nieuws

Braziliaanse fiscus zit Unilever op de hielen en eist miljarden

Unilever wordt achternagezeten door de Braziliaanse fiscus vanwege een aanzienlijke openstaande rekening. Omgerekend gaat het om 2,9 miljard euro, wat neerkomt op bijna de helft van de totale nettowinst van het levensmiddelenconcern in 2020.

Hoofdkantoor van Unilever in Londen.  Beeld Reuters
Hoofdkantoor van Unilever in Londen.Beeld Reuters

Unilever wordt achternagezeten door de Braziliaanse fiscus vanwege een aanzienlijke openstaande rekening. Omgerekend gaat het om 2,9 miljard euro, wat neerkomt op bijna de helft van de totale nettowinst van het ­levensmiddelenconcern in 2020.

Het grootste deel van de openstaande som (2 miljard euro) moet het bedrijf betalen vanwege een reorganisatie in 2001. Voor de herstructurering zou destijds volgens de Braziliaanse belastingdienst geen ‘geldig zakelijk doel’ zijn geweest. Volgens NRC, dat de zaak opdiepte, zou met de reorganisatie belasting zijn ontweken door ­Unilever Brasil.

In zijn jongste jaarverslag maakt het voormalig Nederlands-Britse ­Unilever, dat sinds november vorig jaar volledig Brits is, melding van het ‘belangrijke financiële risico’ (een key audit matter in accountantstaal) dat het bedrijf in Brazilië loopt. Door de ‘grote complexiteit in de Braziliaanse belastingstructuur’ zegt Unilever moeilijk te kunnen inschatten wat de uiteindelijke uitkomst zal zijn van de belastingkwestie.

Risicopost

Dat Unilever (onder meer Dove, Unox, Ben & Jerry’s, Vegetarische Slager en Omo) het lastig heeft met de Braziliaanse fiscus, blijkt wel uit de overige zeshonderd belastingzaken die tegen het concern lopen in het land. Tezamen zijn ze goed voor een risicopost van 650 miljoen euro.

Dat de totale fiscale stroppenpot, ­inclusief de zaak rond de reorganisatie, in Brazilië ‘beperkt’ blijft tot een kleine 3 miljard euro, is een wisselkoerskwestie. De in 2020 verslechterde koers van de Braziliaanse real ten opzichte van de euro werkt in het voordeel van Unilever. Hierdoor daalde de belastingschuld in het land van 3,4- in 2019 naar 2,9 miljard euro in 2020.

Tegen de vermeende belasting­ontduiking met de reorganisatie aan het begin van deze eeuw ging Unilever in verzet. Met succes. Een rechter gaf Unilever gelijk, maar in 2013 en de ­jaren erna werden vanwege dezelfde kwestie nieuwe zaken aangespannen.

Lang proces

Volgens het jaarverslag acht Unilever de kans klein dat de Braziliaanse ­belastingautoriteiten uiteindelijk alsnog gelijk krijgen van de rechter, maar er is volgens het bedrijf ook geen garantie dat het niet zal ­moeten betalen. Het juridische proces zal, zo schrijft Unilever, jaren in beslag gaan nemen. Op aanvullende vragen over mogelijke gevolgen van de ­belastingzaken in Brazilië wil het ­levensmiddelenconcern niet ingaan.

NRC maakte maandag melding van meerdere foutieve interne transacties. Zo zou Unilever Brasil de eigen dochtermaatschappij Unilever Brasil Alimentos hebben gekocht om inkomstenbelasting te ontlopen. Ook zouden de dochterondernemingen Unilever Industrial en Unilever Comercial in Brazilië producten tegen een lage, interne prijs verhandelen en verkopen voor een veel hogere prijs, om vervolgens over het lagere bedrag belasting te betalen.

Een rechter oordeelde ook al eens dat een fiscale route tussen Brazilië en Nederland niet zuiver is. Eind 2019 lag er het vonnis dat Unilever Brasil ten onrechte de rente over een lening bij Unilevers Netherlands HoldCo aftrok van de belastbare winst in Brazilië. Waardoor de Braziliaanse fiscus erbij inschoot.

‘Verhuisboete’

Met de Nederlandse belastingdienst krijgt Unilever mogelijk ook nog te schaften. Het voormalig Nederlands-Britse bedrijf hangt een ‘verhuisboete’ boven het hoofd voor het verplaatsen van het hoofdkantoor van Rotterdam naar Londen.

Na de rel rond het afschaffen van de dividendbelasting – een vurige wens van Unilever – en de plannen die volgden om van het Brits-Nederlandse Unilever een volledig Brits bedrijf te maken met het hoofdkantoor in Londen, kwam GroenLinks met de spoedwet voor een verhuisboete.

De wet voorziet erin dat bedrijven die verhuizen naar een land zonder ­dividendbelasting eerst moeten afrekenen met de belastingdienst. De regeling zou Unilever op een nabetaling van 11 miljard euro komen te staan.

Volgens Unilever is een dergelijke wet strijdig met allerlei wetten en verdragen. Reden om de verhuizing naar Londen door te zetten. Het wetsvoorstel van GroenLinks moet nog worden behandeld in de Tweede en Eerste ­Kamer.

Dat de top van Unilever het nog niet helemaal heeft gehad met Nederland, bleek in april. Bij de bekendmaking van de cijfers over het eerste kwartaal zei topman Alan Jope de theetak van Unilever, die wordt afgesplitst, naar de Amsterdamse beurs te willen brengen.

De Schot wees erop dat het hoofdkwartier van de theedivisie in Nederland wordt gevestigd en een notering aan het Damrak daarom de meest ­logische optie is. Met daarbij de kanttekening, mogelijk verwijzend naar de verhuisboete, dat Nederland ‘aantrekkelijk blijft voor multinationals’.