De dodenmis voor keizer Maximilaan

Dostojevski blijft het proberen aan de speeltafel.

Baden-Baden, 15 juli 1867

Vandaag was ik opnieuw om zeven uur wakker, die huilebalken laten me niet slapen; een kind heeft de hele nacht gehuild, niet gewoon gehuild maar gebruld, eerder om het genoegen dan uit leed. Ik probeerde weer in te slapen, en toen het niet lukte heb ik Madame Bovary gelezen - fascinerend.

Om negen uur wilden we als gewoonlijk opstaan. Ik bleef nog even liggen omdat ik me weer niet lekker voelde, maar Fedja stond op en begon in de kamer te ijsberen.

Een lange rij koetsen kwam ons huis voorbij, met louter dames in het zwart erin. Tegelijkertijd begonnen de kerkklokken te luiden. Later ontdekten we dat er een dodenmis werd gevierd voor de vermoorde keizer Maximilaan (de op 19 juni gefusilleerde Habsburgse keizer van Mexico, red.).

Roulette

Die arme vorst, ik treur om zijn lot! Wat een prachtige, standvastige man - zijn troon wilde hij niet opgeven, liever stierf hij dan als een verstoten vorst terug te keren. Eigenlijk wilde ik ook naar de kerk, maar het was vreselijk heet en ik was toch te laat gekomen.

Om twaalf uur vertrok Fedja naar de roulette, met iets meer dan zes goudstukken op zak, maar al snel kwam hij terug, met de mededeling dat hij alles had verspeeld (maakt niet uit).

Hij vroeg me om nog tien goudstukken, die ik hem ook gaf. Dit keer bleef hij lang weg.

Anna Dostojevskaja-Snitkina (1846-1918), echtgenote van de Russische schrijver Fjodor ('Fedja') Dostojevski. Fragment uit haar postuum uitgegeven dagboek.

Meer over