Dag van de Arbeid als feest van de democratie

Sarkozy in het rijke westen, de vakbonden in het volkse oosten en Marine Le Pen ertussenin. Parijs is op 1 mei een blauwdruk van de Franse politieke situatie.

PARIJS - Het is half drie op de Dag van de Arbeid als aan de kop van de Avenue d'Eylau een handvol agenten een menigte Sarkozy-aanhangers de doorgang wil beletten. Die zijn op weg naar de Place du Trocadéro, waar Sarkozy over een uur zijn aanhangers zal toespreken.

'Sorry, het plein is vol, u mag er niet door', zegt een in gevechtstenue gestoken agent. Dat laten de Sarkozisten niet op zich zitten. 'Nicolas, president', scanderen ze, terwijl jongeren de maat slaan op het politiebusje. De keurige rechtse massa - dametjes, jonge gezinnen, buurtbewoners - begint resoluut tegen de agenten aan te duwen, die al snel onder de aandrang bezwijken.

'Schande over Delanoë', moppert een heer op leeftijd, die de - socialistische - burgemeester van Parijs er kennelijk van verdenkt de politie in te zetten om aanhangers bij Sarkozy uit de buurt te houden.

Op deze 1ste mei is Parijs veranderd in een blauwdruk van de Franse politieke situatie. Sarkozy verzamelt zijn troepen in het rijke westen van de stad, om het 'echte feest van de arbeid' te vieren. De vakbonden paraderen volgens de beste traditie in het meer volkse oosten van Parijs, om te eindigen op Bastille, het plein van de revolutie. Daartussenin, op het plein voor de Opéra Garnier, spreekt Marine Le Pen haar aanhang toe.

Een openluchtfeest van de democratie in drie bedrijven. Zelfs de al wekenlang aanhoudende regen maakt voor één dag plaats voor een blauwe lucht met zorgvuldig gedoseerde wolkjes, waartegen de historische locaties zich prachtig aftekenen.

Voor het Front National is 1 mei vooral de geboortedag van Jeanne d'Arc. Andere jaren kwamen daar enkele duizenden getrouwen op af, nu zijn het er veel meer. Maar het FN brengt niet de menigte op de been die je op grond van de verkiezingsuitslag zou verwachten.

Nadat een kortademige Jean-Marie Le Pen de menigte heeft voorverwarmd, laat dochter Marine horen dat ze ook als orator haar vader de baas is. Haar toespraak is één grote zelffelicitatie, waarin ze met gulle hand ook haar kiezers betrekt. De tegenstanders van het FN reiken wat haar betreft van werkgevers tot communisten, maar geen nood: 'Onze rol zal historisch zijn. De jaren die ons scheiden van de macht zijn op de vingers van één hand te tellen.'

Zo balanceert ze tussen verontwaardiging en triomfalisme, aangelengd met flink wat ironie. Oer-conservatieve gevoelens spreekt ze aan: de Franse identiteit, chauvinisme, patriottisme. Ze schildert de Europese technocraten en de 'dodelijke schaduw van de globalisering'. Zelfs Geert Wilders wordt nog even genoemd, die toch maar mooi de zoveelste afknijpoperatie van de Europese Unie heeft weten te verhinderen.

Haar stemadvies pakt uit zoals te verwachten was: 'U mag uw eigen afweging maken, ik stem blanco.' Daar kan de aanhang zich in vinden: 'Sarkozy, Hollande - één pot nat.'

'Wat het meest raakt, is dat ze de Franse waarden verdedigt', zeggen Laurent en Pierre. Ze zijn beiden 21 jaar en volgen een ingenieurs- opleiding. Laurent vertelt dat hij uit Seine-Saint-Denis komt, het meest gekleurde departement van het land. 'Daar zie je dat integratie van immigranten niet meer bestaat. Mensen blijven binnen hun eigen gemeenschap. Ze gedragen zich als een soort toeristen, die nergens aan mee hoeven te doen. Als Frankrijk tegen Algerije voetbalt, zwaaien zij met de Algerijnse vlag.'

Toch zullen ze het stemadvies niet opvolgen. Ze gaan Sarkozy stemmen. Laurent: 'Links zit te veel op de sociale toer. Ik ben jong, ik wil niet betalen voor mensen die niets uitvoeren.'

'We zijn met tweehonderdduizend', roept Sarkozy een paar uur later tegen de massa onder de kastanjebomen van Trocadéro. Hier hangt het gevoel dat alles nog mogelijk is, straks op 6 mei, de dag van de stembusgang. De bijeenkomst lijkt vooral bedoeld om de vakbonden een hak te zetten. 'Dit wordt het feest van de echte arbeid', had Sarkozy eerst gezegd. Later maakte hij er 'het echte feest van de arbeid' van.

Maar de toon was gezet. Zelfs François Chérèque, voorzitter van de doorgaans gematigde bond CFDT, heeft zich afgewend van Sarkozy. Reden voor de president om nog eens flink uit te halen. 'Laat het duidelijk zijn: niet de bonden regeren, maar de regering. Niet de bonden maken de wet, maar het parlement. Het is de rol van de bonden de arbeiders te verdedigen. Ze moeten zich dus niet inlaten met politieke partijen.'

Zijn aanhangers juichen. Maar een paar kilometer verderop worden veel anti-Sarkozy spandoeken meegevoerd in de optocht naar Bastille. Ook de bonden brengen meer volk op de been dan in andere jaren. Alleen al in Parijs een kwart miljoen, claimen ze, volgens de politie zijn het er 48.000. Socialistische voorlieden lopen mee in de manifestatie, maar op de achterste rijen.

François Hollande is daar niet bij. Die heeft wijselijk Parijs verlaten en brengt een campagnebezoek aan Nevers, om een krans te leggen op het graf van Pierre Bérégovoy, een socialistische premier die zelfmoord pleegde nadat zijn regering ten val was gekomen.

undefined

Meer over