Column Marcel van Dam: Mensen laten barsten is ook een principe

MARCEL VAN DAM

Het nieuwe boek van de Amerikaan Charles Murray, Coming Apart, zorgt voor veel discussie omdat het exemplarisch is voor de diepe maatschappelijk crisis in de VS. Het beschrijft hoe er een nieuwe apartheid is ontstaan, niet tussen rassen, maar tussen de boven- en onderklasse, dwars door alle rassen heen. Zoals Martin Sommer jongstleden zaterdag in zijn column schreef, was er bij ons al eerder aandacht voor de groeiende kloof tussen lager en hoger opgeleiden, niet alleen op sociaal-economisch gebied maar bij alles wat het leven betekenis geeft. Zie ook mijn boek Niemandsland. De verdienste van Murray is dat hij met feiten het vooroordeel bestrijdt dat moderne klassenverschillen vooral langs etnische lijnen ontstaan. Ook in Nederland is de disproportionele achterstand van allochtonen tijdelijk en wordt die snel ingelopen. Zo niet het probleem dat een toenemend aantal mensen met weinig vaardigheden niet kan voldoen aan steeds hogere eisen die in de competitieve prestatiemaatschappij worden gesteld.

Leden van de bovenklasse wonen en werken in elkaars buurt, ze amuseren zich met elkaar, trouwen met elkaar en hun kinderen gaan naar dezelfde scholen. Voor mensen met de laagste opleiding geldt hetzelfde, zij het dat hun concentratie in de slechtste wijken met de slechtste woningen en de slechtste scholen niet zelf gekozen is maar afgedwongen wordt door hun lage inkomen. Als ze al ongeschoold werk hebben, is het tijdelijk. Minutieus analyseert Murray de segregatie die zich volgens deze lijnen in Amerika vanaf de jaren zestig, met een versnelling midden jaren zeventig, heeft voltrokken.

Het boek neemt een eigenaardige wending als Murray de vier naar zijn oordeel belangrijkste Amerikaanse deugden als maat gaat hanteren in zijn onderzoek naar de nieuwe apartheid. Die deugden zijn ijver en arbeidsethos, eerlijkheid, netjes huwen en gehuwd blijven en op zondag naar de kerk gaan. Murray toont aan dat de leden van de onderklasse altijd al minder ijverig en minder eerlijk waren, minder vaak netjes waren getrouwd en minder vaak naar de kerk gingen, maar dat het steeds erger wordt en de kloof met de bovenklasse steeds groter. Dat alles gaat gepaard met minder sociale betrokkenheid en samenhang en minder verantwoordelijkheidsgevoel . Bovendien groeit de onderklasse. Het aantal mensen dat niet in eigen onderhoud voorziet, zeg maar de onrendabelen, schat Murray conservatief op minstens 20 procent. De Amerikaanse droom verandert in een nachtmerrie.

De feiten die hij heeft verzameld zijn overtuigend en soortgelijke data worden ook bij ons stelselmatig ondergewaardeerd. Bijvoorbeeld dat kinderen die opgroeien in een eenoudergezin meer risico lopen te ontsporen. Wie zo'n analyse schrijft, wordt natuurlijk geacht met oorzaken en oplossingen te komen. Waarom is het arbeidsethos minder geworden? Waarom zijn mensen oneerlijker geworden, scheiden ze vaker en gaan ze minder vaak naar de kerk? Daar waar je de antwoorden verwacht, verandert het boek in een soort pamflet. Want oorzaken en oplossingen worden ondergeschikt gemaakt aan het dogma dat de overheid geen taak heeft bij het bestrijden van de gevolgen van het menselijk tekort of het bevorderen van goede onderlinge betrekkingen. Het heilige uitgangspunt is dat mensen zelf verantwoordelijk zijn voor hun habitus en de gevolgen daarvan moeten dragen. Murray is een van de voorlieden van The American Enterprise Institute, een conservatieve denktank met prominente medewerkers als Newt Gingrich, Richard Perle, Paul Wolfowitz, Dick Cheney en andere neoconservatieve supporters van de Republikeinse partij. In een warrig, soms bijna hysterisch slotbetoog schetst hij een karikatuur van de Europese verzorgingsstaten, die hij bankroet verklaart. Dat die staten gezamenlijk een aanzienlijk lagere staatsschuld en een lager begrotingstekort hebben dan de VS en dat binnen de eurozone de staten in Noord- en Midden-Europa met het beste sociale stelsel er financieel-economisch het beste voorstaan, is hem kennelijk ontgaan. Hij ziet wat hij wil zien.

Ronduit ridicuul is Murrays 'oplossing'. Niet de overheid, maar de Amerikaanse bovenklasse moet de onderklasse weer op het rechte pad brengen. De 10 procent met het hoogste inkomen, die 50 procent van het bruto binnenlands product van Amerika in de zak steekt, moet de onderklasse weer eerlijkheid, huwelijkse trouw, vlijt en vroomheid bijbrengen. Terwijl de onderklasse, de laatste dertig jaar steeds armer gemaakt, de bovenklasse ervaart als ongeveer de grootste criminele organisatie ter wereld. Hoe kunnen mensen als Murray zo bezield en zo verblind zo keihard blijven werken aan de morele ondergang van Amerika?

www.vk.nl/MARCELVANDAM

undefined

Meer over