Cloaca

Een voortreffelijke en vette komedie, maar deze vriendschap lijkt onmogelijk.

Van Maria Goos door Hummelinck Stuurman Theaterbureau, regie Gerardjan Rijnders.

Stadsschouwburg Haarlem, 26 oktober. Tournee t/m 10 februari:

toptheater.nl

Er klopt iets niet aan Cloaca. Maria Goos schreef beslist een bijzonder geestig toneelstuk over een oude club vrienden die elkaar na jaren weer zien. Maar wie naar de nieuwste enscenering ervan zit te kijken, die dit weekend in Haarlem in première ging, gaat zich onherroepelijk toch iets afvragen. Hoe kunnen deze intens onaardige mannen ooit elkaars vrienden zijn geweest?

Want wat ze elkaar allemaal flikken, is niet niks. Dit is toneel over vier klootzakken, voor wie het eigenbelang voorop staat. Als komedie prima te verhapstukken, als drama - dat de voorstelling ook wil zijn - minder.

Gerardjan Rijnders regisseerde deze nieuwe Cloaca bij Theaterbureau Hummelinck Stuurman. En dus kijken we naar twee uur toegankelijk en klassiek toneel, waarin de acteurs centraal staan. Op het podium staat alleen een moderne bank. Daarop en omheen spelen Guy Clemens, Sieger Sloot, Tygo Gernandt en Thijs Römer de vier zogenaamd gezworen vrienden. Rijnders laat ze bijna continu op de hoogste stand door alle verwikkelingen razen.

En dat doen ze niet slecht. Clemens is zelfs erg goed als de timide homo van het stel; een ambtenaar, die op slinkse wijze een stel schilderijen heeft ontvreemd uit het gemeentedepot en daarmee in de problemen komt. Met zijn mooi getimede sarcastische opmerkingen en blikken is hij soms een verademing tussen het gebrul van de drie botterikken waarmee hij opgescheept zit.

Daarvan speelt Sloot de ergste: Joep. Hij is een van zijn vrouw en kinderen weggelopen lul van een politicus, die ook nog op het punt staat minister te worden. Zijn lollige monoloog over al het burgerlijke, huiselijke leed dat hij heeft moeten doorstaan, is zo'n beetje cabaret.

Tygo Gernandt en Thijs Römer maken de groep compleet. Römer als viezige theatermaker, die het stiekem doet met de dochter van de politicus. En Gernandt speelt voor de achtentachtigste keer in zijn carrière een doorgesnoven flierefluiter die - rechtstreeks uit het gekkenhuis - het leven van zijn vrienden nodeloos komt compliceren. Niet gek dat hij dat inmiddels zo overtuigend kan.

Het zijn personages die typecasting uitlokken: vet en luidruchtig. Dat levert vele venijnige grappen op, maar schaadt de geloofwaardigheid van het plot. De toch al schaarse momenten in de tekst waaruit de ooit oprechte vriendschap van deze vier moeten blijken, vallen erbij in het niet.

Zodra komedie moet plaatsmaken voor drama of zelfs tragedie krijgt Cloaca iets geforceerds. Zoals in een veel te lange scène waarin politicus Joep door zijn vrienden op een stripper wordt getrakteerd en pardoes melancholisch wordt. Het werkt hier niet. De tranen voelen vals.

Hetzelfde geldt voor het slot van het stuk, wanneer een van de vier zelfmoord pleegt. Het helpt niet dat Rijnders dit ook nog eens verbeeldt als pure kitsch. Hij laat de acteur in kwestie afgaan en een lichtje aandoen. Het moment heeft nul impact en is een jammerlijk einde aan een verder voortreffelijke komedie.

undefined

Meer over