'David Bowie wilde nooit oud worden in de rock 'n roll'

David Bowie is 65 geworden. Wat moeten we daarmee, vraagt muziekjournalist Gijsbert Kamer zich af. 'Eigenlijk heeft de popwereld al een jaar of acht niks meer van hem vernomen.'

David Bowie in 1974.Beeld getty

Het is u vast niet ontgaan, afgelopen zondag is David Bowie 65 jaar geworden. Ja, op dezelfde dag dat Elvis Presley 77 zou zijn geworden als hij niet in 1977 al was overleden.

David Bowie leeft nog, maar in welke gezondheid, dat is al jaren onduidelijk. Mogelijk is dit er de oorzaak van dat er betrekkelijk weinig aan zijn verjaardag 'gedaan' is. Het is zelfs mogelijk dat het u is ontgaan dat de grootste popster van de jaren zeventig nu de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt, want los van een treffend stuk in The Guardian kwam ik weinig substantieels tegen in de grote kranten uit zijn vaderland, terwijl ik ook een mooi profiel in de zondageditie van The New York Times niet had uitgesloten.

Maar ja, wat moet je nu met David Bowie? Als Bob Dylan 70 wordt kun je nog melden dat hij nog altijd actief is en je zelfs sterk maken voor het argument dat zijn beste werk na dat uit de jaren zestig, zelfs nog maar tien jaar oud is. Ook Neil Young maakt nog platen, en er is recent nauwelijks een artiest te noemen die meer discussies heeft losgemaakt met een nieuwe plaat als Lou Reed die onlangs samen met Metallica Lulu uitbracht.

Maar over David Bowie kun je eigenlijk niet anders dan in de verleden tijd spreken. Zijn laatste album en tournee dateren immers uit 2003. Daarna dook hij nog een enkele keer op (zoals in 2005 bij Arcade Fire) maar eigenlijk heeft de popwereld al een jaar of acht niks meer van hem vernomen. Dat is niet erg, maar ergens past de 'verleden tijd' niet bij David Bowie. Die stond met zijn muziek altijd op zijn minst in het heden, maar bood zijn luisteraars nog meer een blik in de toekomst.

Jukebox
Het vorig jaar veel gebezigde woord 'Retromania' is iets waar hij zich eigenlijk nooit schuldig aan gemaakt heeft. Sterker nog, in 1990 kondigde hij zijn Sound + Vision tournee aan, waarin hij voor het laatst zijn grote hits ten gehore zou brengen. Daar schrok iedereen van. Later zou ook blijken dat hij geen woord kon houden. Naar alleen nieuw werk zouden domweg te weinig mensen meer komen luisteren. Maar het was wel even een dappere geste. Bowie zou in de jaren negentig en daarna weliswaar een aantal keren proberen onder zijn rol als entertainer en live-jukebox uit te komen, en met soms experimenteel, soms mooi, maar vaker lelijk (okay, kwestie van smaak) werk de aandacht te trekken.

Maar wilde hij grote arena's of stadions vullen, dan kon hij niet om Ziggy Stardust, Rebel Rebel, Golden Years, Fame, Ashes To Ashes en Heroes heen. Dat heeft hij zich ook gerealiseerd, maar echt genoegen lijkt hij nooit met dit gegeven genomen te hebben.

Eigen schuld. Want hij was zelf de eerste 'grote' rockster die op een gegeven moment in zijn loopbaan zo overduidelijk het juk van de 'vernieuwer' van zich afwierp en zich als mainstream entertainer ging manifesteren. Dat was in 1983 toen zijn album Let's Dance verscheen. Ik was niet een heel groot Bowie fan, maar bewonderde zijn platen wel, die ik steeds beter was gaan leren kennen. Maar Let's Dance vond ik echt een ongelooflijk stomme plaat. Ja, een k*tplaat. Ik begreep er ook niks van. Die bokshandschoen? Die suffe clip, die iedereen zo mooi vond. Maar goed, Let's Dance werd een hit. En zelfs in het jeugdhonk waar ik dj was, kon ik er niet omheen. Goed, voor elke keer Let's Dance dan maar een keer Blue Monday draaien (dat was vreemd genoeg wel een nummer waar alle overgebleven Bowie fans schande van spraken, want te 'disco').

Entertainen
Hoe kon de man die in 1980 het toch nog heel behoorlijke Scary Monsters had gemaakt, bijna drie jaar niks van zich laten horen (een eeuwigheid voor iemand die in de tien jaar daarvoor iedere negen maanden wel iets nieuws uitbracht) en dan zo'n vlakke plaat maken? Omdat hij wilde entertainen. Weg alle maskers, niet meer ieder jaar in een nieuw pakje een nieuwe muziekstijl omarmen (glamrock, disco, krautrock) maar gewoon gezellige muziek maken. Let's dance dus, met z'n allen en het liefst in grote stadions.

Want hij was na de Stones (en een keertje Dylan) toch een van de eerste mega-acts die naar de Kuip trok, en wereldwijd een stadiontournee aandurfde. Daar wilde in 1983 ook heel Nederland heen, zo leek het in mijn belevingswereld. Ik niet, maar ik geloof wel dat iedereen er een toptijd had. Meer dan die tournee die een paar jaar na deze Serious Moonlight volgde, die iets met Glass Spider heette, en waar zelfs zijn grootste fans hun twijfels bij hadden.

Doorzichtig
Bowie zelf ook. Want hij probeerde eind jaren tachtig weer terug te keren naar de basis. Met een echte rock 'n rollband zou hij weer state-of-the-art rock maken. En daar was Tin Machine, de band die op minstens zoveel hoongelach kon rekenen als Lou Reed nu met zijn Metallica-samenwerking nu. Het was misschien ook allemaal wat te doorzichtig: Pixies nummers spelen. Of later, toen Britpop even hip werd, flirten met Morrissey en Suede.

Ook de drum & bass die zijn laatste enigszins spannende plaat Earthling (1997) domineerde had iets kunstmatigs. Het was te doordacht. Te veel flirten met hippe dingen van dat moment, zonder daar een authentieke draai aan te geven. Dat was toch niet wat we van Bowie konden verwachten? Maar: was dat niet wat hij altijd al deed? Ook in de jaren zeventig?

In zekere zin wel. Bowie liep altijd net iets voor op de rest in het ontdekken van nieuwe muziekstijlen of vond op het juiste moment de juiste man om mee samen te werken. Zoals Mick Ronson in de vroege jaren zeventig en later Brian Eno en Iggy Pop.

Dat het hem niet meer lukte vooruit te lopen op nieuwe muziekmodes, komt natuurlijk ook, omdat die er al een jaar of vijftien niet meer zijn. Drum & bass was de laatste echte vernieuwing in het popgeluid (nu doorgezet in dubstep), dus zo gek is het niet dat hij niet meer zo handig nieuwe stijlen weet te versmelten met zijn eigen knappe hitgevoelige inzichten.

Tragiek
Met wie zou Bowie nu moeten werken om net als precies 35 jaar geleden met een mindblowing plaat als Low voor de dag te komen? U mag het zeggen. Nee, geen punten voor Afrojack. Het is een beetje de tragiek van grote vernieuwers. Want dat was Bowie, maar hij lijkt ook illustratief voor de wet van de remmende voorsprong. Maar hoe je ook over hem denkt, hij heeft in ieder geval een groot publiek bekend gemaakt met muziek marginale muziekstromingen dan wel cult-genres.

Ik ben opgegroeid met zijn klassieke werk en hou nog veel van zijn platen uit de jaren zeventig, maar hoe ik ook mijn best doe, dat werk na Scary Monsters (1980), daar kan ik maar niet aan wennen. Op z'n best (een liedje als Hello Spaceboy, met dank aan de Pet Shop Boys) vind ik het aardig, maar meestal nietszeggend of zelfs afschuwelijk.

Maakt niet uit. Hij hoort ook voor mij beslist bij de allergrootsten die de popgeschiedenis heeft voortgebracht. Ik luisterde de afgelopen dagen veel naar zijn werk met Mick Ronson, zoals op de live-platen Santa Monica '72 en de Ziggy Stardust Live OST, die ook op DVD is verschenen (regie DA Pennebaker) en ik ben steeds weer gefascineerd.

En voor wie deze Kerst de jaarlijkse Top Of The Pops Special gemist heeft: er was een opname uit 1973 te zien van Bowie die met zijn band (onder wie Mick Ronson) The Jean Genie speelde (Zie onder).

Ik kan hier geen genoeg van krijgen.

Maar een nieuwe Bowie? Ik weet het niet.
Hoeft ook niet. Maar wat dan?
Een autobiografie? Misschien, maar ik begreep dat veelvuldig druggebruik hele stukken uit zijn geheugen hebben geslagen.

Karakter
Toch maar een 'greatest hits tour'? Er zou genoeg publiek voor zijn, maar met zijn grootste hits is ook weer iets raars aan de hand: ze laten zich nauwelijks na elkaar beluisteren. Van Jean Genie naar Fame of van Golden Years naar Heroes: dat kan eigenlijk niet. Een verzamel-cd van de Stones, de Red Hot Chili Peppers of Bruce Springsteen, om maar een paar mega-acts te noemen, dat luister je zo uit. Maar bij Bowie zie je steeds een ander personage of karakter voor je. Een 'best of Bowie'-plaat zou ik daarom nooit opzetten.

Het lijkt me al met al geen gemakkelijke opgave voor Bowie om zich weer geloofwaardig aan het grote publiek te presenteren.
Respectabel oud worden in de rock 'n roll, daar dacht in de jaren zeventig geen artiest aan. David Bowie vast ook niet. In 1973, in Londen tijdens de opnamen van de Ziggy Stardust film kondigde Bowie aan dat dit het laatste concert van zijn band zou zijn. Hij bedoelde er, zei hij later, zijn laatste concert als Ziggy met zijn Spiders From Mars mee. Maar het zou me niks verbazen als hij er nu echt klaar mee is, al een jaar of acht.

Oud worden in de rock 'n roll, dat is nooit zijn bedoeling geweest. Dan maar de luwte in.

Gijsbert Kamer is muziekjournalist voor de Volkskrant.

Meer over