Dat gevoel: er staat iets groots te gebeuren

Sjaak Swart kwam altijd graag in Rotterdam, maar John de Wolf zul je niet snel in Amsterdam aantreffen. De oud-Ajacied en de oud-Feyenoorder treffen elkaar op neutraal terrein in de aanloop naar de Klassieker, zondag.

Sjaak Swart is 74 jaar, maar zijn agenda puilt uit. Hij is zaakwaarnemer, horeca-ondernemer, Mister Ajax, coach van de oud-internationals en bezig met de organisatie van een jubileumwedstrijd ter ere van zijn 75ste verjaardag. Kortom, hij wil best meewerken aan een dubbelinterview met John de Wolf, maar dan wel in de buurt van Amsterdam graag. Schiphol bijvoorbeeld.

Schiphol? Daar wordt John de Wolf (50) nou niet bepaald vrolijk van. De luchthaven valt officieel onder de gemeente Haarlemmermeer, volgens de oud-verdediger neigt dat te veel naar Amsterdam. Een interview over Ajax - Feyenoord moet op neutraal terrein, vindt hij. De Wolf komt met Leiderdorp op de proppen. Hij weet er wel een leuke brasserie, niet ver van de snelweg. Mopperend gaat Sjaak Swart akkoord. Later blijkt dat De Wolf in Leiderdorp woont, vlak bij de eetgelegenheid. '1-0 voor Feyenoord', grijnst hij.

De afspraak is op dinsdag, maar uitgerekend op die dag wordt Nederland overvallen door de sneeuw. Er staat een recordlengte aan files. Sjaak Swart belt op. 'Het staat muurvast', bromt hij. 'Ik ga niet uren in de auto zitten. Kunnen we het niet een andere keer doen?' De Wolf bezweert dat het vlot doorrijdt op de A4. De fotograaf, op weg naar Leiderdorp, komt met dezelfde mededeling. Swart slaat een diepe zucht. 'Nou, dan kom ik wel. Maar het lukt niet om op tijd te komen. Begin maar vast.'

John de Wolf en Sjaak Swart zijn elkaars tegenspelers in een reclame van een zorgverzekeraar. In een eerste spotje ligt de Feyenoorder, tot zijn grote frustratie, in een ziekenhuis met uitzicht op de Arena. In een tweede spotje krijgt hij een nieuwe kamer. Geen uitzicht op de Arena meer, maar wel een nieuwe kamergenoot: Sjaak Swart. Mister Ajax.

Het eerste filmpje won bijna de Gouden Loeki, de prijs voor de beste reclamespot, en op De Wolfs Facebookpagina werd het in een mum van tijd 180 duizend keer gedownload. 'Het is elkaar een beetje pesten, zonder dat het vervelend wordt', zegt hij. 'Dat spreekt mensen aan.'

Begin jaren negentig was De Wolf verdediger van Feyenoord. 'Rambo' werd hij genoemd, vanwege zijn onverzettelijkheid en onverschrokkenheid, waarden die in Rotterdam hoog in het vaandel staan. En dan was er zijn stoere uiterlijk: ruige baard, woeste manen en een dodelijke blik in wat deze krant eens 'helblauwe wolvenogen' noemde. In alles straalt De Wolf het 'geen woorden, maar daden'-gevoel uit wat zo sterk bij de club leeft. Het maakte hem tot de ideale kandidaat voor de commercial.

De opnamen vonden plaats in Boedapest, vanwege de lage productiekosten. De Wolf: 'Het omaatje dat tegenover mij ligt, is een Hongaarse. Ze hebben haar zo getraind dat ze in het Nederlands 'Zuster, zuster, hij doet het weer' kan roepen. Tijdens de opnamen lag ze plotseling doodstil met haar mond open. Iedereen schrok, ik ook. Ik dacht: daar hoeft alleen nog maar een laken overheen en het is klaar. Gelukkig bleek ze te slapen.'

Dan wijst De Wolf naar buiten. 'Hé, kijk eens wie daar aankomt...'

Met een energieke tred wandelt Sjaak Swart het etablissement binnen. Piekfijn in het pak gestoken, zoals altijd. Waar De Wolf de verpersoonlijking is van Feyenoord, daar straalt Swart, ereburger van Amsterdam, in alles Ajax uit. 'Nou John, je hebt het weer mooi voor elkaar hè', klaagt hij bij binnenkomst.

Meer dan zeshonderd officiële wedstrijden speelde Swart voor zijn club. Vier jaar geleden verscheen zijn biografie. Ter ere daarvan was hij te gast bij De Wereld Draait Door. Toen er beelden van zijn afscheid als voetballer voorbijkwamen, barstte hij in tranen uit. Ook dát is Sjaak Swart: grote mond, klein hartje.

De oud-rechtsbuiten is topscorer aller tijden van de Klassieker. Hij zegt het maar even. 'Negentien doelpunten in 36 wedstrijden. Wist je dat?'

'Hadden ze bij Feyenoord een zwakke linksback in jouw tijd, Sjaak?', wil De Wolf weten.

Pas zondag vindt de Klassieker plaats, maar in Leiderdorp is de koude oorlog al begonnen.

Het allereerste duel tussen Feyenoord en Ajax werd in 1921 gespeeld. Het liep direct uit de hand, omdat het eerste doelpunt van Ajax niet over de doellijn zou zijn geweest. Ajax won, maar na een protest van Feyenoord werd de eindstand vastgesteld op 2-2.

Een beladen wedstrijd is het altijd gebleven. In 1980 werd er een ijsbal gemikt op het oog van ex-Feyenoorder Wim Jansen, toen uitkomend voor Ajax. In 1997 viel bij een treffen tussen fans van Ajax en Feyenoord in een weiland in Beverwijk de eerste voetbaldode. En in 2009, na ongeregeldheden en antisemitische leuzen van Feyenoord-fans, werd besloten vijf jaar lang geen uitsupporters toe te laten bij wedstrijden tussen beide clubs.

'Ik snap die maatregel wel', stelt De Wolf. 'Maar toch, je mist nu de sfeer die Feyenoord - Ajax zo uniek maakt.'

Swart: 'Ik kan me nog goed de beslissingswedstrijd tegen Feyenoord in 1960 herinneren. En niet alleen omdat ik toen mijn vrouw heb leren kennen. Beltman was scheidsrechter. Na een doelpunt rende het publiek het veld op. Met één handgebaar stuurde hij ze terug. Dat zie ik nu niet snel meer gebeuren.'

De Wolf: 'Ik heb meegemaakt dat de mobiele eenheid de sintelbaan van het Olympisch Stadion opstormde om het Feyenoord-vak kort en klein te slaan. Ben ik nog vanaf het veld daarnaartoe gerend om aan die ME'ers te vragen of ze hun gezond verstand wilden gebruiken.'

Waar ligt voor jullie de grens?

Swart: 'Alle cafés van tevoren slopen. Dat is jammer.'

De Wolf: 'Rivaliteit is prima. En dat je een hekel aan elkaar hebt, oké...

Heb jij een hekel aan Ajax?

De Wolf: 'Bij mij gaat het niet zo diep als bij echte fans. Als Van Gaal vanaf een balkon roept dat Ajax de beste is van Rotterdam, kan ik zo'n opmerking best plaatsen. Maar dat lukt niet iedereen, dat moet je wel beseffen.'

En als er hier nu iemand in een Ajax-shirt binnenkomt...

De Wolf: 'Ik word natuurlijk vaak uitgedaagd. In de zomer organiseer ik voetbalkampen. Dan komen jongens in een Ajax-shirt vragen of ze met me op de foto mogen. Dat zijn wel moeilijke dingen. Mijn aanpak in dat soort gevallen is altijd hetzelfde: ik sla mijn arm om zo'n jongen heen en leg mijn hand op het Ajax-logo, zodat dat niet zichtbaar is.'

Swart: 'Met mijn dochter ben ik eens in een Feyenoord-shirt op de foto gegaan. Die hangt bij mij thuis. Dat maakt toch niks uit?'

Zou jij ooit een Ajax-shirt aandoen, John?

'Nee.'

Swart: 'Maar John, als jij in deze tijd had gespeeld, en je kon een heel goed contract bij Ajax krijgen, dan had je dat toch gedaan?'

De Wolf: 'Nee, echt niet. Jij bent van een andere generatie, Sjaak. Die rivaliteit was in jullie tijd minder. Ik kom uit een volksbuurt onder de rook van Rotterdam. Mijn vader was Feyenoorder, ik ging op een scootertje naar de Kuip. Mijn droom was om voor Feyenoord te spelen. Dat zit er van jongs af aan ingebakken.'

De strijd tussen Feyenoord en Ajax is ook een strijd tussen Amsterdam en Rotterdam. Die rivaliteit speelt op allerlei gebieden, maar heeft van oorsprong een economisch karakter. Waar Amsterdam al sinds 1814 de hoofdstad is, begon Rotterdam pas mee te tellen toen het in 1872 een verbinding kreeg met zee. Dat achterstandsgevoel sluimert nog altijd.

Door de bouw van nieuwe havens werd Rotterdam destijds overspoeld door werkloze landarbeiders uit Brabant en Zeeland. Hun arbeidsmoraal was uitzonderlijk hoog. Dankzij de banken en handelshuizen vestigden zich in Amsterdam vooral de middenklasse en culturele elite. De verschillen tussen de steden zijn nog altijd voelbaar en worden weerspiegeld in het karakter van hun voetbalclubs.

Swart: 'Het Ajax-publiek is kritischer. Twee keer een verkeerde bal en ze beginnen te mopperen. Ze willen vermaakt worden.'

De Wolf: 'Bij Feyenoord is het: je houdt van die club en je ziet wel wat het wordt. Supporters voelen zich sterker verbonden met hun club.'

Swart: 'Amsterdammers hebben wat meer kapsones, hè. Dat wekt bij Rotterdammers ergernis op.'

De Wolf: 'Daar heeft Sjaak wel een punt. In Rotterdam is de mentaliteit: mouwen opstropen. In Amsterdam is het toch een beetje van: Wij zijn de beste.'

Swart: 'Terwijl ik altijd graag in Rotterdam kwam hoor. Coentje Moulijn was mijn maatje. We kwamen vaak in een café met een papegaai. Pinda's mocht je er op de grond gooien. Het was daar een gezellige kolerezooi.'

Maar er is ook een andere kant. Met Søren Lerby beleefde Swart eens 'een vreemd dagje' in Rotterdam. Sindsdien mijdt hij wedstrijden van Ajax in de Kuip. Twee weken terug werd de voorstelling Hand in Hand van theatermaker en ex-Feyenoorder Rory de Groot in Amsterdam afgeblazen nadat hij met de dood was bedreigd.

Triest, vindt De Wolf. Maar tegelijk zegt hij: 'Je kunt ook van tevoren goed nadenken. Als je een toneelstuk dat Hand in Hand heet in Amsterdam wilt opvoeren, weet je dat dat problemen geeft. Je moet niet denken dat je de wereld kan veranderen.'

Swart: 'Geef die jongens nou niet te veel aandacht. Laten we het weer over voetbal hebben.'

Mister Ajax wil graag kwijt dat hij geniet van de jeugdspelers die bij Feyenoord in de hoofdmacht voetballen. 'Dat maakt de club sympathieker.'

De Wolf: 'Ik heb altijd al gezegd: laten zij de grote jongens van dit Feyenoord worden. Als ik dan lees dat Leerdam aan het einde van het seizoen transfervrij naar Vitesse gaat, doet me dat pijn. Een halfvol Gelredome, dat is toch niet te vergelijken met een volle Kuip?

'Maar goed, als oud-speler is het makkelijk kritiek leveren. Daar had ik vroeger zelf ook een hekel aan. Ik denk dat het slimmer was geweest als-ie twee jaartjes was gebleven en dan de stap naar een echt grote club had gemaakt. Dan had Feyenoord er ook nog iets aan gehad.'

Swart: 'Je moet respect hebben voor de club waar je het vak hebt geleerd, vind ik.'

Hoe merk je nou als speler dat de Klassieker anders is dan andere wedstrijden?

De Wolf: 'Als Feyenoorder wil je elke wedstrijd winnen. Maar die tegen Ajax ten koste van alles. Zelfs buitenlandse spelers die de historie niet kennen, voelen dat.'

Swart: 'De kranten die erover schrijven. Het gevoel dat er iets belangrijks staat te gebeuren. Koeman die zegt: 'We gaan naar Amsterdam en we gaan ze aanpakken.' Dat vind ik mooi, dat hoort erbij.'

Ajax-scout Roy Wesseling die bij het trainingskamp van Feyenoord in Spanje als spion op de tribune zit.

De Wolf: 'Ik heb het gelezen, ja. Hij zat diep weggedoken in zijn jas.'

Swart, quasi verontrust: 'Ze zullen bij Ajax toch wel weten hoe Feyenoord speelt?'

Tot slot, Ronald Koeman kent beide clubs als speler en als trainer. Is hij een Feyenoorder of een Ajacied?

Swart: 'Ronald is vooral een Groninger.'

De Wolf: 'Hij is in zijn gedrag no-nonsense, dat past meer bij Feyenoord.'

Swart: 'Ronald is een vriend van me. Als Feyenoord verliest, wil ik hem nog weleens een sms sturen: 'Ronald, heeft Feyenoord nog gespeeld vandaag?'

John de Wolf werd op 10 december 1962 geboren in Schiedam. Hij speelde 111 duels voor Feyenoord, van 1989 tot 1994. Met de club werd hij kampioen in 1993 en won hij drie keer de beker en één keer de Johan Cruijff Schaal. De Wolf organiseert voetbalkampen voor de jeugd en is trainer van zaterdag-eersteklasser VV Sliedrecht.

John de Wolf (50)

Sjaak Swart werd op 3 juli 1938 geboren in Muiderberg. Van 1956 tot 1973 kwam hij uit voor Ajax. Hij won drie keer de Europa Cup 1, één keer de Wereldbeker en werd acht keer kampioen van Nederland. Swart werkt als zaakwaarnemer voor Essel Sports Management van Søren Lerby. Sinds 2010 is hij erelid van Ajax.

Sjaak Swart (74)

Tekst

Foto

Ajax - Feyenoord

undefined

Meer over