'Brabant moet een beetje zoals vroeger blijven'

Wat heeft Rudi Fuchs, directeur van het Stedelijk in Amsterdam, gemeen met Wouter van Dieren, lid van de Club van Rome?...

Van onze verslaggever

DEN BOSCH

Brabant, daar zijn ze opgegroeid of groot geworden. Daar hebben ze geleefd en vaak een stukje van hun hart verloren. Van dat Brabant vrezen ze nu dat het zelf een stukje van zijn warm kloppend hart gaat verliezen omdat het 'aan zijn eigen succes ten onder dreigt te gaan'. Zo staat het in ieder geval te lezen in het Manifest 2050, dat deze 'beroemde Brabanders' gisteren het licht deden zien in het Noordbrabants Museum in Den Bosch.

Er is veel voor vergaderd, op ouderwets Brabants-bourgondische wijze gedineerd, gedelibereerd en gebrainstormd. Er is in glazen bollen gekeken en ouderwets degelijk gerekend en getekend. En het resultaat, dat stijlvol gepresenteerd werd, staat vol met de bezorgde geluiden die je in de meeste toekomstvisies tegenkomt: er dreigt een tweedeling in de maatschappij van 'haves and have-nots'. De wegen raken verstopt, de industrie en de intensieve landbouw stoten te veel rotzooi uit. En als de natuur daaraan al niet ten onder gaat, dan is het wel aan de fantasieloze stads- en dorpsuitbreidingen.

Weinig 'nieuws' dus. Maar toch reden genoeg om er aandacht voor te vragen en te zoeken naar oplossingen, vinden de ondertekenaars van het manifest, die werden geleid door oud-NRC-hoofdredacteur en tegenwoordig Philips-man Ben Knapen. Want al deze in principe zelfs mondiale ontwikkelingen zullen misschien wel sneller dan elders en in versterkte vorm in Brabant gaan plaatsvinden. Omdat het economisch zwaartepunt van Nederland steeds meer die kant opschuift. Omdat de Randstad al bijna vol is gebouwd en de zandgronden van het zuiden bussen vol met projectontwikkelaars lokken.

'Langs de doorgaande wegen rijgen de bedrijfsterreinen zich aaneen. Nergens zijn de gevolgen van ongebreidelde suburbanisatie zo zichtbaar als hier. Talrijk zijn de dorpen die vormeloos uit hun jasje zijn gegroeid en de steden die maar geen stad lijken te worden', staat in Brabant 2050. Het is tijd om aan de bel te trekken. 'Brabant moet niet naïef volgzaam en afhankelijk de toekomst tegemoet treden, maar als een voorwaarden stellende partner met meer zelfvertrouwen en ambitie.'

De provincie Brabant was trekker van dit project. 'Maar het manifest is absoluut geen provinciale beleidsnotitie', zegt een woordvoerder. Het is de bedoeling dat haar inwoners en dan vooral de beleidsmakers in dorp en stad de boodschap ter harte nemen en er in hun dagelijks leven wat mee doen. Dat ze kritisch kijken naar hun toekomst en die van hun kinderen. Of zoals Knapen zei: 'U mag u distantiëren van bepaalde zaken in dit stuk, maar niet van de gedrevenheid en inspiratie die erin is gelegd.'

Ten grondslag aan het Manifest liggen tien degelijke, deels wetenschappelijk essays over de toekomst van Brabant. Daarop hebben de ondertekenaars een toekomstvisie geënt die soms reëel, soms toch wat zweverig lijkt. 'Haalbaarheid' stond niet in het woordenboek van ondertekenaars, gaf Knapen toe.

Het zal niet verbazen: 'duurzaamheid en kwaliteit van de leefomgeving' zijn randvoorwaarden. De zorgzame samenleving moet terug. En daar zijn ze weer: de ecologische waterrijke gordels, de vennen en moerasbossen. '20 Duizend hectaren nieuwe natuur in 20 jaar. Minstens', heet het.

De actiepunten liegen er ook niet om: een schonere industrie; een gedragscode voor de landbouw; gemeenten en provincie mogen milieubelasting heffen. En Brabant moet de eerste provincie met een snelfietswegennet worden. En als er één miljoen woningen gebouwd moeten worden, mag dat dan een beetje fantasievol? 'Liever tien maal een Gooi dan drie maal een Zoetermeer: liever 25 maal een Oosterhout of Oirschot dan het importeren van de compacte vervreemding.'

Daarnaast is het een beetje 'houden wat we hebben', vinden de ondertekenaars van het manifest. Vroeger was zo slecht nog niet. 'Het was misschien wel armer toen, maar niet ongelukkiger. De appels aan de bomen, de zandbergen, de kerken en minder stress, da's zeker.'

Meer over