevonden, en je zou het haast denken. De naam van Wim Kok mist in ieder geval de onredelijke esthetiek van een naam als Friedensreich Hundertwasser: je kunt Wim op zijn kop zetten en Kok achterstevoren, maar er verandert helemaal niets. Toch hebben we het proportionaliteitsbeginsel in werkelijkheid niet cadeau gekregen van de minister-president. Het doet al veel langer dienst in het denken over recht en moraal. Wraak, vergelding, zelfverdediging: het proportionaliteitsbeginsel staat het van oudsher allemaal toe, maar houdt het tegelijkertijd binnen de perken.

Friedensreich Hundertwasser koos met het veranderen van zijn naam niet voor de proportionaliteit van rechtvaardigheid, maar voor de disproportionaliteit van verzoening. Tot voor kort was dat overigens een theologisch begrip, en kon je er in de filosofie geen uitleg over krijgen. Maar toen in Zuid-Afrika een Commissie voor Waarheid en Verzoening werd ingesteld, om de samenleving weer een beetje op gang te helpen, raakten ook de filosofen geïnteresseerd, en sindsdien zijn wat wijsgerige publicaties over het onderwerp verschenen.

Vorig jaar stelden de rechtsfilosoof Edith Brugmans en psychiater Gerrit Glas een bundel samen onder de titel Rechtvaardigheid en Verzoening - Over de fundamenten van de moraal in een tijd van geweld. Verschillende teksten in deze bundel laten zien hoe verzoening over de grenzen van de rechtvaardigheid heen borrelt. Verzoening in de vorm van vergeving, schrijft Glas in zijn bijdrage, gaat een stap verder dan het proportionaliteitsbeginsel van de rechtvaardigheid.

Al met al blijft het misschien toch een wat zijig begrip, die verzoening. Aan de andere kant, vergis u niet, zelfs met de uitgelaten esthetiek van Friedensreich Hundertwasser kunnen we bedolven raken onder puin. Als we de rechte lijnen afschaffen en als iedereen zijn eigen huis mag bouwen, zei Hundertwasser, dan moet je er rekening mee houden dat die prachtige, niet-lineaire huizen ook kunnen instorten, 'en we moeten dus niet terugschrikken voor mensenoffers'. Maar, voegde hij er meteen geruststellend aan toe, 'als zo'n leuk gebouw instort, dan kraakt het meestal wel van te voren, zodat je nog op tijd vluchten kunt'.

Dit alles is eigenlijk alleen maar een lange omweg om u kort iets te vertellen. Ook ik heb ooit een nieuwe naam gekozen om bij te dragen aan de schoonheid van het leven. Misschien klinkt de naam Februari wat minder royaal dan Friedensreich, maar niettemin had ik het goed met de mensen voor toen ik ze de stralende helderheid wilde bieden van een winterochtend, de scherpe kou van sneeuw en ijs, met de feestelijke onderbreking van het carnaval en de prille hoop op lente. De voorletter M liet ik zolang oningevuld, totdat ik van hogerhand aanwijzingen zou krijgen hoe ik verder aan mijn leven vorm moest geven. Dat moment is nu aangebroken. Ik heb het signaal ontvangen dat in de wereld behoefte is ontstaan aan warmte, aan de bitterzoete aroma's van mediterrane streken, aan de tot verzoening stemmende loomte van middagzon en herdersuur. Daarom bied ik u vanaf vandaag mijn voornaam aan. Ik hoop dat u er wat aan hebt.

Meer over