DAMMEN: Partij Koeperman van hoog niveau

Vorige week liet ik een bijna 70 jaar oude partij van R.C. Keller zien. In dat duel, waarin een zekere Van der Geest zijn tegenstander was, bediende Keller zich van een speelwijze waaraan bovenal de naam van oud-wereldkampioen Iser Koeperman moet worden verbonden....

En dat niet alleen. Want drie jaar later zou Koeperman opnieuw succes hebben met de bedoelde omsingelingsstrategie. Ditmaal was een andere prominente Moskoviet: Sjtsjogoljevs stadgenoot Vladimir Agafonov, Koepermans slachtoffer. Agafonov werd opgebracht in een partij die misschien niet zo indrukwekkend was als die tegen Sjtsjogoljev (dat praktijkvoorbeeld was en ìs ook nauwelijks te evenaren), maar waarop desondanks allerlei superlatieven van toepassing zijn.

Maar oordeelt u zelf.

Agafonov-Koeperman

(kampioenschap USSR 1968)

1.31-27 18-23 2.34-30 17-21 3.30-25 21-26 4.33-28 11-17 5.40-34 20-24 6.34-30 17-21

De zogeheten 'Sfinx-variant' (patent: Piet Roozenburg) van de Hollandse Opening.

7.38-33 12-18 8.43-38 7-12 9.49-43 1-7 10.44-40 7-11 11.40-34 24-29 12.33x24 14-20 13.25x14 9x40 14.35x44 19-24

Een terugruiltje om de stand open te breken en de ontwikkeling van de witte linker vleugel zoveel mogelijk te belemmeren.

15.30x19 23x14 16.38-33 14-19 17.42-38 19-24 18.47-42 10-14 19.45-40 14-20

Koeperman mijdt veld 19, zodat Agafonov geen gelegenheid krijgt voor de 2x2 terugruil 27-22 en 28-23 enz. gevolgd door 32-27x28x32.

20.50-45 3-9 21.40-34 5-10 22.45-40 10-14 23.37-31 26x37 24.42x31

Agafonov reageert alert op zwarts laatste zet. De rechtvaardiging voor de manoeuvre 37-31x31 schuilt in het variantje 24...21-26 25.40-35(!) 26x37 26.27-22(!) 18x27 27.32x21 16x27 28.41x21, bijvoorbeeld 28...4-10 29.38-32* en er valt niets te bewijzen voor zwart.

24...14-19

Nu zou 25.31-26? vrijwel onspeelbaar zijn wegens 25...18-23! en 27...12-17! enz. met een vreselijke rechter vleugel voor wit. Vandaar de volgende opstoot naar veld 22:

25.27-22 18x27 26.31x22 21-26 27.41-37 20-25

Een zet eerder was op 26...12-18, behalve 27.41-37 en 28.28-23 enz., ook 34-29-23-18! enz. mogelijk geweest. En op 27...12-18 had wit niet alleen 28.37-31 enz., maar eveneens goed 28.22-17! 11x22 29.28x17 kunnen doen. Daarom besluit Koeperman de vijandelijke voorpost ongemoeid te laten en op een centrumomsingeling aan te sturen.

28.37-31 26x37 29.32x41 24-30 30.41-37 9-14 31.46-41 14-20 32.37-32 19-24!?

Stijlvol gespeeld. Uiteraard mag wit niet met 33.40-35?? reageren wegens 33...24-29! +. Maar voor 33.34-29? heeft hij evenmin tijd, en wel in verband met 33...12-18!, waarna 34.32-27?? zou falen op 34...13-19! en 35...30-34 +.

33.41-37 13-19!?

Legt de witte rechter vleugel, ook al is het tijdelijk, aan banden.

34.48-42 30-35

Ook het terugruiltje 34...19-23 35.28x19 24x13 kwam in aanmerking. De clou van de tekstzet is evenwel dat wit niet 35.34-29? mag spelen wegens 35...12-18(!!) en 36...19-23! +.

35.33-29 24x33 36.38x29 8-13 37.43-38 4-9 38.29-23

Agafonov zoekt expansie via het centrumveld 23, precies zoals Van der Geest en Sjtsjogoljev dat respectievelijk 38 en 3 jaar vóór hem hadden gedaan.

38...9-14

Zie diagram 1

39.32-27

Wit kan het uitkomen van schijf 20 niet blijven beletten, bijvoorbeeld 39.39-33? 11-17! 40.22x11 6x17! enz. of ook 39.36-31 11-17! 40.22x11 6x17! 41.31-26?! 2-8! en wit verkeert in een soort tempodwang. Twee tactische spelgangen ter illustratie van zwarts kansen:

a) 42.34-29 25-30! 43.40-34 19-24 44.34x25 24x22 45.23-18 12x23 46.44-40 35x33 47.38x9 14x3 48.25x14 3-9! 49.14x21 16x47 +.

b) 42.28-22 17x28 43.32-27? (beter lijkt 26-21x21) 28-32! 44.37x28 20-24! 45.38-33 25-30!! 46.34x25 12-18! 47.23x3 16-21 48.3x29 21x45 met winst na 49.33-28 35-40! 50.44x35 45-50 51.39-33 13-18 enz.

39...20-24!

Dwingt een belangrijke beslissing af: als gevolg van de dreiging 40...24-29 + moet wit kiezen tussen enerzijds 40.38-33 24-29! 41.33x24 19x30 en anderzijds de bezetting van veld 29.

40.34-29 24x33 41.38x29

Dit lijkt inderdaad de minste van de twee kwaden. Maar nu de velden pal achter schijf 23 beide gesloten zijn, acht Koeperman de tijd gekomen om wits eerste voorpost af te ruilen en de tweede op de korrel te nemen:

41...11-17! 42.22x11 6x17! 43.42-38

Zonder overdreven vrees voor de 6x6 ruil 43...16-21, 44...17-21, 45...12-18, 46...2-8, 47...13-18 en 48...15x33, die zwart inderdaad niet meer dan een plus-remise zou opleveren.

Overigens: het terugruiltje 43.28-22(?) was niet of nauwelijks speelbaar wegens 43...17x28! 44.23x32 13-18! met (te?) veel dreigingen tegen de witte rechter vleugel. Een enkel voorbeeldje: 45.42-38 2-7! 46.40-34 15-20! 47.37-31 19-24! 48.39-33 25-30! 49.34x25 18-22 50.27x18 12x34 51.44-39 34x43 52.38x49 35-40 en zwart breekt winnend door naar dam.

43...15-20 44.38-33 25-30! 45.27-22

En vooral niet 45.40-34? 17-21! 46.34x25 21x41 47.36x47 en wit wordt aan alle kanten overspeeld.

45...30-34! 46.39x30 35x24 47.22x11 16x7 48.44-39 13-18!

Zie diagram 2

Dit is veel kansrijker dan

48...12-17 49.23-18* 13x22, waarna wit via 40-35, 39-34-30 en 28-23 enz. altijd wel naar een remise-eindspel kan afwikkelen. De tekstzet bevat in feite een dubbele, en daardoor des te giftiger dreiging...

49.37-32?

De beslissende fout. Alleen met 49.39-34! had Agafonov zich nog juist staande kunnen houden. Omdat in dat geval 49...2-8 faalt op de meerslagfinesse 50.28-22!! enz., had zwarts beste kans bestaan uit het offer 49...24-30! 50.34x25 2-8. Maar na 51.40-35! (niet echter 51.40-34? 18-22! 52.28x17 19x30 53.25x34 12x21 54.34-30 21-27!! 55.30-24 8-13! 56.24x15 13-19 +) zie ik hem niet meer winnen, zomin na 51...18-22 52.28x17 19x39 53.29-23! 12x21 54.23-19 14x23 55.25x14 enz. als na 51...8-13 52.35-30 20-24 53.29x9 18x38 54.9x18 12x41 55.36x47 38-43 56.25-20 43-49 57.30-24! 19x30 58.20-14 =.

Het is waar dat wit met de tekstzet de dreiging 49...18-22! 50.28x8 19x28! 51.33x22 24x35 52.8-3 20-25 + afdoende pareert. Maar er was - zoals gezegd - nog een tweede dreiging: 49...2-8!

De genadeslag. Zowel na 50.32-27 als na 50.40-35 vlecht zwart middels 50...8-13!! de wending 51...20-25! enz. in de stand. Agafonov moest zich gewonnen geven.

Een fraaie speltechnische prestatie van de kant van Koeperman; het feit dat zijn tegenstander zich in de tijdnoodfase nog net had kunnen redden, doet daar wat mij betreft weinig of niets aan af.

Meer over