De boekenkast van Taco Dibbits

Taco Dibbits (1968) is directeur collecties van het Rijksmuseum in Amsterdam. 'Het meetorsen van kennis van anderen kan ook een last zijn.'

'We wonen nu drie jaar in dit huis en eindelijk zijn de boekenkasten goeddeels ingericht. Dat het zo lang heeft geduurd, heeft te maken met tijdgebrek. Aan drie jonge kinderen en een Rijksmuseum dat opnieuw moest worden ingericht had ik mijn handen meer dan vol. Met dit huis, dat hiervoor van mijn oom en tante was, erfden we ook een deel van de boedel, waaronder stapels kunsttijdschriften uit de jaren zestig en zeventig, zoals L' Oeil. Deze houten boekenkast met stalen staanders is ontworpen door architect Paul van den Berg in opdracht van diezelfde oom, die Galerie Espace had. De hoogten tussen de planken zijn precies goed voor kunstboeken.


' In deze kast staan mijn Italiaanse kunstboeken, die ik als student kunstgeschiedenis begon te verzamelen. Ze staan alfabetisch op volgorde van kunstenaar, de tentoonstellingscatalogi op volgorde van stad. Biografieën lees ik vrijwel niet. Uitzonderingen zijn het bijzondere boek van Gombrich over de kunsthistoricus Aby Warburg en de Vite van Georgio Vasari, waarin hij niet alleen de levens beschrijft van de belangrijkste kunstenaars van zijn tijd - het Italië van de zestiende eeuw - maar ook hoe die werken tot stand zijn gekomen. Dat heeft mij altijd zeer gefascineerd.


'Van alle catalogi die in de kast staan, heb ik de tentoonstellingen ook daadwerkelijk bezocht. Al rondlopend maak ik aantekeningen in de catalogus. Hoe is de conditie van het schilderij? Welke zou ik in het Rijksmuseum willen tentoonstellen als zich een geschikte gelegenheid voordoet?'


U bent voor studie en werk vaak verhuisd. Cambridge, Los Angeles, Florence, Londen en nu weer terug in Amsterdam. Richtte u steeds op dezelfde manier uw boekenkasten in?

'Nee, dit is de eerste keer dat de kasten echt geordend zijn. Jarenlang heb ik mijn boeken in dozen achter mij aan gesleept, in steeds grotere aantallen, want overal kocht ik weer bij. De meeste dozen bleven ongeopend. Er waren perioden dat ik het zelfs fijn vond om niet altijd maar al die boeken om mij heen te hebben. Het meetorsen van al die kennis van anderen kan ook een last zijn, zeker als je zelf aan het schrijven bent. Mijn leermeester Ernst van de Wetering zei het ooit treffend: 'Je hebt mensen die lezen en mensen die schrijven.'


Komt u toe aan romans of leest u alleen vakliteratuur?

'Je kunt niet alles bijhouden. Voor literatuur en theater verlaat ik mij sterk op wat vrienden mij aanraden. Ik wil door hen verrast worden, werelden ontdekken die ik niet ken. Vroeger deed mijn oom dat. Via hem leerde ik de dichter Breyten Breytenbach waarderen, maar ook iemand als August Willemsen. Onlangs las ik op aanraden van een vriend Mother's Milk van Edward St Aubyn, een fantastisch boek. Een van mijn lievelingsboeken is L' Oeuvre au noir van Marguerite Yourcenar. Het is sterk verbonden met mijn vak.


'Moderne kunst en literatuur zijn meer de afdelingen van mijn vrouw. Op die rijen met reisgidsen en reisboeken na, die zijn weer mijn inbreng. Ook die staan vol aantekeningen, zoals in dit boek van de diplomaat Daniel van der Meulen die begin vorige eeuw door Jemen reisde en daarvan verslag deed in het standaardwerk Faces in Shem. Veel komt er niet meer bij. Het vroegere streven naar compleetheid heb ik laten varen, mede omdat het Rijksmuseum een fantastische bibliotheek heeft.'

Meer over