reportage

De avondklok is geschrapt, dus de nachtelijke jacht op de bewoners van de visvijver is heropend

Vader en zoon vissen 's nachts op karpers in visvijver 't Ber’s Kuiltje.
 Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Vader en zoon vissen 's nachts op karpers in visvijver 't Ber’s Kuiltje.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Langzaam gaat Nederland weer van het slot. Waar hebben we naar uitgekeken? Vader en zoon Van Dijk jagen na het verstrijken van de avondklok op een karper van 14 kilo, al is dat te weinig voor een ‘echt gevecht’.

De circa veertig karpers in visvijver ’t Ber’s Kuiltje bij Middelbeers trokken zich weinig aan van de avondklok. Ook na zonsondergang scholen ze flink samen in de paaihoek. Alsof ze het bord ‘verboden te vissen’ konden lezen.

Paul van Dijk (44) had de afgelopen maanden niet de volledige vrijheid te doen wat hij graag doet: in het donker zijn hengels uitwerpen. Dus toen hij vernam dat de maatregel op woensdag 28 april zou vervallen, besloot hij meteen donderdag een paar uur later te beginnen, zodat hij de nacht kon doorhalen. Controle over je eigen agenda is een van de voorrechten van het werken als zelfstandige in de bouw.

Paul wist ook meteen waar hij moest zijn. Hier, bij de visvijver van zijn Hengelsportvereniging De Drie Baarzen, net buiten zijn Noord-Brabantse dorp. Zeker niet het meest avontuurlijke water voor een geoefende sportvisser als hij. De grootste karper die hier rondzwemt weegt 14 kilo – te weinig voor een ‘echt gevecht’.

Maar het gezelschap is goed. Zoon Luc (11) is mee. Deze vijver is zijn domein. Woensdagmiddag uit school pakt hij de fietskar en rijdt erheen. Net zoals Paul zelf vroeger deed.

Vissendisco

Zo lang er mensen bestaan, vissen ze. Maar aan de opstelling hier aan de waterkant is verder niks primitief. Drie hengels met drie beetmelders in fluorescerend rood, geel en groen doen een vissendisco vermoeden. In Pauls tent staat een stretcher met een matras van traagschuim dat zich naar zijn lichaam vormt. Een ‘stukje comfort’, voor als je veertig nachten per jaar buiten bivakkeert.

Een vleermuis ritst de schemering dicht. Nog even en het is tien uur – vanavond is niemand meer illegaal. De principiële discussie over de vrijheidsbeperkende maatregel ging goeddeels aan de vissers voorbij. Ze gingen gewoon wat vaker overdag vissen. Net als veel anderen: de afgifte van visaktes nam in het coronajaar 2020 met 30 procent toe.

Nachtelijke stilte

Voor de kans om een karper te vangen maakt het niet zo veel uit, zegt Paul, of je nu in het licht of het donker vist. Het is de ontspanning van de nachtelijke stilte na een dag hard werken die hem trekt. Het gescharrel van ratjes en konijnen om je tent. Het denken aan niets.

De bliepers! Beet. ‘Pak hem maar’, klinkt het op vaderlijke toon. Een brasem, de derde vanavond. Ze komen er normaal gesproken hun bed niet voor uit. Maar er is altijd de hoop op iets groters. Volgende week gaan ze samen naar Frankrijk. Daar, bij Limoges, ving Luc drie jaar geleden een knoeperd van 24,8 kilo.

Je zou in deze intieme miniatuur van vader en zoon een gedicht van Hans Lodeizen kunnen zien, tegen het decor van de nacht die je ‘als een handschoen aan- en uittrekt’. Maar Luc zegt gewoon: ‘Het leukste aan vissen is dat je iets kunt vangen.’

Morgen moet hij gewoon weer naar school, trouwens. Straks slaapt hij in zijn eigen bed. Maar deze nacht pakken ze hem niet meer af.

Kijkt u er ook naar uit binnenkort iets weer voor het eerst te kunnen doen? Mail J.vandenberg@volkskrant.nl

Meer over