De Britten zullen Blair nog missen

Wat nog ontbreekt is een T-shirt met het opschrift: Jeruzalem 9-9, Ramallah 10-9, Beiroet 11-9, Brighton 12-9, Manchester 25-9, enzovoorts....

Na bijna tien jaar zijn de Britten uitgekeken op Tony Blair, net zoals ze dat eind jaren tachtig waren op Margaret Thatcher. De populariteit van Blair is gedaald tot een absoluut dieptepunt. Volgens de laatste peiling ziet slechts 25 procent van de Britten in hem een capabele leider.

Maar het probleem is dat ze nog minder enthousiasme kunnen opbrengen voor zijn mogelijke opvolger Gordon Brown, de huidige minister van Financiën. Slechts 17 procent vindt hem een capabele leider. En slechts 8 procent denkt dat Brown voldoende persoonlijkheid heeft voor de baan – voor Blair is dat tenminste nog 22 procent. Brown wordt alleen geacht de problemen van de natie beter te begrijpen: hij scoort hier 22 procent, tegenover 20 procent voor Blair.

De val van Tony Blair vorige week heeft zijn ‘opvolger’ nog verder beschadigd. Brown is afgeschilderd als de nieuwe Brutus, de man die de poten onder de stoel van de premier heeft weggezaagd en daarna lachend in de auto stapte. Hij is verweten de kwade genius te zijn geweest achter de coup die Blair dwong aan te kondigen binnen twaalf maanden op te stappen. Hij zou hierdoor de partij zelfs hebben vernietigd.

Daarnaast twijfelen Labourkopstukken als voormalig minister Charles Clarke openlijk aan zijn geschiktheid als premier. Brown zou een controlefreak zijn. Hij zou te weinig moed hebben en niet in staat zijn de psychologische vraagstukken van het land aan te voelen. Hij wordt gezien als een emotieloze robot die alleen op de centen kan passen, maar niet de natie kan inspireren of een nieuwe koers kan uitzetten. Kortom, Brown is niet bepaald iemand naar wiens premierschap door de natie reikhalzend wordt uitgekeken.

Brown zelf probeert op dit moment zijn imago bij te stellen. Afgelopen zondag ontkende hij zijn betrokkenheid bij de coup in een taal die volgens BBC-verslaggever Nick Robinson zelfs ‘menselijk leek’. De 55-jarige Brown probeerde cool over te komen. Hij zei een fan te zijn van de Arctic Monkeys. En hij verklaarde zelfs als Schot (mogelijk de enige in dat land) te hopen dat Engeland ooit wereldkampioen voetballen zal worden. Gisteren benadrukte hij zijn patriottisme verder door een bevlogen speech bij de lancering van de nieuwe Mini – ‘een bewijs dat dit land kan concurreren in de wereldeconomie’.

Brown is nog altijd dé troonpretendent binnen Labour, maar niet langer de gedoodverfde, laat staan automatische opvolger. Bij de bookmakers in Londen die over het algemeen betere voorspellers zijn dan opiniepeilers, zijn de kansen voor de huidige minister van Financiën in de afgelopen week al flink gedaald. Daarentegen is die van mogelijke Blairite-uitdagers gestegen. Op dit moment zijn de politieke zwaargewichten binnen Labour aan het wikken en wegen: scharen ze zich achter Brown of wagen ze zelf een kans, met het gevaar uit de politieke boot te vallen?

De meest waarschijnlijke uitdager voor Brown is op dit moment de huidige minister van Onderwijs Alan Johnson. In een gisteren gehouden toespraak liet hij iets van zijn ambities doorschemeren. In plaats van zich tot zijn portefeuille te beperken pleitte hij voor een vereniging van New Labour en Old Labour in Real Labour. Maar voor Britten is Johnson een even onbekend fenomeen als voor buitenlanders.

Een meer geprofileerde Blairite als de huidige minister van Binnenlandse Zaken John Reid zou het volk meer aanspreken dan Johnson, hoewel zijn populariteit even gering is als die van Blair zelf. Mogelijk staat op het laatste moment in de leiderschapsstrijd nog een outsider op die de natie wel kan begeesteren. Maar de meeste Britten hebben er weinig vertrouwen in.

Tory-leider David Cameron wordt door velen nog het meest gezien als Blairs natuurlijke opvolger, maar deze jonge politicus zal op zijn vroegst pas bij de verkiezingen van 2009 een kans maken op het premierschap. Daarnaast is hij te veel een upperclass-figuur om echt in de voetsporen van Tony Blair te treden.

De Britten zullen Blair bij gebrek aan alternatieven waarschijnlijk nog gaan missen. En hoe dichter zijn echte afscheid nadert – vermoedelijk in mei volgend jaar – hoe populairder hij waarschijnlijk zal worden. Mogelijk hoeft hij zijn ‘long goodbye’ dan niet te beëindigen met spitsroeden lopen.

Peter de Waard

Meer over