Column Nausicaa Marbe: Leerzaam gluren naar de Duitse buren

Het is raadzaam je periodiek te laven aan plekken waar het kapitalisme een goedmoedig, geruststellend, burgerlijk gezicht heeft. Direct over de grens lonkt Duitsland. Elke willekeurige, provinciale Duitse stad biedt belegen taferelen die Nederland nauwelijks meer kent. Zo kwijnt het Nederlandse stadsgezicht en stadsleven - geteisterd als zij wordt door volkshaters met rode designbrillen - in de obsessieve greep naar vernieuwing, verjonging en verandering.

Nee, dan ons verrukkelijke zusterland. In Duitsland floreert de gemoedelijke gedachte dat welvaart en vertier veilig herkenbaar moeten blijven - welke verandering er ook op de loer ligt. Mijn omgeving nu alleen al. Ik tik deze column in de schaduw van de Keulse Dom in een 'Caféhaus' dat maar liefst honderdvijftig jaar oud is. Tientallen gedienstige kelnerinnen rennen rond met infaam hoge constructies van deeg, fruit, chocolade en slagroom - alsmede bekers koffie zo groot als halve Mannschaft-voetballen. Aan de kapstok hangen de loden jassen, aan tafel zet jong en oud blinkende tanden in het zoet dat snel en vriendelijk wordt voorgezet. Stukken ananas en meringue blijven hangen in forse Teutoonse snorren, melkschuim wedijvert met oranje lippenstift, terwijl welgevormde Saksische kaken vreugdevol kauwen tot de laatste kruimel vermalen is. Er is geen Duitse winkelstraat waar dit niet (meer) of anders gebeurt. Ziedaar - zo nabij - de stabiele aanblik van het Wirtschaftswunder.

Buiten wachten de overdadige warenhuizen waarin je in elk seizoen een baljurk kunt kopen, maar ook oubollige winkels vol ambachtelijke producten die geen klanten verliezen omdat ze niet verhippen; de aanlokkelijk vormgegeven, open(!) musea, de taxi's die je zonder morren en pogingen tot vuige oplichterij desgewenst om de hoek afzetten en een horeca die mag putten uit een rijke culinaire traditie en dat doet met gevoel voor onberispelijke prijs-kwaliteitsverhoudingen. En de auto's, laten we de auto's niet vergeten. Niets beters dan Duitse merken.

Duitsland - Entschuldigung Thilo Sarrazin - schaft zichzelf niet af. Natuurlijk, toeristische clichés geven nog niet prijs waar het hart der natie sneller van klopt en de geest om maalt. Terwijl ik geniet van deze conservatieve glans woedt er in Duitsland een discussie over links- en rechts-extremisme: er zijn mensen die partijen van beide signaturen, zelfs Die Linke, willen verbieden. Dat zou het huidige politieke landschap veranderen, evengoed als de weldenkende consensus dat nazisme het ultieme kwaad is. Er wordt volop gewaarschuwd dat door een dergelijk relativisme neonazi's fors terrein winnen. Angst en onzekerheid alom.

Ook een Duitse president is niet meer wat hij geweest is. Zie het schandaal rond Christian Wulff die in opspraak kwam door deals met bevriende miljonairs en pogingen tot censuur, maar niet piekert om af te treden. Duitsland in de war. Is dit verberlusconisering? Of slechts de verbrokkeling van een ideaal: dat een Duitse politicus van formaat geen impulsieve, emotionele carrièrist mag zijn, maar een voorbeeldfiguur die altijd zijn ego onder de duim houdt en het beste der natie vertegenwoordigt? Men weifelt, men speculeert, men weet het niet meer. Maar dat de Duitser niet bestaat, zal hier niet zo gauw zo triomfantelijk worden uitgeroepen.

In Nederland zijn we allang blij als een premier begrijpt wat onder zijn Haagse hoede draait en konkelt. Aan idealen die de roep om 'visie' of 'cohesie' overstijgen, brandt hier niemand zijn vingers, dat geldt als antieke rimram.

Maakt dit van Nederland een minder begeerlijke plek om te wonen? Absoluut niet. Tegenover het betrouwbare, doelbewuste formalisme in Duitsland, staat de creatieve anarchie van de individualistische Nederlanders die het leven wellicht onzekerder en nerveuzer maakt, maar ook verrassend en intrigerend. Terwijl Duitsers steevast troost vinden in de fauteuils van de Konditorei, troosten de flexibele Nederlanders zich met de gedachte dat ze weinig voorstellen, dus weinig te verliezen hebben.

Een wereld van verschil.

Dat moet gezegd nu door de eurocrisis Nederland voortdurend aan Duitsland gespiegeld wordt. Lees de eindejaarsinterviews. Premier Rutte ziet geen verschil tussen de boekhouding van beide landen, van hem mag je net zo goed beweren dat Nederland de eurozone kan redden. Minister De Jager komt superlatieven te kort om de Duitse hegemonie als een zegen voor Nederland te beschrijven. Begrijpelijke euforie. Maar koester ook de leerzame, noodzakelijke verschillen.

www.vk.nl/NaUSICAAMARBE

undefined

Meer over