Nieuws

ChristenUnie wil dat bewindslieden verlof opnemen als Kamerlid

Ministers en staatsecretarissen die na de verkiezingen in de Tweede Kamer worden gekozen, moeten als Kamerlid voortaan direct met verlof gaan. Hun plaats kan dan tijdelijk door een partijgenoot worden ingenomen, zodat de Kamer op sterkte blijft.

Don Ceder (Christenunie) tijdens een commissiedebat in de Tweede Kamer over Afghaanse tolken. Beeld ANP
Don Ceder (Christenunie) tijdens een commissiedebat in de Tweede Kamer over Afghaanse tolken.Beeld ANP

Don Ceder, Kamerlid voor de ChristenUnie, komt woensdag met dit voorstel in een debat over Kamerleden die na de verkiezingen lid van het demissionaire kabinet zijn geworden. Dat draait om Dilan Yeşilgöz (VVD), Dennis Wiersma (VVD) en Steven van Weyenberg (D66) die als Kamerlid demissionair staatsecretaris werden. Toen daar ophef over ontstond, gaven zij eind augustus hun Kamerzetel alsnog op.

Door het toetreden van drie Kamerleden tot het demissionaire kabinet ontspon zich een discussie over de uitleg van de Kieswet en van de Grondwet. Beide verbieden de dubbelfunctie Kamerlid én lid van het kabinet. Maar de Grondwet geeft op deze regel een uitzondering: een minister of staatssecretaris die is afgetreden en daardoor demissionair is, kan wel lid zijn van de Tweede Kamer. Bijvoorbeeld na verkiezingen, totdat er een nieuw kabinet is.

Debat

De Tweede Kamer heeft de Raad van State om advies gevraagd over de uitleg van beide wetten. De raad geeft echter geen uitsluitsel en laat het besluit aan de Tweede Kamer. Die debatteert er vanavond over.

De CU wil de angel uit het debat halen door de aandacht te verleggen naar de werkdruk in de Tweede Kamer. Als demissionaire ministers en staatssecretarissen ook Kamerlid zijn, doen zij nauwelijks mee aan het Kamerwerk, zoals controle van de regering. ‘Het zou zelfs kunnen gebeuren dat zij moeten stemmen over een motie van wantrouwen tegen henzelf', schetst Ceder het dilemma.

Nu zijn nog zeven demissionaire bewindslieden tegelijk Kamerlid – Wopke Hoekstra (CDA), Sigrid Kaag (D66), Mona Keijzer (CDA), Raymond Knops (CDA), Mark Rutte (VVD), Carola Schouten (CU) en Hans Vijlbrief (D66). Dat scheelt zeven van de 150 Kamerleden.

Verlof

Ceder stelt nu voor dat demissionaire bewindslieden voortaan na beëdiging in de Kamer verlof opnemen zoals dat al bestaat voor zwangere en langdurig zieke Kamerleden. Hun plek kan dan tijdelijk worden ingenomen door een partijgenoot. Als zij na de kabinetsformatie geen plek in het nieuwe kabinet krijgen, eindigt hun verlof, vertrekt de vervanger en worden zij alsnog Kamerlid.

‘Zij zijn immers gekozen,’ zegt Ceder, ‘daarom worden ze na de verkiezingen eerst beëdigd om meteen verlof op te nemen. Anders komen ze na de formatie niet in de Kamer als zij niet in het nieuwe kabinet komen en hun vervanger de Kamerzetel niet opgeeft.’

Alleen voor de fractievoorzitters die bij de verkiezingen lijsttrekker waren, wil Ceder een uitzondering maken. Zij kunnen dan de politieke leiding houden over hun fractie en, belangrijker nog, deelnemen aan debatten over het verloop van de kabinetsformatie.

Ooit gold voor het Kamerlidmaatschap van demissionaire bewindslieden een maximumtermijn van drie maanden, maar die is bij de Grondwetsherziening in 1983 geschrapt met de 208 dagen durende formatie van het kabinet-Van Agt I in het achterhoofd.

De benoeming van drie Kamerleden in een demissionair kabinet is nog nooit voorgekomen. Dat nu wel staatssecretarissen in een demissionair kabinet zijn benoemd, gebeurt om de werkdruk van ministers te verlichten en om een vacature te vervullen. De CU wil het presidium vragen een verlofregeling uit te werken. Maar eerst moet de Kamer zich uitspreken over het voorstel.

Meer over