'De Amerikaanse tv-kijker wil shit, liefst vierentwintig uur per dag' Branford Marsalis over zijn vertrek bij 'The Tonight Show with Jay Leno'

In 1992 zette de Amerikaanse jazzsaxofonist Branford Marsalis een opmerkelijke stap: hij zegde de jazzpodia vaarwel en verdween in de tv-studio's van Los Angeles, waar hij muzikaal leider werd van de Tonight Show van Jay Leno....

ERIK VAN DEN BERG

KAN DIE ellende niet zachter, zie je de saxofonist denken als we een rustig hoekje zoeken in het Haagse hotel. Het duurt even voor de knop gevonden is die het kwelende kinderkoor de mond snoert. 'Aardige muziek, herinnert me aan m'n kindertijd', probeer ik, om het ijs te breken. Branford Marsalis vertrekt geen spier: 'Dat moet een leuke kindertijd geweest zijn.'

Niet dat Marsalis ruzie zoekt - de Amerikaanse ster-saxofonist kan ontwapenend grappig zijn en kijkt doorgaans wat minder strijdlustig uit zijn ogen dan zijn nòg beroemdere broertje, de trompettist Wynton Marsalis. Maar vandaag staat zijn hoofd niet zo naar humor. Branford Marsalis (34) is op Europese tournee met zijn formatie Buckshot LeFonque, en die loopt minder lekker dan zou moeten.

Marsalis is geen eenkennige jazzmuzikant. Net als zijn geleerde broer is hij een serieuze pleitbezorger van de jazz, maar anders dan Wynton haalt hij zijn neus niet op voor pop of hip hop. Na zijn samenwerking met Sting in de jaren tachtig, is Buckshot LeFonque de eerste eigen groep waarin de saxofonist zich omringt met rappers, keyboardspelers en scratchers. Omdat Buckshot LeFonque geen pure jazz speelt, maar een mengeling van hip hop, rhythm 'n' blues, rap en nog wat stijlen, wil de leider op de Europese jazzfestivals niet onder zijn eigen naam optreden - het was sowieso niet zíjn idee om uitgerekend jazz-festivals op te zoeken, verzekert hij.

'Want wat doen die festivals? Die hangen affiches op met in grote letters: Branford Marsalis, en daaronder in een priegellettertje: en zijn nieuwe groep Buckshot LeFonque. Nou, dan verwacht het publiek dus jazz. Hier op het North Sea Jazz Festival valt het wel mee, dat is al heel lang geen puur jazzfestival meer. Maar in Perugia en Nice zaten de mensen ons gewoon aan te gapen. It was stupid to play there. Ze dachten dat we gek geworden waren.'

Voor welk publiek is Buckshot LeFonque dan wèl bedoeld? Marsalis verwijst naar zijn vorig jaar verschenen Columbia-cd (deze maand opnieuw als dubbel-cd uitgebracht, met niet eerder verschenen remixes): 'Het is geen jazz en het is geen hip hop. We spelen een stuk van Elton John, No Gain No Pain is pure rap, Some Cow Fonque (de tune van 'In bed met Van Kooten & De Bie') heeft een country & western-feeling. Het is geen cd waar zo'n handig etiketje op zit. It's a music album. Precies waar ik van hou.'

Met dat repertoire kunt u in principe een breed publiek bereiken. Lukt dat?

'We hebben die potentie, maar het publiek weet niet dat we bestaan. Dat kijkt naar MTV en luistert naar radiostations voor acid jazz, en die stations draaien onze muziek gewoon niet. We zijn maar af en toe met een clip op MTV te zien, terwijl groepen als Galliano en Incognito zo'n beetje om het uur vertoond worden. Wat krijg je dan? Na concerten komen mensen op ons af: Hey! You guys are great, who are you?'

De heruitgave van de Buckshot-cd bevat een hoop remixes. Moeten die de cd een herkansing geven?

'Geen idee. Vraag het de afdeling marketing maar. Ik maak muziek, ik verkoop het niet. De meeste van die remixes hadden we sowieso al opgenomen, naast de originele versies, want ik weet hoe de business in elkaar zit. Dus toen de platenfirma me om remixes vroeg kon ik ze meteen leveren.

'Het zou aangenaam zijn als mijn muziek op de radio werd gedraaid, maar ik ga er geen gekke dingen voor doen. Met dj's ontmoeten en radiostations bezoeken heb ik geen problemen, maar ik ga geen golftournooien openen om mezelf op de radio te krijgen. Ik vind dat goede muziek een kans moet krijgen op de radio gehoord te worden. Zo zit de muziekwereld natuurlijk niet elkaar, maar verder dan die gedachte gaat mijn involvement niet.'

Met uw naam op de hoes zou het vast makkelijker gaan.

'David Bowie kwam met de groep Tin Machine. Waarom trad hij niet als David Bowie op? Omdat hij wist dat de mensen in de zaal dan om Groundcontrol to Major Tom zouden roepen. Bij mij zouden ze jazz willen horen, snap je? Met Buckshot speel ik voor mensen die na afloop zeggen: wow, ik ben nooit naar een jazzconcert geweest, maar. . . Die leg ik dan maar weer uit dat ze nog stééds geen jazz hebben gehoord. Dat krijg je met die labels.'

Buckshot la Funke was het pseudoniem van saxofonist Cannonball Adderley, op een Blue Note-lp van de boptrompettist Louis Smith uit 1958. Wilde u hem eer betonen?

'Welnee, ik vond die naam gewoon cool. Als Louis Smith zich Buckshot had genoemd had ik 'm ook gebruikt. Waarom ik Funke in Fonque heb veranderd? Omdat ik uit Louisiana kom.'

In mei 1992 baarde u nogal wat opzien door de leider te worden van het huisorkest van The Tonight Show with Jay Leno, een van de populairste tv-programma's in Amerika. Waarom verkoos u de tv-studio boven de jazzpodia? Had u genoeg van het toeren?

'Why do I do any of this shit? Waarom zou ik een succesvolle jazzcarrière onderbreken om voor een tv-programma te gaan werken, en waarom zou ik midden in dat tv-werk een cd als Buckshot LeFonque opnemen? Geen idee. De mogelijkheid biedt zich aan, en je zegt ja of nee. Ik ben kennelijk een van die types die dan ja zegt. En voor de duidelijkheid: ik was misschien moe van al die tournees, maar ik zocht geen vaste baan. Anders had ik er nòg wel gezeten.'

Inderdaad: het rumoer herhaalde zich toen u begin dit jaar weer even onverwacht de Tonight Show verliet. U had toch een vijfjarig contract met NBC?

'Ha! Contract schmontract. Je weet toch hoe eenvoudig het is een contract te verbreken. Nee? Dan zal ik het je vertellen: het is eenvoudig. Het duurt even, en het kan ingewikkeld worden, maar het is eenvoudig.'

NBC had u aanvankelijk artistieke vrijheid beloofd, maar toen de kijkcijfers achterbleven werd u gedwongen muzikale rommel te spelen. Daarom bent u opgestapt.

'Dat is de leugen die ze in de Verenigde Staten vertellen. Ze konden me niks maken, want in mijn contract was mijn vrijheid vastgelegd. Als we bepaalde shit speelden deden we dat omdat we er lol in hadden, omdat het muziek uit onze jeugd was bijvoorbeeld. Maar ze hebben me nooit kunnen dwingen. Nee was mijn stopwoord in de show, en dat werd geaccepteerd omdat het contractueel vastlag. Het enige alternatief was mij te ontslaan, wat zou betekenen dat ze me toch de volle vijf jaar moesten uitbetalen. En daar waren ze veel te gierig voor.

'De reden dat ik weg wilde had met iets anders te maken, met de filosofie achter de show. Want als je veertien goede jazzplaten gemaakt hebt, twee Grammy's hebt gewonnen en regelmatig optreedt in Carnegie Hall, waarom zou je überhaupt zoiets vernederends willen doen als echte muziek in een tv-programma spelen?'

Voor hoeveel miljoen kijkers per avond?

'Voor hoeveel soorten kijkers per avond. Jazzmuziek is in de VS alleen op public television te zien. Het wordt zelden of nooit op de grote netwerken vertoond, en niet zonder reden: jazzmuziek interesseert de Amerikaanse tv-kijkers geen barst. Ze kijken er niet naar, ze begrijpen het niet en ze houden er niet van. Dus als ik jazz had willen spelen, dan was ik wel op tournee gegaan. In de Tonight Show is geen ruimte voor jazz, daar heb ik nooit een seconde aan getwijfeld.'

Elke avond zagen miljoenen tv-kijkers u spelen. Een uitgelezen kans om jazz bij een groot publiek te introduceren.

'Woooooo, wat een naïeve gedachte! Het publiek weet echt wel wat het wil. Op de ene zender hebben we Oprah Winfrey met een studio vol boulimie-patiënten die hun hond opaten. Op de andere zit Geraldo Rivera, die praat met transseksuele broers die vroeger lesbisch waren en nu naar bed gaan met de echtgenoten van de zusters van hun zwagers. Op nummer drie vertelt Sally Jessie Raphael ons alle geheimen van de grote football-spelers. En een heel eind verderop heb je een uitstekend programma dat het McNeil-Lehrer Report heet. Het is het enige goede nieuwsprogramma op de Amerikaanse tv. Het is elke dag om zes uur te zien op public television, en er kijkt geen hond naar.

'Het uitgangspunt lijkt me duidelijk: de Amerikaanse tv-kijkers willen shit, en wel 24 uur per dag. Je weet dus waar je aan toe bent, als je voor een tv-show gaat werken. You see where the line is. Er is een grens van de minste weerstand, ook in muziek op tv. En ik verkeerde in de veronderstelling dat onze show nooit onder die grens zou zakken. Ik dacht zelfs dat wij op den duur de visie op de Amerikaanse tv-show wat zouden kunnen veranderen. Maar toen de kijkcijfers niet meteen naar wens waren, werd de grens een beetje lager gelegd. En uiteindelijk bereikten we een niveau waarin kennelijk alles gepermitteerd was om de cijfers op te krikken.'

De grapjes die u moest uitwisselen met Jay Leno.

'Daar had het niets mee te maken. You're not hearing me, man - het had niets met mijn rol in de sketches of de muziek te maken. Ik heb het over de hele filosofie: grappen over O.J. Simpson, over rechter Ito, iedere avond weer. . .

'Ik wil niets insinueren, maar stel dat je er tegen bent dat dieren om hun vacht worden doodgemaakt en je werkt desondanks in de bonthandel. Dan heb je twee mogelijkheden: of je bent een hypocriet, of je stapt op.'

Werken voor de camera's gaat u wel goed af. In de door Spike Lee geregisseerde clip van 'Breakfast at Denny's (een nummer op Buckshot LeFonque) hebt u een overtuigende rol.

'Spike heeft geweldig werk geleverd. Columbia wilde hem eerst niet hebben, zij hadden plannen met een andere regisseur. Maar ik zei: kan me niet schelen, voor dìt nummer, voor déze video wil ik Spike.'

Vanwege de verwijzing naar de zwarte secret service-agenten die uit racistische overwegingen werden geweerd uit Denny's Restaurant in Maryland?

'Het onderwerp was geknipt voor Spike. Voor elke gedachte die hij wil uitdrukken vindt hij beelden waarmee hij je letterlijk je kop inslaat. Herinner je je het begin van Malcolm X, met de Rodney King-beelden? De film moet nog beginnen en je zit al: ooooooooh.

'Maar acteren is weer iets anders. Ik heb gewoon veel persoonlijkheid, en die buit ik uit. Het was leuk om die clip te maken, maar het was heus geen Othello.'

Toch vroegen Danny DeVito en andere regisseurs u al eens voor een rol.

'En dan zeg ik nee. Meestal. Tegenwoordig denkt blijkbaar iedereen dat hij een renaissance man is. Haast elke Amerikaanse atleet wil als hij stopt acteur worden. Omdat ze denken dat ze kunnen acteren? Welnee, omdat het een manier is om hun beroemdheid in stand te houden. Alsof het een goddelijke gave is, die je toekomt omdat je toevallig beroemd bent. En waarom ook niet: er zijn genoeg lousy acteurs beroemd geworden.

'Maar ik heb vrienden die acteur zijn en ik pieker er niet over om zomaar in een film te stappen. Ik heb te veel respect voor hun vak. Net zoals ìk het niet zou pikken als zij zomaar als jazzsaxofonist zouden beginnen.

'Zo heb je John Tesh, de presentator van het tv-programma Entertainment Tonight die zich nu jazzpianist noemt. Hij maakt platen als Sax by the Fire, waarop hij met allerlei jazzsaxofonisten speelt. Verkoopt miljoenen cd's. Maar het heeft niks met jazz te maken. Hell no.'

Over respect gesproken. In 1988 droeg u het album 'Trio Jeepy' op aan de nagedachtenis van saxofonist Buddy Tate, die toch in het geheel niet dood was.

'Ik schaamde me niks. Hij belde me op: I want you to know that I'm very much alive. Ik lachte me zowat dood. En ik was blij dat hij nog leefde, vanzelfsprekend. Het was niet mijn fout, overigens. Mijn broer Delfeayo (die de plaat produceerde) belde me op toen ik op tournee was: ''Hey man, Buddy Tate just died, wanna put his name on the record?'' Ik zei nog: weet je het zeker? Nou ja, ik zie het maar zo: over twintig jaar is iedereen vergeten hoe het precies zat, en dan staat zijn naam toch maar keurig op de hoes.

'Grappig hoor, al die journalisten die je meteen bellen: o, o, je hebt een fout gemaakt. So what? You listened to the record, asshole? Buddy Tate, een groot muzikant. Ik vermoed dat ik hem alleen aan wat extra werk heb geholpen, als Lazarus'

Wat uw eigen toekomst betreft: u voorspelde eens dat u na uw veertigste zou stoppen met optreden. . .

'. . .en kinderen les in jazzmuziek zou gaan geven. Dat heb ik lang geleden gezegd, toen ik 27 was. Toen kon ik me niet voorstellen dat ik na mijn veertigste nog zou spelen. Maar dat ik in de Jay Leno-show zou staan kon ik me toen al evenmin voorstellen. En aangezien ik daar drie jaar verloren heb, moet ik nu misschien zeggen dat ik na m'n 43ste stop.

'Ach, ik ben slimmer dan toen. Ik ben niet meer zo zeker van mezelf, en ik heb iets geleerd: Life is what happens to you when you sit around making plans.

'Ik kan je daarom precies vertellen wat mijn plannen zijn: dit jaar nog nemen we een nieuwe Buckshot-cd op, van januari tot maart 1996 doe ik een reeks jazzconcerten, in april neem ik een nieuwe jazz-cd op, in september/ oktober komt er nog een, vlak voor de volgende Buckshot-tournee, in 1997 ga ik een nieuw album met klassieke saxofoonmuziek opnemen, en voor 1998 staat een tournee met klassieke muziek geboekt die ergens in juni eindigt in Frankrijk, zodat ik precies op tijd terug kan naar mijn prachtige villa om van de World Cup op tv te genieten.'

Meer over