Dan toch liever de kogel van Borst

De pil van Drion is het meest recente voorbeeld van de onbedwingbare regelzucht waaronder Nederland lijdt. De staat verzorgt ons van de wieg tot in het graf....

IN Nederland is alles geregeld. Praktisch geregeld, door een zorgzame overheid. Eerst het leven, nu de dood. Nederland is net wereldkampioen euthanasie geworden, dus het is nu nog te vroeg voor een wettelijke regeling van bejaardenzelfmoord, aldus politiek Den Haag. Waar komt deze regeldrift van onze regeerders vandaan?

Op de achtergrond speelt de centrale plaats van de overheid in het leven van de Nederlander. Die is in alle opzichten 'geëmancipeerd', behalve van zijn afhankelijkheid van de staat. De verantwoordelijkheid van de burger is opgelost in de almacht van de staat. En daarin viert pragmatisme hoogtij.

Minister Borst blijft bij haar standpunt. Ze is 'niet tegen' de pil van Drion, zolang het alleen 'hoogbejaarde mensen betreft die klaar zijn met leven'. Het recht op zelfbeschikking van jongeren die levensmoe zijn wordt pas later geregeld, als de wereld 'gewend is' aan ons kamikaze-recht van dure zestig-plussers. Tot dusver was de dood de enige sociale zekerheid waarvoor in Nederland geen premies hoeven te worden betaald. Maar dat gaat veranderen.

Nederland gaat schizofreen om met moraliteit. Er is een moraal voor het buitenland en een voor eigen land. Het buitenland bekijken we liefst door een moralistische bril. De een is goed, de ander fout. Nog vaker blijken ze allemaal fout te zijn. Zoals tijdens de Koude Oorlog, waarin de Sovjet-Unie fout was, maar Amerika in Vietnam en Zuid-Amerika nóg fouter. Iedereen was fout, behalve Nederland dat geen bezetter meer had om mee te collaboreren en geen kolonieën om met veel geweld te verkwanselen. De grote-wereld-moraal, vervat in de rechten van de mens, voeren we buiten de landsgrenzen hoog in het vaandel.

Maar in Nederland zélf regeert het pragmatisme. Immers, wat is goed of fout in ons post-industriële paradijs? Alles kan, behalve 'zinloos geweld'. Vandaar dat immigranten die het Nederlanderschap verwerven, een dik boek krijgen waarin wél staat uitgelegd hoe de strippenkaart werkt, maar níet wat de grondslagen van deze maatschappij zijn.

Wat doen onze staatslieden dus? Ze regelen alles. Standaardzin: de bestaande praktijk wordt wettelijk geregeld. Er worden drugs gebruikt, dus regelt de overheid het drugsgebruik. Mensen gaan nu eenmaal naar de hoeren, dus laten we er een wet op los. Abortus: geregeld. Euthanasie gebeurt, dus leggen we het in een wet vast. Prima. Waarom zou de overheid zich dan niet bemoeien met mensen die levensmoe zijn? De hele zaak netjes met regels en 'zorgvuldigheid' inkleden en in het ziekenfonds opnemen? Daar zit een zeker logica in.

Het pragmatisme van onze leiders heeft ons geen windeieren gelegd. We wonen in Nederland in een aards paradijs, waar de overheid alles zo goed heeft geregeld dat blijkbaar hele generaties opgroeiende welvaartstaatjongeren er door ontregeld zijn. Geen probleem of de staat heeft het opgelost. Ooit weleens buitenlandse gasten gehad, die de keerzijde van dat paradijs willen zien? Show me a ghetto! Maar ze zijn er niet. Op duistere plekjes waar vorig jaar nog een getto stond, hebben renovatieprojecten en nieuwbouw hun werk gedaan. Het getto van gisteren is het woonparadijs van morgen.

Kent onze perfecte staat geen schaduwzijde, anders dan het besef dat de Vier-Jaren-Plannen van de regering de werkelijkheid nooit helemaal kunnen vangen (zie de zorg, het onderwijs)? De staat regelt dan wel alle aspecten van ons leven, van de wieg tot het graf, maar wij stemmen daarmee in. Sterker, we zijn er zeer over te spreken. We eisen het.

En we worden op onze wenken bediend. Onze volksvertegenwoordiging is een heuse regelmachine geworden. Ze bedenkt meer regels dan de ordediensten kunnen uitvoeren. De uitvoerders en toezichthouders van de regels verzinnen overigens zelf hoe ze met die regels omgaan. Het is altijd schipperen tussen belangen, onderhandelen met de betrokkenen met een ongewisse uitkomst.

Hier ontmoet het totalitaire karakter van ons staatsbestel, dat tot in de kleinste haarvaten van de samenleving is doorgedrongen, de ingekankerde neiging alles te bespreken en consensus te zoeken. Geen regel die bestaat, of er valt wel iets aan te relativeren. Een staat die alles regelt, maar nergens duidelijkheid over schept: leve het consensus-totalitarisme.

Een staat vol verwende burgers, die na elk voorval met de beschuldigende vinger naar Den Haag wijzen. Alsof de uitbater van café 't Hemeltje in Volendam niet zelf verantwoordelijk is voor brandpreventie. Consensus-totalitarisme is de vervaging van de idee dat elk individu in de eerste plaats zelf verantwoordelijk is voor wat hij doet en niet de overheid. Dat is funest voor burgers én regeerders.

Aan de kant van de burgers heeft dat een vergaande afhankelijkheid gecreëerd van de overheid. Als er ook maar iets mis gaat, heeft die het gedaan. Geen misstand, of de overheid wordt erop afgestuurd. Gevolg is een samenleving zonder eigen initiatief.

Hoe diep we gezonken zijn, bewijzen de kunstenaars die in Amsterdam hun 'broedplaatsen van creativiteit' bedreigd zien door woningbouw. Zij verwaardigen zich niet de rafelranden van de stad op te zoeken om daar in alle vrijheid creatief te zijn, maar kloppen aan bij de gemeente voor een oplossing. Hun roep om overheidssteun klinkt luider dan die om artistieke vrijheid. Het consensus-totalitarisme bemoedert zelfs zijn tegenstanders.

En welke verborgen hang naar sanctionering door de staat schuilt er achter de grote 'overwinning' van de homobeweging, het homohuwelijk? Geweldig, homo's mogen nu ook gemeentelijke leges betalen als ze hun relatie vastleggen! De staat erkent mij, dus ik besta.

Geen wonder dat regeerders het als hun taak zijn gaan zien om alle aspecten van het leven van de burgers te regelen. Als gevolg daarvan treden zij in zaken waar zij beter buiten kunnen blijven, zoals 'de zelfbeschikking' van de mens over leven en dood.

Als begin van de brede maatschappelijke discussie (die in ons land óók door de overheid worden georganiseerd) stel ik voor, uit 'humanitaire overwegingen' de pil van Drion te vervangen door een redelijk alternatief, dat niet per ongeluk door kleinkinderen kan worden geslikt: de kogel van Borst. Kleine Borst-squads gaan depressieve ouderen af, een hulpverlener laat ze de verklaring ondertekenen waarna een marechaussee de gesubsidieerde kogel toedient, recht tussen de droeve ogen. Het is goedkoop, pijnloos, en voorkomt wachtlijsten. Met dank aan het Koninkrijk der Nederlanden.

De regeldrift van onze regeerders zou ons eraan moeten herinneren dat zélfs in aards paradijs Nederland, waar de libertijnen helaas nooit vaste voet aan de grond hebben gekregen, een gezond wantrouwen van elke uitoefening van staatsmacht hoognodig blijft.

Meer over