Contract redt topbadminton, maar beste spelers aarzelen

Yonex steekt komende zeven jaar 3,2 miljoen euro in de sport...

AMSTERDAM Als naar verwachting voor het einde van dit jaar het miljoenencontract met de Japanse sportartikelenfirma Yonex wordt ondertekend, zijn de financiële zorgen van de badmintonbond in een klap voorbij.

Om niet buiten de boot te vallen, heeft een aantal spelers de banden met de eigen geldschieter verbroken. Dicky Palyama en Eric Pang, de beste badmintonners van Nederland, aarzelen nog. Maar bondsvoorzitter Rob Ridder wacht niet langer. ‘We hebben er veel tijd in gestoken om tot een vergelijk te komen. Helaas is dat niet gelukt.’

De op handen zijnde overeenkomst met Yonex is de redding van het topbadminton in Nederland. Omdat de vergoeding van NOC*NSF in het kader van de voorbereiding op de Olympische Spelen in 2012 lager uitviel dan door de bond was begroot, dienen Palyama, Pang, Yao Jie en Judith Meulendijks nu hun deelname aan buitenlandse evenementen zelf te bekostigen.

Straks is dat niet meer nodig. De overeenkomst met Yonex geldt voor zeven jaar. Er is ongeveer 3.2 miljoen euro mee gemoeid. Een substantieel deel van dit bedrag komt volgens Ridder ten goede aan de topsport en de talentontwikkeling. ‘Als de Olympische Spelen van 2012 niet haalbaar zijn, hoewel ik van mening ben dat we daar moeten verschijnen, willen we er zeker in 2016 staan. Dit wordt door het contract in belangrijke mate gedekt.’

Voorwaarde is dat uitkomen voor het Nederlands team slechts is weggelegd voor badmintonners die bereid zijn de naam van Yonex te dragen. Probleem voor Palyama en Pang is dat zij gehouden zijn aan een contract met hun sponsor Carlton, en anderen aan Forza.

Ridder formuleert omzichtig: ‘Vanuit juridisch perspectief mag ik niet zeggen dat ze niet deel uitmaken van de nationale selectie. Maar spelen voor het Nederlands team en uitgezonden worden op kosten van het contract met Yonex kan niet.’

De bond heeft inmiddels met Forza overeenstemming bereikt om degenen met wie een contract is afgesloten, behalve de in Denemarken wonende Meulendijks, de vrije hand te geven. Daarmee is voor hen de weg naar Yonex vrijgemaakt. Het is gebeurd in het belang van de spelers en van de badmintonsport, laat Joris van Soerland, directeur Benelux, weten.

Ridder verwacht niet dat de bond het initiatief zal nemen om met Carlton tot een oplossing te komen over Palyama en Pang. ‘Formeel zijn ze geen partij voor ons. Er is een relatie tussen speler en sponsor. Zij zullen er uit moeten komen. Wij hebben getracht te bemiddelen. Sterker nog, we zijn daarin heel ver gegaan. Maar de liefde moet van twee kanten komen. Dat is tot nu toe niet het geval.’

Volgens Ridder twijfelt Palyama. ‘Hij kent het contract met Yonex niet goed genoeg en is bang dat de dingen niet uitpakken zoals ze zouden moeten uitpakken. In mijn beleving is die angst ongegrond.’

‘Een buitenkans, zoals met Yonex, mogen we niet laten liggen. Als dat wel gebeurt, doen we het als bond en als bestuur absoluut verkeerd. Het is zwart-wit gesteld, maar je mag dit contract niet laten afketsen omdat een aantal spelers een paar rackets en shirts van hun sponsors krijgt. Onze belangen zijn veel groter dan dat.’

Meer over