Buitenlandse Zaken onderneemt niets tegen kantoor van Dev Sol

Het ministerie van Buitenlandse Zaken zal niets ondernemen tegen de opening van een kantoor van de politieke tak van de Turkse links-extremistische organisatie Dev Sol in Amsterdam....

Van onze verslaggever

AMSTERDAM

Dev Sol wordt in verband gebracht met een groot aantal aanslagen op Turkse instellingen in Turkije en andere Europese landen, waaronder Nederland. Wanneer het informatiebureau zich aan de Nederlandse wet houdt, zal Buitenlandse Zaken het DHKC niets in de weg leggen, aldus het ministerie. De gemeente Amsterdam stelde zich woensdag op hetzelfde standpunt.

Door de oprichting van informatiebureaus in verschillende Europese steden wil de in Turkije verboden organisatie gaan lobbyen bij politiek en media, aldus de woordvoerder van het DHKC in Amsterdam. De organisatie van Turkse Koerden in Nederland, het Koerdisch Informatie Centrum, steunt het nieuwe bureau. 'Zolang ze binnen de wettelijke mogelijkheden blijven en informatie geven, lijkt ons er niets op tegen', zegt Koerden-woordvoerder A. Gundi.

Het Koerdisch informatiecentrum beschouwt zich als de voorloper van de Koerdische ambassade die men 'als vertegewoordiger van het Koerdische volk' ooit hoopt te kunnen openen. Gundi: 'In die zin zijn we niet vergelijkbaar met het DHKC. Wij hebben te maken met een probleem van nationaliteit terwijl zij vooral vechten voor democratische rechten. Een ander verschil is dat we hier veertigduizend Koerden vertegewoordigen.' De aanhang van Dev Sol en DHKC in Nederland wordt geschat op enkele honderden personen.

Volgens het ministerie van Buitenlandse Zaken is de opening van het informatiebureau niet te vergelijken met de 'eenmalige' kwestie van het Koerdisch Parlement dat in april toestemming kreeg in Nederland te vergaderen. Daarover ontstond een diplomatiek conflict met de Turkse regering, dat vrijwel is bijgelegd.

Vestigingen van in het buitenland verboden politieke groeperingen worden doorgaans niet gefrustreerd zolang ze de Nederlandse wet respecteren, aldus de zegsman. Zo zijn vestigingen getolereerd van de indertijd verboden Palestijnse bevrijdingsorganisatie PLO en het Zuidafrikaanse ANC, de verboden Filipijnse communistische partij CPP en de verboden Iraanse oppositiegroepering Mujaheddin.

Meer over