Bosnische Serviërs bedreigen blauwhelmen in Zepa Moslim-strijders bereiken Tuzla

Zeker drieduizend Moslim-soldaten uit de door de Serviërs veroverde enclave Srebrenica zijn maandag aangekomen in het door het Bosnische leger beheerst gebied....

Reuter, AFP, AP

TUZLA

In kleine groepen kwamen de gewapende Moslim-mannen de zogenoemde Sapna-regio ten oosten van Tuzla binnen, na een voettocht van dagen door Servisch gebied, zo maakten Bosnische functionarissen gisteren bekend. Vlakbij de frontlijn werden ze beschoten door Servische troepen. Het Bosnische regeringsleger kwam de vluchtelingen daarop te hulp. De meeste strijders herenigden zich met hun gevluchte familie in Tuzla.

Vorige week dinsdag veroverden de Bosnisch-Servische eenheden de Moslim-enclave Srebrenica. Zo'n 23 duizend mensen werden door de Serviërs op bussen en vrachtwagens gezet en aan de frontlijn nabij Kladanj gedumpt. De meesten van hen zijn naar Tuzla overgebracht. Afgezien van de onduidelijkheid over het lot van zeker vijfduizend Moslim-mannen die werden opgepakt op verdenking van het plegen van oorlogsmisdaden, groeide de afgelopen dagen de zorg om duizenden vermisten.

De mannen die gisteren de frontlinie overstaken behoren tot die laatste groep, maar met hun komst zijn nog steeds niet alle vermisten terecht. Volgens woordvoerder Kris Janowski van de Unhcr in Sarajevo groeit het aantal gevluchte strijders uit Srebrenica nog. Velen hebben zich verzameld bij het dorpje Medjedja, sommigen van hen zijn gewond.

Over de zeker vijfduizend Moslim-mannen die werden opgepakt om te worden ondervraagd in verband met 'oorlogsmisdaden' is nog steeds niets officieel bekend. Er gaan geruchten over mishandeling van de mannen. Een deel wordt vastgehouden in Bratunac, ten noorden van Srebrenica. Het Internationale Rode Kruis (ICRC) heeft 'in principe' toestemming gekregen hen te bezoeken, maar vooralsnog krijgen de hulpverleners 'om veiligheidsredenen' geen toegang tot de gevangenen.

Het ICRC is gisteren begonnen met de evacuatie van gewonden uit Bratunac (46) en van de VN-basis Potocari, waar de Nederlandse blauwhelmen nog toezicht houden op het vertrek van de 59 gewonden.

De Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen van de Verenigde Naties, Sadako Ogata, veroordeelde maandag de laatste golf van 'etnische zuiveringen' door de Bosnische Serviërs. Zij bezocht gisteren de vluchtelingen die zich nog in tentenkampen nabij het vliegveld in Tuzla bevinden. Hulpverleners schatten dit aantal op zo'n 16 duizend, de anderen hebben in Tuzla onderdak gezocht bij familie, vrienden of kennissen. De vluchtelingen vertelden Ogata van mishandelingen en verkrachtingen door de Bosnische Serviërs.

In de Moslim-enclave Zepa dreigden de Bosnische Serviërs de Oekraïense blauwhelmen gisteren te beschieten als zij om NAVO-luchtsteun vragen. De Serviërs omsingelden gisteren observatiepost nummer 2, in het zuidelijke deel van de enclave dat zij in handen hebben. Volgens VN-woordvoerder Alexander Ivanko hebben ze mijnen rondom de post gelegd, alwaar zich nog acht VN'ers ophouden.

De Serviërs staan nog op ruim een kilometer van Zepa-stad. Vrijdag gaven zij de Moslim-strijders en de 79 VN'ers opdracht de wapens neer te leggen. De Moslims hebben daarop de meeste Oekraïners hun wapens afgepakt om zich te kunnen verdedigen tegen de Serviërs. NAVO-vliegtuigen patrouilleren boven de enclave, maar bevelhebbers achten het gebied te bergachtig en te slecht overzienbaar om tot luchtaanvallen over te gaan.

De Oekraiënse minister van Defensie Valeri Sjmarov zei gisteren dat Kiev voorbereidingen treft om de blauwhelmen uit het gebied te halen. De internationale gemeenschap lijkt zich al te hebben neergelegd bij het verlies van Zepa. In Brussel bespraken ministers van Buitenlandse Zaken van de Europese Unie de mogelijkheid van de evacuatie van de bevolking die wordt geschat op zo'n tien- tot vijftien duizend mensen.

Na de inname van Zepa zullen de Serviërs zich naar verwachting richten op de verovering van de laatste enclave in het oosten, Gorazde. Daar leven zo'n 60 duizend Moslims.

Meer over