'Buitenlanders eruit' roept heel Azië

Alpinisten zweven aan lange lijnen door de kolossale hal om klanten te lokken naar het winkel- en vermaakcentrum Kemayan, de nieuwste aanwinst van de Maleisische stad Johor Bahru....

TOINE BERBERS

Van onze correspondent

Toine Berbers

JOHOR BAHRU

Het immense complex ruikt nog naar verf. 'In nog geen twee jaar uit de grond gestampt', meldt Kemayan-ontwikkelaar Alfred Gan vol trots. Dankzij tweeduizend Indonesische bouwvakkers, voegt hij er terloops aan toe. Waar die nu zijn? 'We hebben ze allemaal ontslagen. Er was geen werk meer', zegt Gan zonder omhaal van woorden.

Vlak voor er een eind kwam aan de opwindende groeijaren in de Maleisische economie haalde Gan nog honderden arbeiders naar Johor Bahru, dat met duizelingwekkende snelheid moest worden getransformeerd van slonzige grensstad tot net zo'n propere metropool als het naburige Singapore. Maar nu het geld voor nieuwe projecten op is, vliegen ze zonder pardon de laan uit. 'Die mensen hebben geen enkele opleiding', legt Gan uit.

Wat er met zijn vroegere personeel is gebeurd houdt hem niet bezig, maar de projectontwikkelaar maakt zich wel zorgen over de enorme golf van ontslagen in zijn land: 'Wat moeten we beginnen met een miljoen Indonesiërs zonder werk en zonder geld?' Terugsturen is voor hem de enige oplossing.

Maleisië voelt zich door de nabijheid van 200 miljoen Indonesiërs het meest bedreigd, maar het staat niet alleen met de deportaties van afgelopen weken. Ook Thailand, nog zwaarder getroffen door de crisis, wil af van zijn Birmese, Bengalese en Chinese werknemers. 'We hebben niet eens genoeg banen voor onze eigen mensen. Hoe kan men van ons verwachten voor buitenlanders te zorgen', riep minister Surin Pitsuwan van Buitenlandse Zaken uit. Zijn regering zet 300 duizend Birmezen de grens over.

De roep 'buitenlanders eruit', weerklinkt van Zuid-Korea tot de Filipijnen. 'We moeten ons preparen op de crisis. Als we daarvoor meer eelt op onze ziel moeten krijgen, dan is dat jammer', schreef Singapore's Straits Times ferm. 'Singapore moet, om het bot te zeggen, eerst voor zichzelf zorgen.' En hoewel de stadstaat bij lange na niet zo zwaar getroffen is als de buurlanden, nemen de autoriteiten het initiatief met strenge straffen. Enkele honderden illegalen zijn tot vijf stokslagen en zes weken gevangenisstraf veroordeeld. Ook een koppelbaas kreeg met de roe.

Bouwvakkers die wel over de juiste papieren beschikken zijn evenmin veilig. Maleisië kondigde in januari aan dat alle buitenlanders het land uit moeten. Dat is nu veranderd in 200 duizend.

De plotse mentaliteitsomslag komt voor de Indonesische gelukszoekers in Johor Bahru als een donderslag bij heldere hemel. Tot voor kort werden ze nog aangemoedigd om - legaal of illegaal - naar Thailand of Maleisië te komen. 'Er was altijd genoeg werk', herinnert Kesi zich. Kesi, die zijn achternaam niet wil geven, had geluk. Na voltooiing van Alfred Gans winkelcentrum vond hij werk als metselaar bij een nieuw complex in het stadscentrum, waar karakteristieke winkeltjes van goudsmeden en tapijtverkopers de strijd verliezen van betonnen en glazen kantoortorens.

Kesi kwam met twee vrienden over uit Sumatra. Maar hun kameraadschap overleefde de crisis niet. De één beproeft nu zijn geluk in Kuala Lumpur en de ander is terug naar huis. 'Hij kreeg genoeg van de Maleisiërs.' Kesi merkt zelf ook dat hij de laatste maanden onheus wordt bejegend op straat, maar gaat er liever niet op in.

Hij en zijn nieuwe collega's hopen dat de crisis in Johor Bahru minder hard zal toeslaan. Door de devaluatie van de Maleisische ringgit is de zuidelijke provinciehoofdstad opeens een koopjesparadijs geworden voor Singaporezen. Hun dollar is veel minder in waarde gedaald. Waren vroeger vooral bordelen, nachtclubs en andere in de strenge stadstaat verboden ondeugden reden voor een bezoek aan 'JB', nu doen kruideniers en geldwisselaars zaken als nooit tevoren.

Maar Johorse tycoons als Alfred Gan weten dat deze bedrijvigheid maar schijn is. De omvang van de crisis drong tot hen door toen de regering twee weken geleden de groeiverwachting halveerde. De regering heeft getracht het slechte nieuws zolang mogelijk achter te houden, maar nu rollen de rampspoedtijdingen over elkaar heen. Sommige economen denken dat de golf faillissementen Maleisië alsnog zal dwingen om net als de collega-tijgers aan te kloppen bij het IMF.

De schrik heeft het laagje solidariteit tussen de etnisch verwante Maleisiërs en Indonesiërs weggeschuurd. 'Als één neef in de problemen raakt, kun je hem nog helpen, maar als het er tien zijn niet meer,' zegt Chandra Muzaffar, hoogleraar politieke wetenschappen in Kuala Lumpur. 'De Indonesische dreiging aan onze horizon groeit snel, want er is een menselijke tragedie in aantocht', voorspelt ze. 'Wij hebben de middelen niet om honderdduizenden armoedzaaiers op te vangen.'

Tot in Australië zijn politici ongerust over het sociale kruitvat in Indonesië. In het noordwesten zijn kampen voor bootvluchtelingen in gereedheid gebracht. Er werd alarm geslagen in de regio toen de Chinese middenstand het doelwit werd van etnische rellen. Maar de aanvankelijke paniek heeft plaatsgemaakt voor diepe zorg. De lont naar het kruitvat is langer dan de meeste buurlanden veronderstelden.

Meer over