Burgerspeurders houden zich opvallend stil

Sinds een half jaar kunnen inwoners uit Nieuwegein via een telefonisch netwerk assisteren bij politiewerk. Niemand belt. Toch noemt de politie het een succes....

TEKST MICHIEL HAIGHTON

Tring, tring. Bij 54 inwoners van de gemeente Nieuwegein gaat op een gewone woensdagmiddag rond één uur 's middags de telefoon over. Het is Burgernet.

Of de 54 inwoners van de gemeente Nieuwegein vanachter hun raam willen uitkijken naar een 'groene auto met meerdere inzittenden, voor het laatst gezien op de Jachtvalk'. De vraag is op een bandje ingesproken. Met daarbij het verzoek te bellen naar het speciale Burgernetnummer als het gezochte voertuig wordt gesignaleerd.

Om te voorkomen dat deelnemers van Burgernet voor eigen rechter gaan spelen én uit privacy-overwegingen, wordt niet vermeld waarvan de gezochte personen worden verdacht (het verkopen van drugs aan scholieren).

Deze oproep levert geen bruikbare getuigen op; er is niemand die reageert. Na vijftien minuten gaat weer de telefoon bij de 54 Burgernet-deelnemers. 'Het voertuig is aangetroffen, wij weten inmiddels wie de eigenaar is en doen nader onderzoek. Actie beeindigd.' Dat is wat iedereen te horen krijgt. En: 'Bedankt voor uw medewerking.'

Deze gang van zaken is exemplarisch voor het functioneren van het experiment Burgernet. Van de veertien keer dat de politie het afgelopen half jaar via Burgernet de hulp inriep van Nieuwegeinse burgers, was het resultaat eenduidig: vrijwel geen respons. En de keren dat er wél door de 1500 deelnemers werd gereageerd, was de informatie niet bijzonder bruikbaar. Zo werd bij twee acties gebeld door mensen die de melding niet goed hadden begrepen.

In mei van dit jaar is Burgernet ('Een échte held belt') van start gegaan. Het is een telefonisch netwerk waarmee bewoners en ondernemers uit Nieuwegein bij urgente zaken de politie kunnen assisteren. Zoals bij de vermissing van een kind of inbraak op heterdaad.

Burgernetdeelnemers ontvangen van de politiemeldkamer automatisch een telefonisch bericht (alleen op de vaste telefoon) om uit te kijken naar een duidelijk omschreven persoon of voertuig. Op het moment dat een deelnemer de gezochte perso(o)n(en) signaleert, kan hij of zij naar een speciaal nummer bellen. De telefonist die bij de centrale het telefoontje aanneemt, ziet meteen wie er belt en waar hij woont. Als er verschillende mensen bellen, kan makkelijker het spoor van de verdachte worden gevolgd en kan de politie sneller een aanhouding verrichten. Zo doet de Nieuwegeinse burger dienst als ogen en oren van de politie.

Althans, zo luidt de theorie. Vooralsnog is de politie in Nieuwegein nog steeds op zichzelf aangewezen. De burgerrechercheurs houden zich opmerkelijk stil.

Jankees van Baardewijk is projectleider, bedenker en initiatiefnemer van Burgernet, maar hij is geenzins uit het veld geslagen door het uitblijven van respons. Het is vooral een kwestie van 'gewenning' dat er nog zo weinig wordt gebeld, vermoedt hij. 'Mensen voelen toch schroom om de telefoon te pakken. Maar liever drie keer voor niets gebeld, dan één keer te weinig.'

Het kan ook zijn dat de Burgernet-deelnemers gewoon niets opvalt, hoe goed ze ook vanuit hun huiskamer de straat af speuren. Een mogelijke verklaring hiervoor is volgens Van Baardewijk dat de dader al is gevlogen op het moment dat de deelnemers worden gebeld door Burgernet. 'Er zit vaak teveel tijd tussen het binnenkomen van een melding bij 112 en het uitgaan van telefoontjes naar de deelnemers van Burgernet. Dat moeten we verder perfectioneren.'

Ook bij de meldkamer van de politie (112) moeten de centralisten duidelijk nog wennen aan het idee van Burgernet. De burgerspion wordt niet vaak ingezet: veertien keer in zes maanden tijd.

Volgens het hoofd van de politiemeldkamer, Rob Siebelink, hebben ook zijn medewerkers nog een 'bepaalde mate van schroom' te overwinnen voordat zij Burgernet inschakelen; vooral in de nachtelijke uren. 'Een deelnemer van Burgernet wakker bellen, dat vinden veel centralisten geen prettig idee.' Dat is overigens helemaal niet nodig, voegt hij daaraan toe. 'De meeste deelnemers hebben aangegeven het geen enkel probleem te vinden 's nachts gebeld te worden.'

Te vaak bellen is trouwens ook niet de bedoeling, volgens Siebelink. 'Dat draagt niet bepaald bij aan het vergroten van het veiligheidsgevoel.'

En dat is nou precies de bedoeling van Burgernet. De burger moet zich veiliger gaan voelen. Het is niet per se nodig dat Nieuwegein dankzij het initiatief ook daadwerkelijk veiliger wordt. 'Alhoewel dat natuurlijk mooi is meegenomen', zegt Van Baardewijk. Belangrijker dan boeven pakken is dat het gat wordt gedicht tussen het gevoel van onveiligheid en de cijfers die daar volgens Van Baardewijk niet mee in overeenstemming zijn. 'Door met de burger concrete en actuele informatie te delen, geef je hem grip op zijn eigen veiligheid.'

In februari 2005 wordt Burgernet geëvalueerd. Aan de hand van de uitkomst wordt besloten of het project doorgaat en of het eventueel ook in andere Utrechtse of Nederlandse gemeenten wordt ingevoerd. Van Baardewijk is vol vertrouwen over een eventueel vervolg. Een onlangs gehouden tussenevaluatie laat zien dat de deelnemers zeer tevreden zijn over Burgernet. 'Eigenlijk is de proef al geslaagd.'

Meer over