De Armani-bitch van pagina drie

Hoewel er in vakkringen al een hoop gedoe over is geweest, schokt het toch even: Het Parool openslaan, en pagina drie volledig in beslag genomen zien door een advertentie....

Dit klinkt alsof ik een tegenstander van zo'n advertentie op pagina drie ben, maar dat is niet zo. Het nieuws dat hier vroeger stond, zal wel elders staan, vermoed ik. En of een foto van een mooie meid - want dat is die Armani-bitch natuurlijk toch - nu op een linker- of een rechterpagina staat, maakt niets uit voor de vraag of mijn oog erop zal vallen. Alleen stel ik vol herfstmelancholieke berusting vast dat deze innovatie een verbetering is voor alle partijen behalve voor de lezer.

De firma Armani ziet zich prominenter in de krant staan, en het noodlijdende Parool vangt meer geld voor het afstaan van deze prominente pagina. Maar wat schiet de lezer er nu mee op? Die moet wat langer bladeren om het nieuws te vinden dat hij of zij anders in één oogopslag geordend voor zich ziet. Nu zou dit klein leed zijn als ik niet het gevoel had hierin een uiting te moeten zien van een bredere, ja zelfs 'paars' te noemen trend. Dat is de drang bij kranten tot het verstevigen van de eigen financiële positie, ongeacht de belangen van de lezers.

Langzamerhand wordt op de redactie van zo'n beetje elke Nederlandse krant wel gedacht of gewerkt aan een plan het aantal katernen op zaterdag te verkleinen. Het Parool is op die dag al teruggegaan van vier naar drie, en wel door het vroegere zaterdagse bijvoegsel PS te combineren met delen van zowel het kunst- als het wetenschapskatern tot één nieuw supplement op halfformaat, weer onder de naam PS. Andere kranten, waaronder de Volkskrant en het Algemeen Dagblad, studeren op de mogelijkheid katernen samen te voegen tot één nieuw kleurenbijvoegsel oftewel magazine.

Wie heeft hiervan voordeel? In elk geval de advertentie-afdeling, die lucratieve annonces in kleur kan gaan werven. Misschien bespaart het papier; dat kan ik niet beoordelen. Zulke commerciële overwegingen zijn trouwens heel eerbaar, en ik heb niet de minste pretentie nu een maatschappelijke misstand bloot te leggen. Maar schieten de lezers er iets mee op?

Uiteraard zullen ze erop worden gewezen dat ze niet meer hoeven te klagen over de papierberg die over hen wordt uitgestort. Maar daarover klagen ze lang niet allemaal. Ja, mensen die beroepshalve al veel moeten lezen, zoals journalisten. Journalisten zouden evenwel niet zoveel moeten luisteren naar journalisten. Het zou me niets verbazen als veel 'gewone' mensen, die op maar één dagblad zijn geabonneerd, een dikke krant op zaterdag juist iets feestelijks blijken te vinden; een bewijs dat ze waar voor hun geld krijgen. Aan de andere kant: als die lezers op zaterdag naast de gewone nieuwskrant een mooi magazine in de bus vinden? 'Mooi' niet alleen in de betekenis van een fraaie vormgeving, maar ook in inhoudelijk opzicht? Als het nu een blad wordt met een duidelijk eigen karakter, dat iets toevoegt - zoals journalistieke genres die in de 'dagkrant' niet aan bod komen?

Juist daarover ben ik sceptisch. Samenvoeging van katernen wordt niet alleen bepaald door inhoudelijke afwegingen, maar evenzeer door drukschema's en werkroosters. De kans is groot dat het nieuwe bijvoegsel een grabbelton van ditjes en datjes wordt, zoals het nieuwe zaterdagse PS van Het Parool: een paar 'leesverhalen', wat wetenschap, wat kunst, wat media- en wat service-nieuws; een roddelrubriek. Het is niet slecht, maar ook niet beter dan vroeger. Een al jaren geleden gelanceerd idee voor een magazine bij NRC Handelsblad verwaterde geleidelijk tot een plan voor een rommelzolder met delen van ontmantelde bijvoegsels, voordat het, althans voorlopig, in een bureaulade belandde. Terecht. Wat schiet de lezer ermee op?

Onvermijdelijk rijst de vraag hoe ik me dan een investering in de lezer voorstel. Een correspondent in Alaska erbij? Het beursoverzicht op rijm? Elke dag een tekening om zelf in te kleuren? Mijn voorstel is simpel: geef een verslaggever die anders twee dagen krijgt om een verhaal uit te werken, eens vijf dagen. Tien tegen één dat het een beter verhaal oplevert. Als dat kan worden gefinancierd uit de opbrengst van een Armani-advertentie op pagina drie, dan heb ik daar écht vrede mee.

Meer over