Bolivia wil zijn strand terug

De zee, Bolivianen hunkeren er naar. Sinds 1879 is het land zijn strand kwijt, maar nu eist Bolivia zijn verloren terrein aan de Stille Oceaan terug van Chili....

Van onze correspondent Cees Zoon

Als de Bolivianen van iets dromen is het van een dagje naar het strand. Hun eigen Boliviaanse strand, wel te verstaan. En daar kijken hoe de Boliviaanse vissers de zee op gaan en met volle netten terugkeren. En hoe zij beschermd worden door de Boliviaanse marine, die na een eeuw werkloosheid weer aan de slag gaat.

Het probleem is: Bolivia heeft geen strand en geen zee. Naast Paraguay is het het enige land van Latijns Amerika dat volledig is ingesloten door andere landen. Maar dat is niet altijd zo geweest. Het strand van Bolivia is ingepikt door Chili. Dat hebben de Bolivianen heel lang morrend geduld, maar nu hebben zij het offensief geopend dat tot teruggave van de uitweg naar zee moet leiden.

President Mesa en zijn ministers stellen het onderwerp veelvuldig aan de orde. Zij hebben de Verenigde Naties gevraagd te bemiddelen en tijdens de recente top tussen Latijns Amerika en de Europese Unie in Mexico verstoorden zij de rust door de kwestie op de agenda te willen zetten. Tot woede van de Chilenen die het als een bilateraal probleem zien. Laten we eerst maar eens diplomatieke betrekkingen aangaan, zegt de Chileense president Lagos, daarna kijken we wel verder.

De heimwee naar de zee zit diep. Wie de website van de krant EL Diario bezoekt, wordt ontvangen met het geluid van klotsende golven en beelden van driemasters met de Boliviaanse vlag op volle zee. 'Zee voor Bolivia', meldt de openingspagina, dat is voldoende ter herinnering.

Grenzen zijn doorgaans vastgesteld na oorlogen en de oorlogen dikwijls ingegeven door economische motieven. In 1879 brak de Pacific-oorlog uit tussen Chili en Peru dat de steun kreeg van Bolivia. De Chilenen en de Britse eigenaren van de Chileense mijnen hadden hun oog laten vallen op de kopermijnen van Chuquicamata en de salpeter van Antofagasta. Het Chileense leger was veel sterker en stootte door tot in de Peruaanse hoofdstad Lima.

Na de aftocht van de Chilenen waren de grenzen verlegd. Chili was een stukje langer geworden, Peru had zijn zuidelijkste punt verloren, maar het grootste slachtoffer was Bolivia, dat zijn verbinding met de Stille Oceaan kwijt was. De nu bloeiende Chileense stad Antofagasta was niet langer de haven van Boliviaanse vissers.

Het herstel van die verbinding is sindsdien de repeterende droom van de Bolivianen. De eis speelt in alle politieke campagnes, want het zou de oplossing zijn van zo goed als alle problemen van het armste land van Zuid-Amerika. Politici die het trauma vergeten komen in ernstige problemen.

Dat ondervond vorig jaar president Gonzalo Shez de Losada, die het onzalige idee kreeg de export van het Boliviaanse aardgas via een terminal op Chileense bodem te sluizen. Het plan was de vonk voor een volksopstand die Shez de Losada dwong het land te ontvluchten.

Zijn opvolger Mesa heeft de boodschap begrepen. Op 18 juli mogen de Bolivianen zich in een referendum uitspreken over wat het land met zijn grote gasbel aanmoet. Belangrijk zijn natuurlijk de vragen over de semi-nationalisering van het gas, maar minstens zo cruciaal is vraag nummer vier: 'Bent u het eens met de politiek van president Carlos Mesa om het gas te gebruiken als een strategisch middel voor het verkrijgen van een bruikbare en soevereine uitweg naar de Stille Oceaan?'

Bolivia meent dat het met de gasbel een fantastisch wapen in handen heeft om in elk geval een corridor naar zee af te dwingen. Het zuiden van Zuid-Amerika kampt met een ernstige energiecrisis en de buurlanden zitten te springen om het Boliviaanse gas.

Eerder dit jaar sloot Mesa een overeenkomst met Argentinioor de levering van gas, maar op de uitdrukkelijke voorwaarde dat dit land 'geen molecuul Boliviaans gas' zou doorverkopen aan erfvijand Chili. Toen Argentiniind vorige maand aankondigde de export van gas naar Chili op te voeren, kwam de reactie uit La Paz onmiddellijk: Bolivia zal zijn contract met Argentinierzien.

Het gas is een buitenkans voor het arme land. 'Bolivia kan het Noorwegen van Zuid-Amerika worden', zei Julio Gavito, directeur van de Spaanse multinational Repsol die de gasvoorraden nu beheert. 'Beide zijn grote landen en dun bevolkt. Noorwegen is rijk geworden van het gas, waarom zou Bolivia dat niet kunnen?'

Maar dan zal het land er zelf de zeggenschap over moeten krijgen, vindt president Mesa. Bolivia heeft slechte ervaringen met de opbrengst van zijn bodemschatten. In de koloniale tijd was het de grootste zilverproducent en in de vorige eeuw de belangrijkste exporteur van tin. In beide gevallen werd het land er niet beter van, het bleef straatarm.

Mesa vraagt in het referendum om de 'soevereiniteit over de grondstoffen' en een verhoging van de belasting over het gas van 18 naar 50 procent. Alleen uiterst links en de ondernemers zijn tegen het referendum. De eersten nemen geen genoegen met minder dan een volledige nationalisatie, de laatsten noemen het gebruik van het gas als drukmiddel om een uitweg naar zee te krijgen chantage. De meeste Bolivianen hebben er geen moeite mee, die willen te graag weer naar hun eigen strand.

Meer over