Economie

Cao-lonen konden vorig jaar inflatie niet bijbenen, stijging kleiner dan in ‘coronajaar’ 2020

Terwijl de consumentenprijzen afgelopen jaar de hoogte in schoten en de krapte op de arbeidsmarkt records brak, bleven de cao-lonen achter. De loonstijgingen waren kleiner dan in ‘coronajaar’ 2020.

Marieke de Ruiter
Zorgpersoneel tijdens een door FNV georganiseerd zorgprotest in Amsterdam UMC. Beeld Joris van Gennip
Zorgpersoneel tijdens een door FNV georganiseerd zorgprotest in Amsterdam UMC.Beeld Joris van Gennip

Volgens cijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek donderdagochtend heeft gepubliceerd, stegen de cao-lonen afgelopen jaar met 2,1 procent ten opzichte van het jaar daarvoor. Daarmee is de loonstijging 0,3 procentpunt achtergebleven bij de consumentenprijzen, die in de eerste elf maanden van het jaar met 2,4 procent omhooggingen. De lonen stegen ook beperkter dan in 2020, toen werkenden er 2,9 procent bij kregen.

Wie in de horeca werkte, kreeg er vorig jaar het minste bij (0,3 procent). Dit komt doordat die cao vanwege de onzekerheid in de branche werd verlengd onder gelijke voorwaarden. De loonstijging was juist het hoogst in de bedrijfstak overige dienstverlening (3,4 procent), waaronder onder meer de uitvaartbranche valt, gevolgd door de gezondheidszorg.

Dat de loonstijging uit de pas lijkt te lopen met de conjunctuur is niet verwonderlijk: werkgevers en werknemers sluiten hun cao’s voor langere tijd af, waardoor deze niet direct kunnen meeademen met de economie. Gaat het voor de wind, dan volgen de loonsverhogingen later en andersom. Zo bleven de lonen tijdens de historische krimp door de coronacrisis nog even doorgroeien, zelfs in de zwaargetroffen horeca, omdat driekwart van de cao’s al vóór maart was afgesloten. Pas verderop in het jaar werd de daling richting de nullijn ingezet.

Vakbond FNV zou liever zien dat de lonen weer automatisch de prijsstijgingen zouden volgen, zoals in de jaren zestig en zeventig het geval was. In België gebeurt dat bijvoorbeeld nog steeds, daar gaan de loonkosten dit jaar met 4,5 procent omhoog. Volgend jaar komt daar nog eens 2,8 procent bij. Het leidt tot onvrede onder Belgische werkgevers die vrezen dat die oplopende kosten hun concurrentiepositie met buurlanden (zoals Nederland) verzwakt.

Nederlandse werkgevers zien dan ook niets in zo’n automatische indexatie. Sterker nog: in hun visie op het komende cao-seizoen stelde de Algemene Werkgeversvereniging (AWVN) vorige maand terughoudend te willen zijn met forse loonsverhogingen. In cao’s waarin die wel worden overeengekomen, zouden werkgevers de mogelijkheid willen krijgen om daar bij economisch ontij van af te zien.

Meer over