De geesten en de lukuman

De ‘winti’ waardoor Surinamers soms geplaagd worden, zouden met hun voorouders zijn meegereisd toen deze als slaven uit Afrika werden gehaald....

Deze aflevering gaat over geesten, genezers, zwarte magie en over een jonge Surinaamse vrouw van 25 die begin dit jaar haar zoontje drie dagen niet naar school heeft laten gaan.

Eigenlijk is het een zaak van niks. Gewoon een boete van 100 euro betalen en klaar. Maar de jonge vrouw wil niet betalen en zit zwijgend tegenover de kantonrechter.

Stilte heerst, de jonge vrouw wiebelt op haar stoel. ‘Het is’, fluistert ze, ‘iets persoonlijks.’

Iedere andere moeder – Nederlands,Turks, Marokkaans, Chinees, maakt niet uit – die dit zou hebben gezegd, zou met een boete de rechtbank zijn uitgelopen. Maar de jonge vrouw is Creools en heeft het geluk dat de officier van justitie haar niet gelooft.

‘Het is winti hè’, zegt de officier.

‘Ja’, fluistert de vrouw.

‘Mens, zeg dat dan. Voor ons maakt dat verschil.’

Een van de eerste keren dat winti in de rechtspraak aandacht kreeg, was in 1999. De advocaat Gerard Spong (zelf van Surinaamse origine) verdedigde toen een Amsterdammer van Surinaams-hindoestaanse komaf die zijn zoontje van 7 jaar met een keukenmes had gedood en zijn dochter (8) en oudste zoon (10) ernstig had verwond. De man zei tot zijn daad te zijn gekomen onder invloed van winti-toverij. Zijn vrouw zou hem hebben vervloekt, waardoor hij een onbedwingbare drang had gekregen om zelfmoord te plegen, met alle gevolgen vandien. Volgens Spong was zijn cliënt door de winti-toverij psychisch zo uit balans gebracht, dat het misdrijf hem niet kon worden aangerekend.

Het gerechtshof dacht daarover anders en veroordeelde de vader tot 8 jaar cel en tbs met dwangverpleging. ‘De mogelijke voodoo die op de vader zou zijn gezet, is geen excuus voor wat hij zijn kinderen heeft aangedaan’, aldus het hof. De rechters begrepen niet waarom de man zijn kinderen ‘moest’ neersteken. De voodoo, aldus de rechters, richtte zich immers op de vader en niet op de kinderen.

Vóór deze zitting uit 1999 was veertien keer eerder tijdens strafprocessen een beroep gedaan op overmacht omdat winti in het spel zou zijn geweest. De laatste jaren lijkt cultuur echter vaker als wapen te worden gebruikt in de rechtszaal. Meestal als een ontlastend argument, naar voren gebracht door advocaten. Maar soms ook door het Openbaar Ministerie, juist als verzwarende omstandigheid. Denk bijvoorbeeld aan de schietpartij in 1999 in het Leijgraafcollege in Veghel, waarbij een 17-jarige jongen, gestuurd door zijn vader, de eer van zijn familie moest wreken. De jongen kreeg 5 jaar cel, zijn vader 8 jaar.

Terug naar de jonge Surinaamse vrouw, terug naar winti.

Winti laat zich niet gemakkelijk definiëren. Het is een Afro-Surinaamse religie waarin magische rituelen een grote rol spelen. Winti (letterlijk: wind) staat voor alle bovennatuurlijke wezens die door Anana Kedoeaman Kedoeampon (God) zijn geschapen. De winti, zo is de gedachte, zijn met de Afrikaanse voorouders meegereisd toen deze als slaven naar Suriname werden gebracht. Er zijn goede, kwade, hogere en lagere winti. De lagere, bij wie het kwaad overheerst, belagen de mens voortdurend. Zij spelen bij de zwarte magie (wisi) een grote rol.

Een belangrijk aspect van winti is het geloof dat taboes en zonden van generatie op generatie kunnen overgaan. Wanneer iemand een taboe doorbreekt, kan dit gevolgen hebben voor vele generaties na hem. Dit heet kunu, en is een ‘bovennatuurlijke ziekte’ die wordt veroorzaakt door de wraakgeest. In de Afro-Surinaamse cultuur hebben alle ziekten natuurlijke en bovennatuurlijke oorzaken. Om die reden is niet alleen van belang de reguliere huisarts te raadplegen, maar ook een bonuman (spiritueel genezer), een lukuman (ziener) of een dressman (kruidengenezer).

De jonge Surinaamse vrouw vertelt: in een paar jaar tijd had ze enorme buikklachten gekregen. Steeds vaker begon haar lichaam spontaan te trillen. De pijn werd ondraaglijk. Uiteindelijk kon ze niet meer lopen. Ze dacht dat ze dood ging. Niets wat de artsen adviseerden hielp. ‘Een winti-genezer zei toen dat ik meteen naar Suriname moest en wekenlang moest baden in bronnen. Als ik dat niet zou doen, zou ik doodgaan.’ Dus ging ze in de kerstvakantie naar Suriname, samen met haar zoontje. Ze had het reinigingsritueel echter nog niet helemaal doorlopen toen de scholen alweer begonnen. En een half afgemaakt ritueel helpt niet. Dus daarom was haar zoon drie dagen niet op school.

De rechter legt de vrouw geen boete op.

Meer over