Charlie Hebdo droogt tranen met zwarte humor

'Zij hebben de wapens, wij zeiken ze af, wij hebben de champagne'. Dat is de tekst op de cover van Charlie Hebdo bij de bloedrode tekening - gemaakt door Coco - van een Fransman vol kogelgaten, waaruit het bruisende vocht stroomt; het verhindert hem niet door te gaan met drinken.

Het meest recente nummer van Charlie Hebdo.Beeld Charlie Hebdo

Het eerste nummer na de aanslagen bevat meer onverzettelijkheid en zwarte humor. Zoals vijf blonde cancan-danseressen die 'the show must go on' roepen, terwijl zij vijf linkerbenen omhoog gooien, allemaal tot de knie geamputeerd.

Hoofdredacteur Riss vertelt in zijn commentaar hoe een deel van de redactie op de bewuste vrijdagavond bijeen zat in een restaurant. Pratend zoals zo vaak over de gebeurtenissen op 7 januari, toen een groot deel van hun kameraden door jihadisten werd vermoord. 'Terwijl we onze trauma's en angsten met elkaar delen, komt een van de agenten die met onze veiligheid belast is naar ons toe. Waren jullie nog van plan lang te blijven, fluistert hij ons in het oor. Dan voegt hij toe: er is een aanslag gaande in het Stade de France.' Vliegensvlug rekenden de redacteuren af, op naar huis, 'opgesloten om ons te beschermen tegen de wolven die Parijs zojuist zijn binnengekomen.'

Maar voor Charlie-medewerker Patrick Pelloux, de eerste hulp-arts die in januari als eerste zijn dode en zwaar gewonde kameraden op de redactie aantrof, verloopt de avond heel anders. Hij krijgt een sms 'executies, kom!', zo schrijft hij in het blad. Bizar toeval: juist die ochtend was er een oefening in zijn ziekenhuis met het oog op een aanslag op meerdere plekken, compleet met ontploffingen en kalasjnikovs. 's Avonds is het echt. 'Een strijd in de hel tegen de dood. Geen tijd voor onze emoties.'

Voorafgaand voelen dokters, verplegers en chirurgen zich 'een titaan die krachtig opstaat om levens te redden. We zijn één.' Dan komen de eerste ladingen slachtoffers - een snelle scheiding van doden en levenden, 'we hollen om de dood te ontsnappen naar de operatiekamers.' En vol begrip schrijft hij: 'De eerste artsen die de Bataclan zijn binnen gegaan, zullen nooit meer dezelfde mensen zijn.'

Hoop in deze Charlie Hebdo bieden de tekeningen die vitaliteit en verzet uitstralen. Maar hoofdredacteur Riss doet daar niet aan mee: 'De volgende keer zal het anders zijn. Misschien een vrachtwagen vol explosieven, of nog iets anders dat zelfs de politie niet kan verzinnen. We hebben het gevoel een grote achterstand te hebben op de perversiteit van de terroristen.'

Meer over