De 5 hoofdpijndossiers van de Rabobank

Vandaag maakt de Rabobank haar halfjaarcijfers bekend. Ooit misschien de gezondste bank van de wereld heeft het lastig.

De glans is er een beetje van af bij de Rabobank, die vandaag zijn halfjaarresultaten publiceert. In de eerste jaren van de crisis kon de bank bogen op zijn unieke triple-A-status, die de Utrechtse bank bestempelde tot een van de gezondste banken ter wereld. Toenmalig bestuursvoorzitter Bert Heemskerk blaakte van trots dat de Rabo als enige grote Nederlandse bank niet op de schatkist hoefde te teren om de kredietcrisis te doorstaan. In 2013 krijgt de Rabobank nog steeds goede rapportcijfers van de kredietbeoordelaars, maar Fitch, Moody's en S&P houden daarbij wel steeds meer slagen om de arm. De winst over 2012 was de laagste in zes jaar. De bank worstelt met vijf hoofdpijndossiers.

Hoofdpijndossier 1:

Slechte kredieten

De Rabobank is sterk vertegenwoordigd in de probleemgebieden van de Nederlandse economie. De bank is de belangrijkste financier van het Nederlandse midden- en kleinbedrijf. Lastig, want bij de kleinere, niet-exporterende bedrijven vallen nu de hardste klappen. De Rabobank is bijvoorbeeld veruit de belangrijkste kredietverlener aan de binnenvaart. Een groot aantal schippers heeft vlak voor de crisis miljoenenleningen bij de Rabobank afgesloten om nieuwe, grotere schepen te kunnen kopen. Nu kampt de binnenvaart met overcapaciteit en kunnen de schippers die leningen niet meer aflossen.

Rabobank is ook sterk vertegenwoordigd in de bouwsector (toestand: dramatisch), de tuinbouw (crisis), detailhandel en horeca (van kwaad tot erger). Eind 2012 had Rabobank 5,3 miljard euro aan leningen met grote betalingsachterstanden op de balans staan. Dat is 2,4 procent van de totale kredietportefeuille. Deze cijfers zullen vandaag zeker niet zijn verbeterd, en vrijwel zeker verslechterd. Van de slechte kredieten kwam eind vorig jaar 1,5 miljard euro op het conto van de vastgoedportefeuille. Net als andere banken moet de Rabobank honderden miljoenen afschrijven op kantoren en winkelpanden die onverhuurbaar blijken. De bank kondigde in mei aan te stoppen met de ontwikkeling van commercieel vastgoed. Dochtermaatschappij MAB, die zich met deze tak van sport bezighoudt, wordt de komende twee jaar afgebouwd.

Hoofdpijndossier 2:

De coöperatie-structuur

De Rabobank profileert zich graag als bank die dicht bij de mensen staat. Een belangrijk onderdeel van dat gekoesterde imago is de coöperatiestructuur. Bestuursvoorzitter Piet Moerland blijft in interviews zijn liefde voor de coöperatievorm belijden, maar dit komt steeds onwaarachtiger over. Achter de schermen wordt er namelijk flink gecentraliseerd. Rabobank Nederland geeft de 136 lokale Rabobanken steeds minder ruimte. Dat heeft twee redenen: strenger toezicht en digitalisering. In reactie op de kredietcrisis is toezichthouder De Nederlandsche Bank zich strenger gaan opstellen. Van oudsher hebben de lokale banken veel vrijheid in hun kredietverlening. DNB neemt daarmee niet langer genoegen en eist dat de lokale banken zich aan standaardnormen voor (bijvoorbeeld) hypotheekverstrekking conformeren. Rabobank Nederland heeft de controle op de lokale banken verscherpt, wat veel spanningen geeft in de Rabobank-organisatie.

Een ander probleem is dat klanten hun bankzaken tegenwoordig per mobiele telefoon en internet afhandelen. Daardoor voelen ze minder binding met hun bank. Klanten letten steeds meer op prijs. De Rabobank, die zich altijd heeft onderscheiden met zijn regionale aanwezigheid, verliest daarmee een belangrijk concurrentievoordeel. De coöperatiestructuur is relatief duur en inefficiënt. De Rabobank gaat ongeveer de helft van zijn ruim 800 filialen de komende jaren sluiten.

Hoofdpijndossier 3:

Bestuursperikelen

Bestuursvoorzitter Piet Moerland gaat volgend jaar met pensioen. Een duidelijke kandidaat voor zijn opvolging is er niet en dat schept onzekerheid bij de buitenwacht. Sowieso rommelt het de laatste tijd in de raad van bestuur van de Rabobank. Moerland en financieel directeur Bert Bruggink hadden begin dit jaar een hoogoplopend conflict over de demotie van Gerlinde Silvis. Moerland zette Silvis in januari in samenspraak met president-commissaris Lense Koopmans uit de raad van bestuur omdat ze niet goed genoeg functioneerde. Bruggink was naar verluidt laaiend, omdat hij niet in dat besluit was gekend. Hij boycotte daarom een tijdje de bestuursvergaderingen, aldus Het Financieele Dagblad. Bruggink en Moerland hebben hun conflict bijgelegd, heeft de bank laten weten. Voor Silvis, die medeverantwoordelijk was voor het onder controle brengen van de lokale Rabobanken, is echter nog geen opvolger benoemd. Een ander bestuurslid, Hans van der Linden, zit al enkele maanden ziek thuis. Weer een ander lid van de raad van bestuur, Sipko Schat, is aangeschoten wild omdat hij als hoofd van de grootzakelijke divisie verantwoordelijk is voor de betrokkenheid van de Rabobank bij het Libor-schandaal.

Hoofdpijndossier 4:

Het Libor-schandaal

De Rabobank is lid van het internationale bankenpanel dat de Libor-rente bepaalt. De Libor (London Interbank Offered Rate) is een van de belangrijkste interbancaire rentetarieven, en geeft aan tegen welke rente banken elkaar geld lenen. De Libor is belangrijk, omdat veel andere rentetarieven, waaronder bijvoorbeeld de hypotheekrente, ervan worden afgeleid. In juni 2012 werd duidelijk dat de banken in het panel de rente hadden gemanipuleerd door te liegen over de rente die zij werkelijk aan elkaar betaalden. Door de Libor hoger of lager voor te stellen dan die werkelijk was, konden hun derivatenhandelaren meer winst maken met rentespeculaties. Een aantal buitenlandse banken die in het Libor-panel zitten hebben zeer hoge boetes moeten betalen vanwege hun betrokkenheid bij de fraude. Het Britse Barclays schikte voor 350 miljoen euro. De Zwitserse bank UBS moest 1,2 miljard euro betalen. Het persbureau Bloomberg meldde een paar maanden geleden dat de Rabobank waarschijnlijk voor 337 miljoen euro zal schikken. Moerland heeft gezegd dat de bank hierover voor het einde van het jaar duidelijkheid zal geven. Mogelijk maakt de Rabobank de hoogte van de schikking vandaag bekend.

Hoofdpijndossier 5:

De ledencertificaten

De Rabobank heeft geen aandeelhouders die het bestuur het vuur aan de schenen kunnen leggen, maar wel een hoop obligatiehouders. De bank heeft 277 miljoen ledencertificaten uitgegeven met een gezamenlijke waarde van 6,6 miljard euro. Dat kapitaal is onderdeel van het eigen vermogen van de bank. De Rabobank heeft dat geld nodig om aan de nieuwe, strenge Europese kapitaaleisen voor banken te kunnen voldoen. Dat de Utrechtse bank in vergelijking met andere banken altijd een erg goede vermogenspositie heeft gehad, is mede te danken aan de populariteit van deze ledencertificaten. Het is dus erg vervelend voor de bank dat de leden deze waardepapieren sinds enkele maanden op grote schaal proberen te dumpen. Ledencertificaten zijn achtergestelde obligaties, en die hebben door de onteigening van obligatiehouders bij de nationalisatie van SNS Reaal en de redding van de Cypriotische banken een slechte naam gekregen. Achtergestelde obligatiehouders raakten bij deze manoeuvres al hun geld kwijt. De Rabobank koopt bij de maandelijkse veiling de overtollige ledencertificaten op om de koers te ondersteunen, maar de certificaten die de bank zelf bezit, tellen niet mee in het eigen vermogen. De vlucht van de certificaathouders bedreigt daarom de vermogenspositie van de bank.

undefined

Meer over