Cynisme over publieke sector bleek dodelijk

Elke dag na het passeren van de orkaan Katrina komt er nieuw bewijs boven water van de fatale dwaasheid van de federale autoriteiten....

Paul Krugman

Een van de vele voorbeelden: The Chicago Tribune bericht dat de U.S.S. Bataan, uitgerust met zes operatiekamers, honderden ziekenhuisbedden en de capaciteit om 100 duizend liter drinkwater per dag te produceren, sinds afgelopen maandag voor de kust van het getroffen gebied ligt, zonder patiënten.

Deskundigen stellen dat in de eerste, cruciale 72 uur na een natuurramp met een snelle reactie veel levens zijn te redden. Maar de reactie op Katrina was alles behalve snel. Newsweek schrijft dat een wonderlijke verlamming` de functionarissen van de Bush-regering beving; die over bevoegdheden discussieerden, terwijl duizenden stierven.

Wat was de oorzaak van deze verlamming? Bush is zeker gezakt voor zijn examen. Een toespraak was wel het laatste dat het land nodig had. Op dit moment was actie nodig, en die bracht hij niet.

Maar de fatale dwaasheid van de federale regering was niet alleen het gevolg van het persoonlijke falen van Bush: zij was het gevolg van een ideologische vijandigheid ten opzichte van het idee om de overheid te gebruiken om de publieke zaak te dienen. De afgelopen 25 jaar is de rechtervleugel bezig geweest de publieke sector zwart te maken, met de boodschap dat de overheid altijd het probleem is en niet de oplossing. Waarom zouden we dan verbaasd zijn dat de overheid geen oplossingen brengt wanneer we deze nodig hebben?

Kan iemand nog zich de strijd herinneren over het bij de overheid onderbrengen van de luchthavenbeveiliging? Zelfs na de aanslagen van 11 september 2001 probeerden de conservatieve leden van het Congres de luchthavenbeveiliging in de handen van private ondernemingen te houden. Zij waren bezorgder over de toename van ambtenaren dan over het dichten van een dodelijk gat in de nationale veiligheid.

Ideologisch cynisme over de overheid mondt gemakkelijk uit in bereidheid om met overheidsuitgaven je vrienden te belonen. Waarom niet, als je toch niet gelooft dat de overheid iets goed kan doen?

Dat brengt ons bij de federale rampencoördinatiedienst FEMA. Ik vroeg mij onlangs af of de regering-Bush de effectiviteit van de FEMA naar de knoppen had geholpen. Nu weten we het antwoord.

In verschillende nieuwsanalyses wordt de neergang van de FEMA geweten aan het opgaan van de dienst in het ministerie van Binnenlandse Veiligheid, waarvan de eerste zorg terrorisme is, niet natuurrampen. Maar in deze analyse ontbreekt een cruciaal deel van het verhaal.

Zeker is dat het ondermijnen van de FEMA begon op het moment dat president Bush aantrad. In plaats van voor het hoofd van deze dienst een professional aan te wijzen met deskundigheid op het gebied van rampenbestrijding, benoemde Bush Joseph Allbaugh, een politieke vertrouweling. Meneer Allbaugh begon snel met het reduceren van enkele programma`s voor acute actie in noodsituaties.

Je zou misschien verwachten dat de regering na 11 september opnieuw zou kijken naar het voorbereid zijn op noodsituaties - het reageren op nood is tenslotte net zo belangrijk na een terroristische aanslag als na een natuurramp. Zoals veel mensen hebben opgemerkt, uit de falende reactie op Katrina blijkt dat we nu minder voorbereid zijn op een terroristische aanslag dan vier jaar geleden.

Maar de neergang van de FEMA ging door, met de aanstelling van Michael Brown als de opvolger van Allbaugh. Meneer Brown heeft geen duidelijke kwalificaties, behalve dan dat hij op de campus de huisgenoot was van Allbaugh. Maar Brown werd waarnemend directeur van de FEMA; The Boston Herald schreef dat hij in zijn vorige functie ontslagen was: toezichthouder op paardenshows. Toen Allbaugh vertrok, werd Brown het hoofd van de dienst. De onbeschaamde vriendjespolitiek van deze benoeming toont de minachting van de regering voor deze dienst; je kunt je het effect ervan voorstellen op het moraal van de staf.

Die minachting is, zoals ik zei, een teken van de algehele vijandigheid naar de overheid als een positieve kracht. De Amerikanen die langs de Golfkust wonen, hebben nu aan den lijve de consequenties gevoeld van deze vijandigheid.

De regering heeft altijd geprobeerd om 11 september te beschouwen als een les over goed en kwaad. Maar met rampen moet worden omgegaan, ook als ze niet door kwaadwillenden zijn veroorzaakt. Nu hebben we weer een dodelijke les gekregen in de noodzaak van een effectieve overheid, en waarom toegewijde ambtenaren ons respect verdienen. Zullen we luisteren?

Paul Krugman

Meer over