De dino's van Máxima

Hoeveel poepte een Argentinosaurus huinculensis per dag? Hoeveel kilo planten at hij? Hij was tenslotte de grootste dinosauriêr die ooit heeft geleefd, 80 duizend kilo zwaar en 36 meter lang....

Eric Hendriks

Alleen zijn nek en hoofd, samen twaalf meter lang, zijn te zien op de tentoonstelling Dino Argentino in museum Naturalis in Leiden. Zijn héle geraamte zou niet hebben gepast in de expositieruimte, waarin zo'n vijftien skeletten en fossielen van Argentijnse dino's staan. Er ís wel een tweede vertrek ingericht voor de expositie, maar dat is bestemd voor de interactieve panelen waarmee het publiek vragen als bovenstaande kan beantwoorden.

De komst van deze expositie naar Leiden is te danken aan prinses Máxima. Naar aanleiding van haar huwelijk zocht het Museo Argentino de Ciencias Naturales contact met de collega's in Leiden met de vraag of die geïntereseerd waren in een tentoonstelling over Argentijnse dinosauriërs.

Sinds een jaar of twintig is Máxima's geboorteland een belangrijke vindplaats van dino's. Maar er is iets bijzonders mee. De meeste Argentijnse (Zuid-Amerikaanse) voorhistorische reptielen wijken af van hun verwanten uit Europa of Noord-Amerika. Niks Tyrannosaurus of Diplodocus, maar andere soorten en geslachten.

Toen de eerste dinosauriërs op aarde verschenen, zo'n 230 miljoen jaar geleden, zat het huidige Zuid-Amerika nog vast aan Afrika als onderdeel van het grote continent waarvan ook Eurazië en Noord-Amerika deel uitmaakten. Maar pakweg 130 miljoen jaar geleden splitste Zuid-Amerika zich af van Afrika en begonnen de dinosauriërs in Zuid-Amerika aan een eigen ontwikkeling. Tot ze - net als hun verwanten elders - 65 miljoen jaar geleden massaal uitstierven.

Niet dat de Argentijnse soorten nou zo afwijken van die van elders. Voor een leek is het onderscheid moeilijk te ontwaren en ook de tentoonstelling vermeldt niet waar het afwijkende in zit. De gelijkenis is begrijpelijk: de Zuid-Amerikaanse dino's hadden dezelfde afstamming en bezetten dezelfde evolutionaire niches als de soorten van andere continenten. Vlees- en planten eters dus, grote en kleine dieren, vier- en tweepotigen, zwemmers en landrotten.

Maar het was wel een groep met uitersten, zo blijkt uit de expositie. Niet alleen de grootste dino aller tijden is daar te zien, ook de kleinste, een aandoenlijk skeletje in een ei. Net zo aandoenlijk is het fossiele wezentje Lagosuchus talampayensis dat doorgaat voor de voorouder van alle dino's. Enkele decimeters groot is het, 228 miljoen jaar oud, uitgerust met poten waarmee het vermoedelijk naar kleine prooidieren en insecten sprong.

Afschrikwekkend daarentegen is de enorme schedel van de Gigantosaurus carolini met zijn tanden als dolken. Het is de grootste vleesetende dino die ooit heeft geleefd, zeggen de samenstellers van de expositie. Negentig miljoen jaar geleden verslond hij in Noordoost-Patagonië prooien vanwaar hij andere roofreptielen had verjaagd. Imposant is ook het gebeente van Amargasaurus cazaui met zijn enorme, rechtopstaande stekels in de nek. Vermoedelijk was dit een geraamte voor een huidflap die koelte bracht, net als de grote oren van de olifant.

Wie meer wil weten over dinosauriërs dan is te zien en te lezen in de zaal met fossielen en skeletten (die overigens deels bestaan uit afgietsels) kan dus terecht in een tweede vertrek. Daar staan vele panelen waarop uit meerdere mogelijkheden antwoorden kunnen worden gekozen op tal van vragen. Bijvoorbeeld waarom de krokodillen wel hebben doorgeleefd en de dino's niet. Of waarom groot zijn voordelig is en hoe oud dino's werden.

Niet alle vragen kunnen worden beantwoord, want dit deel van de expositie heeft een beetje last van de vloek van elke interactieve manifestatie: sommige panelen doen het niet en andere reageren erg traag. Maar hoeveel een A. huinculensis dagelijks poepte en at is wel te achterhalen: respectievelijk duizend en tweeduizend kilo.

Meer over