Borst wil privé-klinieken wettelijke status geven

Minister Borst van Volksgezondheid wil privé-klinieken onder bepaalde voorwaarden een wettelijke status geven. Zij werkt aan een noodwet, waarin de voorwaarden voor erkenning staan omschreven....

Van onze verslaggeefster

Jet Bruinsma

DEN HAAG

De speciale wet, die een beperkte, maar nog onbekende looptijd zal krijgen, moet nog in het kabinet worden besproken. Dat gebeurt, als Borst kan vasthouden aan het tijdschema dat haar voor ogen staat, nog vóór de zomervakantie.

Of de wet nog voor de verkiezingen van volgend voorjaar door Tweede en Eerste Kamer kan worden behandeld, is zeer de vraag. Als het kabinet voor de zomer akkoord zou gaan met de wet, moet de Raad van State er nog advies over uitbrengen, voor het voorstel bij de Tweede Kamer kan worden ingediend. Dat kan maanden duren.

Volgens de noodwet zijn privé-klinieken verboden. Maar klinieken - de wet spreekt van niet-klinische medische behandelcentra - die een overeenkomst hebben gesloten met een algemeen ziekenhuis, kunnen een vergunning krijgen. Die overeenkomst betekent niét dat een privé-kliniek onderdeel moet zijn van dat ziekenhuis. Het ziekenhuis dient als een soort 'achterwacht' voor het geval er complicaties optreden.

Voorts moet de zorg in de niet-klinische centra aan de gangbare kwaliteitseisen voldoen. Ook moet de behandeling in aanmerking komen voor vergoeding door het ziekenfonds. Staaroperaties bijvoorbeeld zitten in het ziekenfondspakket, maar een borstvergroting die medisch niet-noodzakelijk is, niet.

Een aantal privé-klinieken - onder andere de Jan van Goyen-kliniek in Amsterdam en het Oogheelkundig Medisch Centrum in Haarlem - voldoen nu al grotendeels aan de voorwaarden van de noodwet.

Het wetje zet de deur open voor nieuwe privéklinieken. Twee specialisten - bij voorbeeld oogartsen of orthopeden - die samen een praktijk willen opzetten, kunnen vergunning krijgen voor een 'niet-klinisch behandelcentrum', mits zij aan de eisen van de wet voldoen.

Voorwaarde is wel dat de patiënt voor de behandeling niet langer dan 24 uur in de kliniek hoeft te verblijven. Het is individuele specialisten thans al toegestaan om praktijk aan huis te voeren. Vroeger was dat voor oogartsen heel gebruikelijk en het komt nog steeds voor. Maar de meeste specialisten oefenen als 'vrijgevestigde' hun praktijk uit in een ziekenhuis.

De noodwet maakt een eind aan de gedoogstatus die sinds het begin van de jaren negentig van kracht was voor privéklinieken. Die status hield in dat de verzekeraars alleen het honorarium van de specialist mochten vergoeden. Andere kosten - voor medicijnen, verband, het gebouw, de verpleegster - kwamen niet voor vergoeding in aanmerking. In dat beleid werd eind vorig jaar een bres geslagen door het College van Beroep voor het Bedrijfsleven.

Drie klinieken - Jan van Goyen, de Oogkliniek Rijswijk en Holystaete in Vlaardingen - hadden met suuces geprotesteerd tegen het verbod om de patiënt een 'neventarief' in rekening te brengen, naast het specialistenhonorarium. Door deze rechterlijke uitspraak was Borst genoodzaakt om een wettelijke status te creëren voor de privé-klinieken. Dat gebeurt nu met deze noodwet.

De niet-klinische behandelcentra vallen tot dusver onder geen enkele wet. Dat is het gevolg van het feit dat zij maximaal 24 uur zorg bieden.

Meer over