De erfenis van het kabinet-Balkenende

Betere inburgering van immigranten, geen wachtlijsten in de zorg, geen lerarentekort en minder misdaad - dat waren enkele van de thema's rond de verkiezingen van 15 mei....

Asiel en integratie
Minister Nawijn van Vreemdelingenbeleid en Integratie heeft tijdens zijn bewind vier dingen kunnen bereiken. Hij besloot, met instemming van de Tweede Kamer, dat het gros van de Afghaanse asielzoekers kan terugkeren naar hun vaderland, omdat dat grotendeels veilig is. Hij regelde dat asielzoekers die via een ander Europees land naar Nederland zijn gereisd (de 'Dublin-claimanten') alsnog opvang krijgen in asielcentra. Dat plan was overigens al door Paars voorbereid.

Nawijn gaf meer gemeenten geld voor het inburgeren van migranten die al langer in Nederland zijn en hij gaf twee asielzoekers een verblijfsvergunning, tegen een afwijzende beslissing van zijn ambtenaren in. Nawijn heeft ook, via zijn Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND), de hand gehad in de 'veegacties' van illegalen in Den Haag en Amsterdam.

Gezondheidszorg
In een touringcar ontvouwde minister Bomhoff van Volksgezondheid vorige maand zijn oplossing voor de wachtlijsten. Niet het budget is voortaan maatgevend voor het aantal bedden en ingrepen, maar de behoefte van patiënten, zei hij. Bomhoff koerste zo af op een kostenexplosie.

'Bomhoffs bluf', noemde collega-econoom Flip de Kam het scenario. Het budget wordt overschreden, de Tweede Kamer weigert het ziekenfondspakket uit te dunnen of een eigen bijdrage in te voeren, waarna het kabinet niets anders kan dan extra geld uittrekken of aftreden. Dan zou de LPF als kampioen van de gewone man de verkiezingen ingaan.

Het tegenovergestelde gebeurt. Voor de zorg zijn de gevolgen echter beperkt. Meer vraagsturing, minder regels, meer concurrentie tussen ziekenhuizen en verzekeraars: het zijn ontwikkelingen die al in gang waren gezet. Bomhoff probeerde slechts onderdelen te versnellen. Verzekeraars sturen vooruitlopend op hun nieuwe rol zelf al meer patiënten naar andere ziekenhuizen, naar privé-klinieken of naar het buitenland.

Onderwijs
Voor het onderwijs bleken 87 dagen te kort voor concrete resultaten. De verplichte kleutertoets voor alle vierjarigen en het plan om te stoppen met lessen in de eigen taal voor allochtone leerlingen zijn voorlopig van de baan. De klassenverkleining blijft beperkt tot de jongste kinderen.

Ook de plannen van staatssecretaris Nijs, die het beroepsonderwijs en het hoger onderwijs in portefeuille had, zijn het papieren stadium niet ontgroeid. Nijs wilde het verbod op fusie tussen universiteiten en hogescholen opheffen, snoeien in het grote aantal opleidingen en de onderwijsmarkt openbreken. Hogescholen en universiteiten moeten gaan concurreren op kennis en kwaliteit, ook met buitenlandse aanbieders van onderwijs. Bovendien stelde ze het collegegeld ter discussie. Voor echte top opleidingen mag best een hogere prijs worden gevraagd.

Veiligheid
Veiligheid en bestrijding van de criminaliteit kregen topprioriteit van het kabinet, maar pas donderdag, een dag na de val, konden de plannen worden gepresenteerd. Er komt meer blauw op straat, ongeveer vierduizend man, maar vierduizend minder dan Paars II had toegezegd. De belofte om de volledige capaciteit van de politiescholen te benutten, 3000 man per jaar, wordt niet nagekomen.

Het ontbrak het kabinet aan de financiële middelen om de ambities waar te maken. Voor politie, justitie, brandweer en rampenbestrijding kon slechts 800 miljoen gulden extra worden uitgetrokken. Volgens de plannen moet de politie beter presteren. Dat betekent strenger handhaven, meer boeven vangen en zich minder bemoeien met maatschappelijke problematiek. Probleem is dat het Openbaar Ministerie en de rechtbanken nu al het werk niet aankunnen dat de politie aanbiedt. Het kabinet-Balkenende maakte, althans op papier, wel een einde aan het diepgaande conflict tussen justitie en politie over de landelijke recherche: er komt een centraal aangestuurd opsporingsapparaat.

Meer over