Briljante psychiater die zelf depressief werd

Hij leerde Nederland omgaan met depressies, maar werd zelf uiteindelijk peilloos diep depressief: prof. dr. P.C. Kuiper. Dankzij het enige medicijn dat hij altijd had ontraden, kwam hij er weer uit....

Zonder het intieme verslag van zijn eigen depressie was de deze week overleden prof. dr. P.C. Kuiper (82) beroemd gebleven onder vakgenoten. Voor collega's was Kuiper de ambitieuze, soms ijdele maar vooral uitstekende psychoanalyticus die als hoogleraar psychiatrie en auteur van studieboeken een belangrijk stempel drukte op de Nederlandse psychiatrie tussen de jaren zestig en tachtig.

Piet Kuiper was hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam, waar hij ook aan het hoofd stond van de psychiatrische universiteitskliniek. Hij is auteur van de standaardwerken Hoofdsom der Psychiatrie, Nieuwe Neuroseleer en De mens en Zijn Verhaal. Zeker twintig jaar was het als student in de psychiatrie onmogelijk aan zijn invloed te ontsnappen.

In 1983 evenwel werd de professor zelf ziek. Hij gleed weg in het kaliber peilloos diepe depressie dat hij in theorie wel had beschreven, maar nooit aan den lijve had gevoeld.

De ontmoeting met de werkelijkheid viel niet mee. Kuiper werd opgenomen in psychiatrische klinieken en pas na drie jaar uit het dal gesleurd. Dat gebeurde dankzij het enige medicijn (een MAO-remmer) dat hij wegens risicovolle bijwerkingen in zijn Hoofdsom der Psychiatrie ernstig had ontraden.

Als gebeurtenis was het 'hoogst onwaarschijnlijk en buitengewoon gezocht', noteerde hij later zelf. Maar het boek dat hij op aanraden van zijn psychiater W. Nolen schreef, werd een bestseller. Ver Heen was de titel die, mede dankzij een optreden in de talkshow van Adriaan van Dis, een recordoplage bereikte van 130 duizend exemplaren.

Voor patiënten en bijna-patiënten was het boek een geruststellende reisgids door de psychose. 'Ik wist dat het erg was, maar niet zó erg', zei hij in een interview met de Volkskrant. 'Ik kende niet de absolute ondraaglijkheid van de kwelling. Je kunt het niet uithouden. Je kunt niet zitten, niet staan, geen enkele activiteit ontplooien. Drie kwartier sjoelbakken: afschuwelijk. Je doet het alleen omdat helemaal niets doen nog ondraaglijker is. En ik dacht: ook in mijn leven heb ik er altijd naast gemikt.'

Zijn ervaring als patiënt veranderde Kuipers visie op de psychiatrie overigens niet. De theorie klopt, schreef hij, en de oorzaak van zijn ziekte liet zich volgens klassieke patronen analyseren. Een tegenstander van medicijngebruik tegen depressies was hij nooit geweest, en die opvatting werd door zijn persoonlijke ervaring gesterkt. Als patiënt had hij zelfs de omstreden elektroshock willen ondergaan om uit de ziekte te worden gewekt.

Met aandacht voor zichzelf had Kuiper weinig moeite, tot op het niveau dat door meer ingetogen vakgenoten verdacht werd gevonden. Ook nadat hij een tweede keer van de depressie terugkeerde, bleef de emeritus hoogleraar een geliefde gesprekspartner van de media.

Vijf jaar geleden opende hij een expositie van zijn schilderijen waarvan de eersten in arbeidstherapie werden vervaardigd. 'Gaan de heren mee naar het therapeutisch fröbelen?', luidde de oproep destijds van de verpleegster in de Valeriuskliniek.

Een beetje narcist was hij wel, erkende een openhartige Kuiper in een van zijn laatste interviews. 'Maar ach, dat is zo'n platgetreden kwalificatie'.

Meer over