De boekenkast van Paulien Cornelisse

Paulien Cornelisse (1967) is schrijfster en cabaretière. Van haar eerste boek Taal is zeg maar echt mijn ding zijn meer dan 500 duizend exemplaren verkocht, haar tweede boek En dan nog iets is genomineerd voor de NS Publieksprijs.

U heeft een e-reader, kan de boekenkast de deur uit?

'Een huis met alleen een e-reader is anders dan een huis vol boeken. Het geeft me een onbehaaglijk gevoel als ik ergens binnenkom waar geen boekenkast is. Het voelt vreemd en ongezellig. Mijn kast gaat er dus nooit uit, maar wordt misschien een soort tijdcapsule, omdat er door die e-reader minder boeken bijkomen. Behalve voor boeken gebruik ik de kast ook om spullen in op te bergen. Op de onderste plank staat een gereedschapskist, naast een krat met geleende boeken die terug moeten. Op diezelfde plank zie je een krat met het opschrift 'Om te bewaren'. Vroeger heette het krat 'Leuk om te bewaren', maar omdat lang niet alles leuk is wat wil ik wil bewaren, zoals overlijdensberichten bijvoorbeeld, heb ik het opschrift veranderd.'

Leest u boeken zoals u luistert naar mensen, lettend op elk detail?

'Ja, dat is ook de reden dat ik liever Engelse fictie lees dan Nederlandse. Hoewel Engels me geen moeite kost, struikel ik minder snel over woorden die mij niet zinnen. Het is gewoon vervelend als ik het woord 'slipje' lees, terwijl ik denk te weten dat de man die wordt opgevoerd gewoon 'onderbroek' zegt, gezien zijn leeftijd en woonplaats. Dan vind ik het lastig om door te lezen. Ook als ik een woord als 'queeste' tegenkom, haak ik af. Ik heb een hekel aan bombastisch taalgebruik en opgelegde diepzinnigheid. Daarom houd ik zo van Karel van het Reve en Renate Rubinstein, ook al omdat ze zich niet te goed voelden om te schrijven over kleine, op het eerste oog, onbeduidende onderwerpen. Op de plank met mijn Nederlandse lievelingsboeken staan zij naast elkaar, samen met onder meer Kees van Kooten en Bob den Uyl. Ik hecht meer aan het kleine, aan de details, dan aan grote, politieke verhalen. Ik ben dan ook al lang fan van Simon Carmiggelt en van Voskuil. Op de bovenste plank staan alle Voskuils naast het verzameld werk van Proust, maar daaraan kom ik nog even niet toe, denk ik.'

Scheurt en streept u in uw boeken?

'Hooguit vouw ik de pagina om waar ik gebleven ben. Strepen doe ik alleen in studieboeken, scheuren doe ik niet. Ik heb van huis uit meegekregen zuinig te zijn op boeken. De afgelopen jaren ben ik vaak verhuisd, wat me dwong om boeken weg te doen. Daarmee heb ik dan weer geen moeite. Idealiter staan alleen die boeken in de kast die je nog moet lezen of waarvan je zeker weet dat je ze zult herlezen. Ik ben geen type dat streeft naar een verzameling boeken die je gelezen móét hebben volgens La Bibliothèque Idéale. Wat je leest is een afspiegeling van wie je bent en waar je op dat moment behoefte aan had. Het leuke aan een boekenkast is dat je wordt geconfronteerd met vroegere obsessies - zoals ik onder meer heb gehad met Twin Peaks en Suske en Wiske.

Ik lees nu het dagboek Nota bene '45 van Erich Kästner, een van mijn lievelingsschrijvers. Later weet ik dan dat ik het boek kocht nadat ik een fragment had gelezen op een leuke website met dagboekfragmenten. Waarom keek ik toen iedere dag op die website? Die vraag vind ik interessanter dan het streven naar een soort van complete, ideale boekenkast.'

undefined

Meer over