Weblog

'De achteloze pracht van Ron Sexsmith'

Gijsbert Kamer was zeer onder de indruk van het optreden van Ron Sexsmith gisteravond in Tivoli de Helling in Utrecht.

© Brunopress. Dave Morgan/Alpha 068761 Beeld
© Brunopress. Dave Morgan/Alpha 068761

Zelden zo aangenaam verrast door een optreden als gisteren bij Ron Sexsmith in Tivoli de Helling in Utrecht. Ik was eigenlijk niet eens van plan om te gaan. Op zondag ben ik maar moeilijk vooruit te branden als het om concertbezoek gaat. Lang overwoog ik nog om naar The War On Drugs in de Paradiso bovenzaal te gaan, maar die pak ik tijdens een volgende tour wel mee, stelde ik mezelf een beetje slapjes gerust.

Schamen
En toen kwamen we gisteren op de kinderboerderij bij ons in de buurt N&N tegen. Zij zouden naar Ron Sexsmith gaan en hadden er erg veel zin in. Die laatste twee platen waren immers erg goed, vonden ze. Ik begon me een beetje te schamen. Hoe goed had ik die laatste twee platen van Ron Sexsmith eigenlijk beluisterd. Wist ik de titel (Long Player Late Bloomer) van zijn in maart verschenen laatste plaat eigenlijk nog wel? Nee, en dat terwijl ik eind jaren negentig toch een groot liefhebber van de platen van Ron Sexsmith was. Ik interviewde hem een keer, na de soundcheck in de Melkweg, oktober 1997. Hij had toen net zijn tweede album uit Other Songs. Zijn eerste was me aanvankelijk ontgaan maar Elvis Costello liet zich er in het blad Mojo zeer enthousiast over uit. En zijn zegen betekende in die tijd nog wat. Althans voor mij.

Er waren meer singer/songwriters die de boomlange Canadees (hij deed me kwa postuur erg aan mijn toenmalige chef Michaël Zeeman denken) hoog hadden zitten. Elton John bijvoorbeeld (die een goede kijk heeft op muziek, al valt dat aan zijn platen de afgelopen dertig kaar niet te horen) en Rod Stewart die het prachtige Secret Heart coverde.

Lof
Sexsmith sprak er toen al over dat al die lof wel leuk was en een cover door Rod Stewart goed was voor het betalen van de rekening maar dat hij liever wat vollere zalen had. Die heeft hij bij mijn weten niet veel gehad. Toch gaat hij al jaren onverdroten voort. Hij brengt iedere paar jaar een plaat uit die welwillend door de critici worden besproken, maar de grote zaal van Paradiso heeft hij bij mijn weten nooit uit weten te verkopen.

Dat heeft een beetje met zijn wat sullige gedrongen uitstraling te maken, of met het gegeven dat zijn liedjes net niet radiovriendelijk zijn. Ik gok maar wat, want ik kan er ook niet precies de vinger op leggen. Sexsmith heeft ook een beetje de pech dat er weinig meer over hem te vertellen valt dan dat hij kundige, ambachtelijke liedjes schrijft. Daar ben je als recensent na een plaat of drie ook wel klaar mee. O, een nieuwe Ron Sexsmith, leuk, maar biedt het nieuwe inzichten? Nee. 'Gewoon, weer een mooie plaat van Ron Sexsmith', denk je dan en besluit de lezers er verder niet nog eens mee lastig te vallen.

Een live-bespreking dan? Hij stond dit keer keurig op de lijst, maar werd tijdens de popvergadering weggehamerd met het argument: wat moeten we daar nog over beweren? Nieuwe plaat is al een half jaar oud, en in april was hij ook al in Nederland.

Ik meld dit allemaal met een licht gevoel van schaamte, maar ik weet dat het overal zo werkt. Over Ron Sexsmith lees ik al jaren weinig meer. De laatste keer dat ik op hem gewezen werd was in maart van dit jaar, op SXSW in Austin. Daar speelde Emmylou Harris in het voor haar te kleine Antone's integraal haar nieuwe plaat. Hard Bargain, naar een liedje van Ron Sexsmith. Het was, zo vertelde ze haar favoriete liedje op de nieuwe plaat, en Sexsmith was een van haar lievelings-muzikanten.

Hoogtepunt
Prachtig liedje inderdaad, en hoogtepunt van haar set.
Gisteren in De Helling speelde Sexsmith het ook, iets mompelend over dat het hem niet als heel bijzonder voorkwam maar dat hij zich toch vereerd voelde door Harris.

Een hoogtepunt was het niet eens, gisteren, want alle liedjes vond ik een hoogtepunt. Echt, er zat geen mindere broeder tussen. Van zijn meeste platen kwam iets voorbij (Strawberry Blonde, Wastin' Time, Gold In Them Hills) en alleen een openingsregel als 'In every nowhere town there are everywhere dreams' van Love Shines is genoeg om jezelf over te geven.

Sexsmith heeft een heldere, beetje afgeknepen stem, die me aan Jackson Browne deed denken. Maar zijn vier begeleiders voorzagen hem vaak van meerstemmige achtergrondzang, en speelden ook nog eens heel knap, zonder ook maar een moment uit het strakke keurslijf van de composities te ontsnappen.

Perfect geluid
Zelden zo'n perfect geluid gehoord als gisteren in De Helling. Ieder detail (en daar zijn de liedjes zeer rijk mee gevuld) was waarneembaar. Toetsen, gitaar en drums bleven knap in balans, en vormden een handig vangnet als Sexsmith er net een beetje naast zat. Dat gebeurde een enkele keer, maar het had wel iets aandoenlijks hoe hij in een fractie van een seconde zich weer herpakte. Hoe ogenschijnlijk simpel alles ook klonk, als je het vijftal zo aan het werk zag, begreep je pas hoe nauw alles luistert.
Het was echt iedere minuut genieten van het samenspel, maar ook van de afwisseling in tempo en sfeer die er wel degelijk in het repertoire zit.

Ieder liedje was rijk aan kleur en emotie, ik vond veel nieuwe liedjes gisteren zelfs veel beter klinken dan op de plaat, die ik inmiddels een paar keer gedraaid heb. Het was zo'n optreden dat je doet realiseren hoe leuk het kan zijn om zelf muziek te maken. Te verdwijnen in knap gecomponeerde liedjes.

Er is niks modieus of hip aan de liedjes van Ron Sexsmith. Al zijn ze mogelijk wat te vol gearrangeerd voor de gemiddelde Americana liefhebber. Het was gisteren in De Helling ook niet uitverkocht, wat gelukkig geen invloed had op het spelplezier. Grappig vond ik het om vooraan in de zaal Bertolf (links) en Tim Knol (rechts) enthousiast te zien meezingen. Beiden zijn zeker schatplichtig aan Sexsmith. Sexsmith toonde zich op zijn beurt weer enthousiast over support-act Lea die hij, heel sympathiek, ook bedankte aan het slot van zijn optreden.

Puike band
Een optreden dat me nog lang bij zal blijven. Sexsmith lijkt er vrede mee te hebben dat zijn muziek niet door de massa zal worden opgepikt, en speelt er niet minder door. Eigenlijk schandalig dat iemand zoals hij die al zestien jaar kwaliteitspop maakt, zo weinig mensen weet te mobiliseren. Maar dat is iets waar Sexsmith zich zelf al niet meer druk over maakt. Te hopen is dat het hem in elk geval nog genoeg oplevert om zijn puike band te kunnen betalen.

Ik, en ik vermoed ook de rest van de aanwezigen, kom in elk geval volgende keer weer. Wat een argeloze perfectie werd er hier ten toon gespreid. En wat ben ik blij dat ik gegaan ben gisteren. En bij een volgende plaat ga ik hem ook weer interviewen. Ron Sexsmith verdient aandacht en een groter publiek.

Gijsbert Kamer
is redacteur van de Volkskrant en schrijft over popmuziek.

Meer over